Samenvatting Bestuursrecht in het AWB-Tijdperk - week 1-7
Bestuursrecht 2 (Hogeschool van Amsterdam)
StuDocu is not sponsored or endorsed by any college or university
Downloaded by Kinyuajui Patrick ()
, lOMoARcPSD|3725794
BESTUURSRECHT SAMENVATTING
Hoofdstuk 15 (Week 1)
Bestuursrechtspraak is die vorm van rechtspraak, waarbij de bevoegde bestuursrechter een
overheidshandeling toetst op rechtmatigheid. De handeling moet in overeenstemming zijn met de wet. (Met
inbegrip van geschreven en ongeschreven beginselen.) Alleen voor een besluit (Artikel 1:3 Awb) staat
rechtsbescherming bij de bestuursrechter open.
Van algemene bestuursrechtspraak wordt gesproken in die gevallen waarin op grond van artikel 8:1 Awb in
eerste aanleg tegen een bestuurlijke gedraging beroep op de rechtbank openstaat en vervolgens tegen de
uitspraak van de rechtbank hoger beroep kan worden ingesteld bij de ABRvS.
Van bijzondere bestuursrechtspraak wordt gesproken als in de Awb of in een andere wet beroep op een
bijzondere bestuursrechter wordt voorzien. (Beroep op één instantie in eerste aanleg.)
De bevoegdheid van een rechtbank wordt bepaald door de zetel van het bestuursorgaan of door de
woonplaats van de indiener. De zetel is van belang bij:
- Een beroepschrift tegen een besluit van bestuursorganen van de decentrale overheden.
- Een beroepschrift tegen een besluit in het geval dat de indiener geen woonplaats in Nederland heeft.
Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State
De ABRvS heeft twee verschillende rechterlijke taken. (1) Zij is de hogerbroepsrechter. (2) De Raad heeft de
grondwettelijke taak om te adviseren over voorstellen van wet, ontwerpen van algemene maatregelen van
bestuur en over andere kwesties voor zover de regering daarom vraagt of de Raad dit als nodig beschouwd.
De Awb heeft tot uitgangspunt beslechting van geschillen in twee instanties. Er is een uitzondering gemaakt
voor bepaalde geschillen die voorheen door de Afdeling geschillen van bestuur werden beslist.
Centrale Raad van Beroep
De CRvB is de hogerberoepsinstantie van de socialeverzekeringswetten en ook voor het ambtenarenrecht. De
Raad bestaat uit onafhankelijke rechters die zijn benoemd door de Kroon. Belangrijke artikelen: 8:105 en 8:106
in combinatie met artikel 9 en 10 van de Bijlage Awb. (Hoofdstuk 4)
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Het CBb is een hogerberoepsinstantie met betrekking tot besluiten van bestuursorganen, genomen op grond
van een groot aantal wetten. (Te vinden in Art. 11 Bevoegdheidsregelingen) Het CBb is een bijzondere
bestuursrechter voor het economisch bestuursrecht.
Hoofdstuk 16 (Week 1 & 2)
Het bestuursprocesrecht heeft vier klassieke kenmerken:
- De rechter toetst besluiten ex tunc op doelmatigheid. Dit wil zeggen dat de rechter enkel toetst aan de wet en
het ongeschreven recht. De feiten spelen een rol zoals die waren ten tijde van het besluit.
- Het bestuursprocesrecht kent korte beroepstermijnen. Dit is in verband met de rechtszekerheid.
- De rechter probeert zo veel mogelijk op basis van ‘de materiele waarheid’ recht te doen. Hij kan kritische
vragen stellen en kan een onderzoek laten instellen.
- Het bestuursprocesrecht is laagdrempelig. Er geldt geen verplichte procesvertegenwoordiging.
Ongelijkheidscompensatie / Procedurele rechtvaardigheid
Het komt voor dat er sprake is van machtsonevenwicht tussen de burger en het bestuur. Om dit te
compenseren kan de rechter bijvoorbeeld de beroepsgronden van de burger zo ruim mogelijk uitleggen.
Het beroep bij de rechter vangt aan doordat eiser een beroepschrift indient bij het bevoegde gerecht. Binnen
het gerecht gaat eerst de griffie met het beroepschrift aan de slag. (Controleren tijdigheid,
ontvangstbevestiging, griffierecht innen en wederpartij op de hoogste stellen.) Daarna vindt het vooronderzoek
voorafgaand aan de zitting plaats. De griffie stelt een procesdossier samen. De rechter heeft tijdens dit
Downloaded by Kinyuajui Patrick ()