Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 21 pages
Summary

Samenvatting CALO - Turnen 3LO semester 1

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 21 pages

Samenvatting van het rode BAVO boek.

Content preview

Bewegingsonderwijs voor de Basisvorming –
Turnen
Uitgangspunten:
 Betekenisgebied = verzameling activiteiten met een
overeenkomstige structuur met betrekking tot het verplaatsen of het
motorische aspect.
Springen – zwaaien – balanceren.
 Gemeenschappelijk kenmerk; loskomen van de begane grond met
behulp van toestellen of apparaten. In complexiteit laten toenemen;
bij het loszijn richtingveranderingen maken  m.n. draaien voor-
en/of achterover.
 Bewegingsproblemen:
 Springen = loskomen door afzetten vanaf iets met betrekking
tot het loszijn of zweven.
 Zwaaien = loskomen door hangen aan of steunen op iets met
betrekking tot het losblijven komen en/of het losblijven.
 Balanceren = loskomen door gaan of staan op iets of iemand
met betrekking tot het uit evenwicht raken.
 Bewegingsprobleem; oproepbaar en uitbouwbaar.
 Turnactiviteiten moeten spannend en uitdagend zijn + het risico
moet niet zodanig gaan overheersen dat de leerlingen erdoor
worden overspoeld.
 Leren turnen doe je in groepsverband; doeners, wachters en helpers.

Eindtermen:
o Het kunnen verrichten van taken die het met elkaar beoefenen van
turnactiviteiten mogelijk maken.
o Vanaf verschillende vlakken kunnen afzetten en tijdens het zweven
meerdere richtingsveranderingen kunnen realiseren.
o Aan verschillende toestellen op meerdere manieren in zwaai kunnen
komen, in zwaai kunnen blijven en uit de zwaai kunnen komen.
o Op verschillende begrensde grondvlakken op en boven de grond in
evenwicht kunnen komen en blijven.

Springen
Minimaal twee verschillende afzetvlakken gebruiken  het geleerde
binnen dit betekenisgebied wint hierdoor aan wendbaarheid, doordat
leerlingen hun springprestaties kunnen vergelijken in relatie tot het
gebruikte afzetvlak.

Globale lijn van makkelijk naar moeilijk.
Niveau Springen, waarbij geen draaien voor- en/of achterover plaatsvindt 
1 rechtstandig springen.
Niveau Springen van eenvoudige richtingsveranderingen, waarbij het plaatsen
2 van de handen niet behoeft te worden uitgesteld  passeersprongen.
Niveau Springen van eenvoudige richtingsveranderingen, waarbij het plaatsen
3 van de handen moet worden uitgesteld  over bredere vlakken of

, grotere afstand tussen het afzetvlak voor de voeten en het afzetvlak
voor de handen.
Niveau Springen van complexer richtingsveranderingen zoals salto’s en
4 overslagen.

Springactiviteiten aanpassen/ veranderen:
o Lengte en hoogte van aanloop-/ aanspringvlakken.
o Hoogte en breedte van afzetvlakken voor de handen.
o Aard en hoogte van landingsvlakken.

Aanvangsactiviteiten:
o Meerdere springactiviteiten met rechtstandig springen aanbieden.
o Acceptatie van het hulpverlenen, als noodzakelijk bij het leren
springen, speelt een belangrijke rol.

Belangrijke aandachtspunten:
 Regelmatig + met voldoende tempo aanlopen naar de minitramp.
 Met een zeker gemak aanspringen naar de minitramp.
 Een behoorlijke zweefvlucht oproepen door goed gebruik van de
minitramp.
 De opgeroepen zweefvlucht zodanig aankunnen, dat ze veilig
kunnen landen.
 In staat en bereid zijn om elkaars springen te ondersteunen en te
beveiligen.

Wanneer er niet gesprongen wordt  minitramp op de zijkant zetten.

Rechtstandig springen vanuit aanlopen.
Aanbieden;
 Arrangement; minitramp + landingsmat. Aanloopvlak van
maximaal 12 meter.
 Leervoorstel; De springer neemt een rustige aanloop, springt in de
minitramp en maakt een rechtstandige sprong.
Hulpverlenen  klemgreep om het middel  springer uit de lucht
plukken.
Begeleiden;
o Helpers; klaarstaan vlak achter de minitramp.
o Springers; letten op verdeling van het aanlopen ten opzichte van het
aanspringen en deze beiden weer in relatie tot het stijgen en dalen.
Veranderen; tempo van aanlopen verhogen, inhurken of spreidhoeken
tijdens het zweven.

Jo-joen met doorgeven.
Aanbieden;
 Arrangement; minitramp aflopend naar kast + kast in de breedte
en op kniehoogte van iemand van gemiddelde lengte die in de
minitramp staat + landingsmat.

Document information

Study
Uploaded on
January 7, 2016
Number of pages
21
Written in
2015/2016
Type
Summary
$4.74
Purchased by 27 students

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Rmondt
3.7
(21)
Sold
81
Followers
55
Items
9
Last sold
1 year ago

Reviews from verified buyers



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions