100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting 2024 Rechtsbescherming Tegen de Overheid (8,5 gehaald)

Rating
-
Sold
3
Pages
68
Uploaded on
02-08-2022
Written in
2023/2024

8,5 met deze samenvatting behaald - Uitgebreide samenvatting van de Hoor- en werkcolleges inclusief alle benodigde arresten!

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
August 2, 2022
Number of pages
68
Written in
2023/2024
Type
Summary

Subjects

Content preview

Samenvatting Rechtsbescherming Tegen de Overheid

, Hoorcollege 1

Recht op toegang tot de rechter in geschillen met de overheid?
 Grondwet maakt dit mogelijk (art. 112 lid 2 Gw) 
o ‘Kunnen’ worden opgedragen, maar dat hoeft blijkbaar niet.
 Art. 115 Gw  administratief beroep (bedoeld als eindvoorziening/eindinstantie).

Arrest Benthem  administratief beroep is geen onafhankelijke rechtspraak, ook in zaken
tegen de overheid. Dit was i.s.m. art. 6 EVRM (recht op onafhankelijke en onpartijdige rechter).
Dit was het einde van het Kroonberoep.

Recht op toegang tot de rechter?
Art. 6 EVRM: burgerlijke rechten en verplichtingen en strafrechtelijke vervolging
 Wat is de relevantie voor bestuursrechter?

Hof: kiest een autonome uitleg van art. 6 EVRM. Het hele bestuursrecht valt onder art. 6 EVRM
met uitzondering van een paar takken.

De uitgezonderde takken worden hieronder geschaard en dus is het hele bestuursrecht gedekt:
 Art. 47 Handvest: ‘Eenieder wiens door het recht van de Unie gewaarborgde rechten en
vrijheden zijn geschonden (..)’

Burgerlijke rechter of bestuursrechter?
Art. 112 lid 2 Gw  geschillen die te maken hebben met besluiten zijn voor de bestuursrechter.

Als de weg naar een bestuursrechter openstaat, mag je niet naar een andere rechter. Je moet
tegen besluiten naar de bestuursrechter.

Andere geschillen die publiekrechtelijk van aard zijn kunnen ook worden voorgelegd (art. 6
EVRM en Art. 47 Handvest) en kunnen dus ook via de civiele procedure worden behandeld.

Waar zit de bestuursrechter?
 Bestuursrechter zit deels in de rechterlijke macht en deels daarbuiten (art. 1:4 Awb).
 Art. 2 Wet rechterlijke organisatie rechterlijke macht – rechtbanken, gerechtshoven en
de Hoge Raad.
 Niet tot de rechterlijke macht behoren: CRvB, CBb en ABRvS
 In beginsel is er geen cassatie mogelijk in het bestuursrecht.
 Organisatie van de bestuursrechtspraak is verbrokkeld met 4 hoogste bestuursrechters.

,Constitutionele positie van de rechter I: verhouding rechter - bestuur
 Besturen vergt belangen afwegen. Hoe indringend dient de rechter te toetsen wanneer
aan het bestuursorgaan beleidsruimte is toegekend?
 Doctrinaire terughoudendheid: marginale toetsing (‘de rechter mag niet op de stoel van
het bestuur gaan zitten’)

 Een uiting van de marginale toetsing is de willekeurtoetsing (Doetinchemse
woonruimtevorderingsarrest 1949).

 Met de Awb werd art. 3:4 lid 2 Awb geïntroduceerd.

Toetsing van de uitoefening van discretionaire bevoegdheden en art. 3:4 lid 2 Awb
ABRvS Praxis/Maxis: met art. 3:4 lid 2 Awb is een tot het bestuur gericht voorschrift
geïntroduceerd waarmee niet is beoogd de rechterlijke toetsing te intensiveren ten opzichte
van de rechtspraak, zoals die zich had ontwikkeld onder de vigeur van art. 8 lid 1 onder c van de
Wet Arob (verbod van willekeur)

 De rechtbank had zich dienen te beperken tot de vraag of sprake is van zodanige
onevenwichtigheid van de afweging van de betrokken belangen, dat moet worden geoordeeld
dat appelanten sub 1 niet in redelijkheid tot verlenging van de gevraagde vrijstelling hebben
kunnen komen.

 De ABRvS lijkt hier echter van te zijn teruggekomen, zie bijv. de Alcoholslotzaak (r.o.
5.4). We zien een tendens naar indringender toetsing.
o Is dit een geschikt middel om het doel te realiseren?  Doel: minder slachtoffers
door dronken bestuurders.
o Er mankeert iets aan het alcoholslot  1. De maatregel viel veel duurder uit dan
was ingeschat (cursus + slotkosten). Sommigen konden dit niet betalen en
hadden dus geen slot, waardoor ze een bepaalde tijd niet mochten rijden. Is dit
niet onevenredig? 2. Mensen die moesten rijden voor beroep of bedrijf moesten
ook in die auto’s een slot laten inbouwen, dit wilde de werkgevers niet. Ook is dit
een schending van vrijheid van beroep en bedrijf.

Praxis/Maxis zei dat je niet mocht toetsen aan 3:4 lid 2 Awb, maar dat is toch gebeurd in
de Alcoholslotzaak.

Er was ook een uitzondering op Praxis/Maxis, want die gold altijd al bij toetsing van punitieve
sancties: bij punitieve sancties dient de rechter een uitzondering te maken op de
terughoudende toetsing door art. 3:4 lid 2 Awb aldus toe te passen dat hij beoordeelt of
evenredigheid bestaat tussen de ernst van de verweten overtreding en de zwaarte van de
opgelegde sanctie.  Dit is wellicht na de Alocholslotzaak ook komen te vervallen.

, Constitutionele positie van de rechter II: verhouding rechter - wetgever
“Het uitgangspunt in onze democratische rechtsstaat is dat in de rechtsvorming het primaat bij
de wetgever en het bestuur ligt, waarbij de rechter het concrete handelen toetst aan het recht.
Dit uitganspunt is in de praktijk minder herkenbaar”.
 Rechters passen wet- en regelgeving toe, maar creëren soms ook recht. Zie de
Groningse gaswinningszaak, zie de Urgenda-zaak.
 Soms moet de rechter het product van de wet- of regelgever rechtstreeks toetsen:
onrechtmatige wetgeving (Alcholholslotzaak)
 Past een rechtsvormende taak wel bij de rol van de rechter in de trias politica, of is
rechtsvorming door de rechter een maatschappelijke noodzakelijkheid die juist
aantoont dat de klassiek dogmatische opvatting van de trias politica is gaan knellen?

Rechterlijke toetsing van wet- en regelgeving
 Rechterlijke toetsing van wet- en regelgeving is in Nederland in twee opzichten beperkt:
1. Toetsingsverbod art. 120 Gw – ‘Harmonisatiewet’: rechter is het niet toegestaan
wetgeving in formele zin te toetsen aan het Statuut, de Grondwet en aan
ongeschreven rechtsbeginselen
2. T.a.v. lagere regelgeving is het beeld diffuser:
o Geen direct beroep op de bestuursrechter tegen vaststelling of wijziging van een
a.v.v. (art. 8:3 Awb). Uitzondering: exceptieve toetsing (zie Alcoholslot)
o Restfunctie burgerlijke rechter. Toetsingsstandaard: Landbouwvliegersarrest
(verbod van willekeur)
 De belangrijkste route naar toetsing van rechtmatigheid van formele wetgeving loopt
via toetsing aan het EVRM en het Handvest EU.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
DeIJverigeStudent Tilburg University
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
696
Member since
3 year
Number of followers
207
Documents
21
Last sold
3 weeks ago

4.2

38 reviews

5
20
4
10
3
4
2
2
1
2

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions