Interactief college; embryologie
De eicel wordt omgeven door eens stevig vlies. Op het moment dat 1 zaadcel door dit vlies heen
komt sluit het zich volledig af zodat er niet nog andere zaadcellen doorheen kunnen komen. Op dit
moment noemen we de eicel en zaadcel samen een zygote en gaat het zich delen waardoor er een
klontje cellen ontstaat (moederbei). Vervolgens komt het in het blastocyst stadium dat zich
vervolgens gaat inplanten in de baarmoeder. Na zo’n 8 weken begint de foetus echt op een mensje
te lijken.
Wanneer de zygote/blastocyst zich nog in de eileider bevindt zit er een stevige laag erom heen; zona
polusida. De bastocyst moest dus eerst daar uit zien te komen voordat het in de baarmoeder kan
komen (inplanten). Dit gebeurd door de uitscheiding van bepaalde enzymen door de blastocyst zelf.
Het blastocyst stadium begint wanneer er een holte ontstaat binnen in de zygote. Het is dan op te
delen in de outer cell mass en de inner cell mass. De outer cell mass draagt bij aan de planceta. De
inner cell mass onwikkelt zich vervolgens in twee verschillende lagen.
, Wanneer de inner cell mass zich verdeeld in twee lagen noemen we deze massa ook wel de
embryoblast en dan de outer cell mass noemen we de trofoblast. De embryoblast bestaat uit de
lagen epiblast en hypoblast. Het epiblast ligt tussen het hypoblast en trofoblast in.
Ter plekke van het epiblast ontstaat er vervolgens een nieuwe holte: amnionholte. Ook begint het
hypoblast het oppervlak van de blastocoel te bedekken waardoor het nu de dooierzak wordt.
De bastocyst bevat nu een twee bladige kiemschijf: het epiblast en hypoblast.
Na dit stadium begint de gastrulatie waar er nieuwe kiemschijven worden gevormd. De hypoblast
laag zal vervangen worden en wordt het endoderm. Daarna ontstaat er een nieuwe laag tussen het
nu endoderm en epiblast; het mesoderm. Wanneer ook deze migratie voorbij is heet wat over is
gebleven van het epiblast nu het ectoderm.
Deze migratie vindt plaats door de primitieve groeve die is ontstaan op het epiblast. Deze bevindt
zich iets naar onder gericht met bovenop de primitieve groeve de primitieve knoop. Op de plek van
de toekomstige positie van het oropharyngeale membraan (boven) en cloacal membraan (onder)
bevindt zich geen mesoderm.
De eicel wordt omgeven door eens stevig vlies. Op het moment dat 1 zaadcel door dit vlies heen
komt sluit het zich volledig af zodat er niet nog andere zaadcellen doorheen kunnen komen. Op dit
moment noemen we de eicel en zaadcel samen een zygote en gaat het zich delen waardoor er een
klontje cellen ontstaat (moederbei). Vervolgens komt het in het blastocyst stadium dat zich
vervolgens gaat inplanten in de baarmoeder. Na zo’n 8 weken begint de foetus echt op een mensje
te lijken.
Wanneer de zygote/blastocyst zich nog in de eileider bevindt zit er een stevige laag erom heen; zona
polusida. De bastocyst moest dus eerst daar uit zien te komen voordat het in de baarmoeder kan
komen (inplanten). Dit gebeurd door de uitscheiding van bepaalde enzymen door de blastocyst zelf.
Het blastocyst stadium begint wanneer er een holte ontstaat binnen in de zygote. Het is dan op te
delen in de outer cell mass en de inner cell mass. De outer cell mass draagt bij aan de planceta. De
inner cell mass onwikkelt zich vervolgens in twee verschillende lagen.
, Wanneer de inner cell mass zich verdeeld in twee lagen noemen we deze massa ook wel de
embryoblast en dan de outer cell mass noemen we de trofoblast. De embryoblast bestaat uit de
lagen epiblast en hypoblast. Het epiblast ligt tussen het hypoblast en trofoblast in.
Ter plekke van het epiblast ontstaat er vervolgens een nieuwe holte: amnionholte. Ook begint het
hypoblast het oppervlak van de blastocoel te bedekken waardoor het nu de dooierzak wordt.
De bastocyst bevat nu een twee bladige kiemschijf: het epiblast en hypoblast.
Na dit stadium begint de gastrulatie waar er nieuwe kiemschijven worden gevormd. De hypoblast
laag zal vervangen worden en wordt het endoderm. Daarna ontstaat er een nieuwe laag tussen het
nu endoderm en epiblast; het mesoderm. Wanneer ook deze migratie voorbij is heet wat over is
gebleven van het epiblast nu het ectoderm.
Deze migratie vindt plaats door de primitieve groeve die is ontstaan op het epiblast. Deze bevindt
zich iets naar onder gericht met bovenop de primitieve groeve de primitieve knoop. Op de plek van
de toekomstige positie van het oropharyngeale membraan (boven) en cloacal membraan (onder)
bevindt zich geen mesoderm.