Biopsychosociaal model
Wat speelt er op psychisch stuk
Wat speelt er op sociaal gebied
Naast het biomedische
Definitie gezondheid
Gezondheid is een toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welzijn en niet
slechts afwezigheid van ziekte of andere lichamelijke gebreken.
--> drie pijlers van bio psychosociaal model
--> WHO
gezondheid is bij deze definitie zeer zeldzaam.
Gezondheid is het vermogen om zich aan te passen en een regie te voeren, in het licht van fysieke,
emotionele en sociale uitdagingen in het leven.
--> gebroken been is in dit geval ook ziek want je kan niet alles meer doen dus niet volledige regie
deze definitie gaat niet alleen om symptomen, maar ook om factoren die op een positieve manier
kunnen bijdragen aan een gezond leven.
Deze definitie stelt hulpverleners in staat om zich meer op de hele persoon te richten dan alleen op
de ziekte en om meer rekening te houden met het gewenste niveau van functioneren, positieve
gezondheid.
Casus man 55 jaar, met diabetes mellitus type 2
1. Biomedische: heeft een afwijkend metabolisme dus een ziekte, maar voelt zich misschien
niet ziek
2. Sociaal: hij moet rekening houden, kan bijv niet onbezorgd mee uiteten gaan met vrienden.
3. Psychisch: door wisselende suikerspiegel kan hij psyschische bijwerkingen hebben. Ook moet
hij accepteren dat hij een ziekte heeft.
Vrouw met acne
1. Biomedisch: huidafwijking
2. Psyschisch; moeilijk omdat iedereen het ziet
3. sociaal: ze kan minder worden geaccepteerd
Biopsyschosociaal model wetenschappelijk opgebouwd
Je kan discussiëren over de wetenschappelijke onderbouwing. Het model is echter wel functioneel.
Het helpt om ziekte en gezondheidsvraagstukken bespreekbaar te maken, te bestuderen en niet
alleen via de vernauwde blik van biomedische afwijken en oorzaak-gevolg denken. Het helpt op
complexiteit van gezondheids- en ziektevraagstukken te blijven zien en erkennen en tegelijkertijd
hier grip op te krijgen.
,Hoorcollege Met een klacht naar de dokter: de pre-medische fase.
De manier waarop je vragen stelt is heel belangrijk.
Individuele zorg: Zorg leveren aan één patiënt.
Populatiegerichte zorg: meer beleidsmatig kijken naar de gezondheid van een populatie. Wat kan ik
doen om gezondheid te bevorderen dan wel ziekte te verminderen.
Dr. X kijkt eerst of de patiënt therapie trouw is geweest --> heeft hij zich aan de therapie gehouden.
Premedische fase: wat voorafgaat aan het besluit om voor een klacht een arts te raadplegen.
Zo krijg je een idee over de mentale staat van de patiënt, om te weten hoelang hij er al
mee rondloopt.
Het kan aangeven hoe ernstig de klacht is.
Het is belangrijk om te weten waarom de patiënt er nu meekomt terwijl ze er soms al lang
mee lopen: waarom maakt het dat u nu met deze klacht naar de dokter komt. Misschien heeft hij er
last van, op internet dingen gezien, klacht wordt erger. Misschien zijn er juist mensen die voor elke
zucht naar de dokter gaat
Het geeft inzicht in cognities en de emoties van de patiënt. Met dit inzicht kan hij de
hulpvraag van patiënt beter begrijpen en kan hij zijn info over de oorzaak van de klachten en het te
verwachten beloop van de klachten beter afstemmen op wat de patiënt weet.
Het geeft inzicht in het ziektegedrag. Wat adequaat kan zijn voor het verbeteren van de
klacht of minder adequaat. Arts kan zijn info hierop afstemmen.
Geeft inzicht in het beloop van de klacht tot nu, waardoor hij de klacht medisch beter kan
duiden
Het geeft inzicht over de pt voorkeuren als die een rol spelen bij de beleidskeuze
Als je het zorgvuldig registreert kan het ook relevantie informatie geven voor
wetenschappelijk onderzoek
Vraagverheldering. --> hulpvraag duidelijk maken.
Somatische aspecten van een klacht: lichamelijke klachten
Cognitieve aspecten van een klacht: mentale klachten, de gedachten van een klacht bijv wat hij
denkt dat het is. Gedachten.
Emotionele aspecten van een klacht: hoe je je erover voelt
Gedragsmatige aspecten van een klacht: wat hij al heeft gedaan tegen de klacht
Sociale aspecten van een klacht: wat de gevolgen zijn van de klacht bijv hij kan niet meer werken,
vrouw heeft er last van. Maar ook bijv oorzaken bijv door werk moet ik altijd mijn nek optillen.
Wensen en verwachtingen vragen --> wat verwacht de patient van de dokter.
Diagnostische strategie: het herkennen van een patroon
--> toetsen van hypothese.
Nodig voor herkennen patroon:
Kennis mogelijke oorzaken
Kennis natuurlijk beloop klachten
Kennis mogelijke oorzaken afwijkend beloop klachten
Kennis bijkomende symptomen bij onderliggende aandoening
Kennis waarde van lichamelijk en aanvullend onderzoek in bevestigen dan wel verwerpen
diagnose.
,Contecxtinformatie
1. Om de klacht nog beter te begrijpen vanuit patiënt perspectief
2. Om de klacht nog beter te begrijpen vanuit medisch perspectief
3. Om zorg op maat te kunnen leveren.
Context op macroniveau: cultuur waarin wij leven, Nederlandse zorgsysteem (vb ADHD)
Maatschappij waarin wij leven: wat is afwijkend. Kennis gezondheidszorg in het algemeen.
Context op mesoniveau: directe omgeving (vb tuinders subcultuur of managerssubcultuur)
Context op microniveau: kennis van de patiënt zelf. zoals beschikbare tijd voor het consult, tijdstip
van de dag, arts patiëntrelatie (vb frequente spreekuurcontacten).
Context op sub microniveau: consultvoeringsvaardigheden (bv verkrijgen van meer of minder
betrouwbare informatie afhankelijk van gehanteerde gesprekstechnieken en mindset).
Wees je bewust van de setting waarin het consult zich afspeelt (bv. eerste hulp,
spreekkamer, op zaal, nieuwsberichten
Verzamel context informatie om de klacht te kunnen duiden vanuit pt perspectief (2e S van
de SCEGS). Waarom komt de patiënt nu en wat wil ze van me.
Verzamel context informatie om de klacht te kunnen duiden van uit medisch perspectief (de
gerichte anamneses, onderdeel context van de 7 dimensies van de hoofdklacht). Waren er al eerdere
klachten en/of operaties.
Verzamelcontext informatie om samen met de patient het meest passende beleid te
kunnen kiezen (de algemene anamneses of een deel ervan)
Disease: wat er biomedisch afwijkend is
Illness: Hetgene waar de patiënt last van heeft.
Sickness: de rol die je daar bij aanneemt.
Ziektecognitie: Gedachten en interpretaties van symptomen of ziekte
Pre-medische fase:
Wat voorafgaat voor het raadplegen
Ervaren van lichamelijke sensatie
Betekenis geven aan de lichamelijke sensatie (niet normaal, afwijkend)
Ziekenrol aannemen (in meerdere of mindere mate)
Ziektegedrag vertonen (afwachten, leken raadplegen, internet raadplegen enz.)
Van lichamelijke sensatie naar klacht.
Gewaardworden
Interpreteren als abnormaal, te veel, te vaak etc.
Toeschrijven aan onschuldige verklaring (bv weinig slapen of ziekteoorzaak)
Nadenken over klacht: oorzaak, gevolg, behandelmogelijkheden
Disease mongering: Dit is een term voor het proces waarbij de grenzen tussen ziek en niet-ziek worden
Opgerekt om zo nieuwe afzetmarkten te creëren.
Attributie: toewijzing/ koppeling. Persoonlijke verklaring voor het ontstaan en/of het instant blijven van
klachten.
Self-efficacy: mate waarop iemand zichzelf in staat acht invloed uit te oefenen op eigen klachten.
Locus of control: geeft aan in hoeverre iemand een externe verantwoordelijke aanwijst voor hoe het
gaat.
, Vormen ziektegedrag
Niets doen
Leken raadplegen (internet, omgeving enz.)
Zelfzorg
Complementaire geneeswijzen (aanvullende behandelingen op reguliere geneeswijze)
Proessionele reguliere medische hulp (arts)
HC: medische ethiek
Context belangrijk bij casus:
1. Doet hij dit in zijn eentje of met zijn vrienden/ vereniging.
2. Hoe groot is hij oftewel hoeveel alcohol kan hij hebben zegmaar
3.Waarom doet hij het
4. Hoelang doet hij het: een jaar of pas een maand.
Wat is normaal?
Wat is afwijkend?
Ethiek: reflectie op het goede om te doen
Context geneeskunde: medische ethiek.
Medisch ethiek: 4 principes
Respect voor autonomie.
Wat wil iemand en dat respecteren.
Mensen moeten een bepaalde vrijheid hebben.
Hoe gaan we om met mensen met afwijkingen zonder hen autonomie te disresepecteren
Niet schaden. Hoe kan je zo min mogelijk schade aanbrengen om toch het goede te doen. Is
voordeel groter dan nadeel?
Weldoen : Je moet iemands welzijn actief bevorderen. Niet alleen levensverlenging maar ook
kwaliteit van leven. Verschil niet-schaden: hier handel je actief, daar moet je dingen laten.
Rechtvaardigheid. Wat is eerlijk bijv aan wie geef je meer aandacht. Hoe veel geld gaat
waarnaartoe. Hoeveel bedden hebben we, wie heeft de meeste voorrang.
Medische ethiek: vertrouwen
Binnen medisch context, op eigen manier: beroepsgeheim --> artseneed
Patiënt durft zich kwetsbaar op te stellen en te vertellen wat medisch relevant zou kunnen
zijn.
Patiënt durft om zorg te vragen omdat zij weet dat de informatie niet gedeeld wordt.
(Raakt aan toegankelijkheid van zorg)