Week 1
In Nederland zijn 114.140 vluchtelingen/ asielzoekers. 13,7% van de bevolking is niet-westerse
migrant, 10,5% westerse migrant.
Geschiedenis migratie NL
- 2e helft migratie 19e eeuw: Nederlandse kolonies.
1960: guest workers, bijv. uit Turkije/ Marokko
- ’00: arbeids-/ kennis-/ economische migranten, bijv. uit Polen
- Fluctuerende golven uit conflictgebieden
- Tot 1980 werd migratie gezien als tijdelijk.
- Vanaf de ’80 zag men in dat het niet tijdelijk is; multicultural approach, integratie werd belangrijker.
Veel sprake van werkloosheid/ schooluitval
- Vanaf ’90: inburgerings-/taalcursussen. Segregratie door scholen, migranten gingen naar de
openbare scholen. Veel delinquentie
- ’00: meer succesvolle integratie, debat over integratie, culturalization
- vanaf 2011/2012: shift naar arbeidsmigratie
Binnen de EU is er sprake van vrije migratie voor werk. NL heeft een restrictie ingesteld op het
werken van arbeidsmigranten.
Berry’s acculturation model
Individual persepctive Maintenance of heritage culture
+ -
Contact host culture + Multiculturality Melting pot
Integration Assimilation
- Segregation Exclusion
Segregation Marginalisation
Integratie is het beste voor het psychologische en sociaalculturele welzijn.
Crul & Schneider (2014) laten zien dat de manier van assimileren contextafhankelijk is, ook het
succes hiervan. In Duitsland gaan kinderen bijv. laat naar school, dit is vaak niet goed voor het leren
van de taal. In Duitsland moet ook snel een niveau gekozen worden voor kinderen, dit blijkt ook geen
succesfactor. Daarnaast hebben ook vooroordelen en stereotypering van de host culture invloed op
het succes van integratie.
Tweede generatie heeft vaak veel contacten in de buurt
,Kagitcibasi
Kritiek op dit model: stigmatiserend, vaak is er ook sprake van zowel individualisme als collectivisme.
Developmental niche(Super)
Cultuur heeft invloed op de ontwikkeling van het kind. Er is in de ontwikkeling sprake van culturele
normen, bijv. kind wel of niet in eigen bed, waar speelt een kind? In dit model is er sprake van
homeostase en balans, is er een verandering in 1 van de aspecten, reageren de andere aspecten.
Er zijn drie componenten in de ‘developmental niche’: physical and social settings in which the child
lives, the customs of child care and child rearing, the psychology of caretakers.
, 2 visies op ontwikkeling; proces van groei (psychologie) of als leren, zelfs een proces van het kneden
van algemene patronen en gedragingen (antropologie)
Week 2
Afgelopen jaren zijn verschillende modellen (Bronfenbrenner, Vygotsky en Rogoff& Weisner)
samengevoegd tot één model waarin cultuur is toegevoegd.
Figuur 1 Bronfenbrenner
In de theorie van Vygotsky is cultuur een belangrijk
concept. Hierin bemiddelt cultuur menselijke
ervaring en transformeert menselijke activiteit.
Cultuur is dat waarin activiteiten plaatsvinden.
Cultuur kan helpend zijn in wat een kind kan.
In de theorie van Thomas Weisner voorziet de
cultuur kinderen in ontwikkelingspaden.
Rogoff: cultuur zit in de term “community routines”
welke richtlijnen biedt om te kunnen participeren in
de samenleving
Vanuit deze modellen is een nieuw model ontwikkeld waarin cultuur onderdeel is van bestaande
contexten in relatie tot het individu.
In Nederland zijn 114.140 vluchtelingen/ asielzoekers. 13,7% van de bevolking is niet-westerse
migrant, 10,5% westerse migrant.
Geschiedenis migratie NL
- 2e helft migratie 19e eeuw: Nederlandse kolonies.
1960: guest workers, bijv. uit Turkije/ Marokko
- ’00: arbeids-/ kennis-/ economische migranten, bijv. uit Polen
- Fluctuerende golven uit conflictgebieden
- Tot 1980 werd migratie gezien als tijdelijk.
- Vanaf de ’80 zag men in dat het niet tijdelijk is; multicultural approach, integratie werd belangrijker.
Veel sprake van werkloosheid/ schooluitval
- Vanaf ’90: inburgerings-/taalcursussen. Segregratie door scholen, migranten gingen naar de
openbare scholen. Veel delinquentie
- ’00: meer succesvolle integratie, debat over integratie, culturalization
- vanaf 2011/2012: shift naar arbeidsmigratie
Binnen de EU is er sprake van vrije migratie voor werk. NL heeft een restrictie ingesteld op het
werken van arbeidsmigranten.
Berry’s acculturation model
Individual persepctive Maintenance of heritage culture
+ -
Contact host culture + Multiculturality Melting pot
Integration Assimilation
- Segregation Exclusion
Segregation Marginalisation
Integratie is het beste voor het psychologische en sociaalculturele welzijn.
Crul & Schneider (2014) laten zien dat de manier van assimileren contextafhankelijk is, ook het
succes hiervan. In Duitsland gaan kinderen bijv. laat naar school, dit is vaak niet goed voor het leren
van de taal. In Duitsland moet ook snel een niveau gekozen worden voor kinderen, dit blijkt ook geen
succesfactor. Daarnaast hebben ook vooroordelen en stereotypering van de host culture invloed op
het succes van integratie.
Tweede generatie heeft vaak veel contacten in de buurt
,Kagitcibasi
Kritiek op dit model: stigmatiserend, vaak is er ook sprake van zowel individualisme als collectivisme.
Developmental niche(Super)
Cultuur heeft invloed op de ontwikkeling van het kind. Er is in de ontwikkeling sprake van culturele
normen, bijv. kind wel of niet in eigen bed, waar speelt een kind? In dit model is er sprake van
homeostase en balans, is er een verandering in 1 van de aspecten, reageren de andere aspecten.
Er zijn drie componenten in de ‘developmental niche’: physical and social settings in which the child
lives, the customs of child care and child rearing, the psychology of caretakers.
, 2 visies op ontwikkeling; proces van groei (psychologie) of als leren, zelfs een proces van het kneden
van algemene patronen en gedragingen (antropologie)
Week 2
Afgelopen jaren zijn verschillende modellen (Bronfenbrenner, Vygotsky en Rogoff& Weisner)
samengevoegd tot één model waarin cultuur is toegevoegd.
Figuur 1 Bronfenbrenner
In de theorie van Vygotsky is cultuur een belangrijk
concept. Hierin bemiddelt cultuur menselijke
ervaring en transformeert menselijke activiteit.
Cultuur is dat waarin activiteiten plaatsvinden.
Cultuur kan helpend zijn in wat een kind kan.
In de theorie van Thomas Weisner voorziet de
cultuur kinderen in ontwikkelingspaden.
Rogoff: cultuur zit in de term “community routines”
welke richtlijnen biedt om te kunnen participeren in
de samenleving
Vanuit deze modellen is een nieuw model ontwikkeld waarin cultuur onderdeel is van bestaande
contexten in relatie tot het individu.