100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Biologie Nectar vwo 4 Hoofdstuk 6 Soorten en Populaties 4e editie

Rating
-
Sold
3
Pages
5
Uploaded on
25-08-2022
Written in
2022/2023

Een samenvatting van het biologieboek Nectar voor vwo 4 4e editie. Het hele hoofdstuk over Soorten en Populaties, in een bestand overzichtelijk weergegeven.

Level
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Secondary school
Level
Course
School year
4

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstuk 6
Uploaded on
August 25, 2022
Number of pages
5
Written in
2022/2023
Type
Summary

Subjects

Content preview

Nectar Biologie Samenvatting H6 VWO 4
Paragraaf 1 Verwantschap tussen soorten
Tot voor kort gebruikten biologen twee criteria om vast te stellen of
individuen tot dezelfde soort behoorden: overeenkomst in uiterlijke
kenmerken en de mogelijkheid om vruchtbare nakomelingen te krijgen.
Tegenwoordig gebruiken biologen informatie uit een DNA- onderzoek als
aanvulling.

Binominale naamgeving (wetenschappelijke naam) bestaat uit 2 delen;
geslachtsnaam (met een hoofdletter) gevolgd door een soortaanduiding
(met een kleine letter).
Ondersoort – geografisch afgescheiden groep soortgenoten met iets
afwijkende kenmerken. Taxonomie – wetenschap die soorten indeelt in
groepen. De taxonomie plaatst organismen bijeen in steeds grotere
groepen; organismen  soorten  geslachten  families  orden
 klassen  afdelingen  rijken  domeinen
Door het fokken van dieren of het kweken van planten ontstaan variaties (rassen).

Taxonomen gebruiken domeinen als de hoogste groep. Zij onderscheiden
drie domeinen, elk met een eigen rRNA, de archaea, de bacteriën, en de
eukaryoten. Archaea zijn net als bacteriën prokaryoten, eencellig zonder
kernmembraan. Hun cirkelvorming DNA ligt los in de cel. De bouw van
het celmembraan bij archaea wijkt af van dat bij beide andere groepen.
Het membraan bestaat uit een enkele laag fosfolipiden met vetachtige
(isopreen) staarten. De celmembranen van bacteriecellen en eukaryote
cellen hebben een dubbele laag fosfolipiden.

Genen die met
een constante
snelheid
muteren,
vormen voor
biologen een
moleculaire
klok.
Met behulp
hiervan kunnen
ze vast- stellen
welke soorten
er verwant zijn
en hoelang die
soorten al op
aarde
aanwezig zijn. Nauw verwante soorten hebben een vrijwel gelijk
hemoglobinegen. Hoe meer verschillende mutaties biologen in het gen
aantreffen, hoe minder nauw verwant de soorten zijn en hoe langer
geleden ze van een gemeenschappelijke voorouder zijn afgesplitst.

De grens tussen soorten is vaag. Soms kruisen verschillende soorten met
elkaar en krijgen ze levensvatbare nakomelingen: hybriden. Meestal zijn
hybriden onvruchtbaar, zodat een verdere vermenging van soorten niet
optreedt. Sommige diersoorten hebben ongeslachtelijke voortplanting.

, Paragraaf 2 Populaties
Populaties – groepen organismen van dezelfde soort in een bepaald
gebied. Om de populatiegrootte te bepalen kun je dieren tellen. De
populatiegrootte van grote aantallen kleine organismen kun je beter
schatten. Omdat dit soms vrij onnauwkeurig is, gebruiken ze soms de
vangst-terugvangst methode. N = (n1 x n2) : n3

Groei van een populatie van een groep kan toenemen door geboorte en
immigratie, afnemen door sterfte en emigratie.

Van alle factoren die de populatiegrootte bepalen, is er altijd een
die de groei van een populatie het meest belemmert: de beperkende
factor.
Genetische diversiteit – genetische variatie in een populatie. De inbreng
van andere genen maakt de kans dat de populatie een bepaalde ziekte
overleeft, groter.
Inteelt – paren met individuen uit de populatie die directe familie zijn. Dit
kan de populatie kwetsbaar maken.

Versnippering – opdelen van het leefgebied van een soort in kleine
stukken. De noodzakelijke uitwisseling van genetisch materiaal met niet
familieleden neemt dan sterk af. Er komt geen ‘vers bloed’ meer in de
populatie, inteelt ligt op de loer.
Ontsnippering – delen van het versnipperde gebied met elkaar verbinden
(ecoducten, rivieren).

Herintroductie – opnieuw uitzetten van een diersoort die uit de habitat is verdwenen.

Paragraaf 3 Soorten in hun
omgeving Biotische factoren –
invloeden van levende
organismen.
Abiotische factoren – ‘niet
levende’ factoren.
Habitat – leefomgeving van een
plant en dier, met de specifieke
biotische en abiotische eisen van
een soort.
Standplaats – habitat van planten.
De specifieke eisen aan de
leefomgeving verschillen per
soort, ook al leven ze in
hetzelfde gebied.

Voor elke abiotische factor kent
een organisme een, optimum –
waarde van de milieufactor
waarbij hij het best gedijt.
Tolerantiegrenzen – de
minimum- en maximumwaarde.
Buiten deze grenzen blijft geen
enkel organisme van die soort
in leven.
De meeste organismen leven in het
$4.18
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
MatthijsWillemsen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
21
Member since
3 year
Number of followers
12
Documents
19
Last sold
6 months ago

5.0

1 reviews

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions