Paragraaf 5.8
Het jodendom
● Jodendom= De godsdienstige opvattingen van de Joden
- opvattingen geschreven in oude testament
- Joden geloven in 1 god (monotheïsme) →speciale band met dit geloof
- uitverkoren volk
- messias (verlosser) moet nog komen
● Oude testament= boek met godsdienstige opvattingen van Joden. Oude testament
en Nieuwe testament vormen samen de Bijbel van de christenen.
● tien geboden= regels uit oude testament waaraan Joden en Christenen zich aan
moeten houden. (Mozes)
- voorbeelden van de regels:
1. Gij zult niet doden
2. niet stelen
3. en niet begeren wat je naaste toebehoort
- Joden geloofde in een velosser die hen zou bevrijden van de overheersers
- Jezus van Nazareth werdt door sommige Joden als verlosser gezien
Jezus van Nazareth
● Jezus werd geboren in de tijd van keizer Augustus in Palestina
● Jezus sprak over:
- Alle mensen zijn gelijk (koninkrijk van god)
- hoop op beter leven na de dood
● Pilatus veroordeelde Jezus ter dood om te voorkomen dat het Romeinse gezag
bedreigd zou worden
● Zijn dood is een beginpunt geworden
- Hij kreeg de naam Christus → gezalfde
- Joodse volgeling Jezus van Nazareth Christus → messias
- Aanhangers van Jezus werden Christenen genoemd
- Apostelen= belangrijkste volgelingen van Jezus Christus die als eerste zijn
ideeën onder de mensen verspreidden.
Christendom vastgelegd in Bijbel
● Christendom= Godsdienst van de volgelingen van Jezus Christus
- opvattingen staan in de bijbel
● Bijbel= boek waarin de godsdienstige opvattingen van de Christenen zijn vastgelegd
- bestaat uit Oude en Nieuwe testament samen
● Oude testament= heilige boek van de Joden
● Nieuwe testament= Het boek waarin de leer van Jezus Christus is vastgelegd
- staan 4 verhalen over leven van Jezus in, die verhalen worden Evangeliën (goede
boodschap) genoemd
● Evangeliën= 4 verhalen over Jezus, geschreven door zijn volgelingen
, 2
Verbreiding van het christendom
● Tijdens de Pax Romana (30 v chr - 192 na chr) was het 1 groot rijk met goede
verbindingen. Er werd Latijn of Grieks gesproken → ideeën konden snel worden
verbreid.
● Arme Romeinen (ook slaven) laten zich bekeren want Jezus zei: iedereen is gelijk en
er is beter leven na de dood.
● rijke Romeinen voelden zich aangetrokken tot de 10 geboden (andere godsdiensten
hadden dit niet)
313 → keizer Constantijn laat zich bekeren → tolerantie-edict
Vervolgingen van het Christendom en triomf van het Christendom
● De keizers waren niet blij met komst Christendom. Ze waren bang dat de Christenen
niet de Romeinse regering, maar hun eigen leiders zouden volgen
● → Christendom werd verboden en vervolgingen gestart
● De vervolgingen hielpen niet, Christendom groeide. In het jaar 313 zei keizer
Constantijn dat Christenen goede burgers konden zijn. En hij werd zelf de eerste
Christelijke keizer.
● eind van 4e eeuw werd Christendom de enige toegestane godsdienst (keizer
Theodosius bepaalde dit)
● orakel Delphi gesloten, geen olympische spelen meer, tempels dicht etc
Nu Christendom een triomf was, ontstonden andere problemen:
● Christenen gaan nu mensen met andere godsdiensten vervolgen (mensen die
andere godsdienst volgen dan Christendom noem je ketters)
● keizer en kerkelijke leiders kwamen met elkaar in botsing, ze bemoeiden met elkaar.
, 3
Paragraaf 6.1 De Germanen
Middeleeuwen duren van 500-1500
start met val van RR
eindigde met de Nieuwe Tijd
middeleeuwen bestaan uit vroege (500-1000) en late middeleeuwen (1000-1500)
Germaanse volken nemen het gezag van de Romeinen over
● Tijdens laatste eeuwen van West-Romeinse rijk trokken allerlei volken dat rijk binnen
→ lukte niet om elke keer de volken te verslaan
● De Hunnen trokken zich terug, maar de Germanen, die bleven → ontstond een groot
aantal Germaanse staten (zie kaart)
● Germaanse volken hadden elk hun eigen staat, maar ze hadden veel
gemeenschappelijk:
- Hun talen leken op elkaar;
- zij leefden vooral van landbouw en woonden in dorpen
- hun samenleving was gelaagd:
1: vrije mannen
2: vrijgelatenen
3: slaven
- elk volk was verdeeld in verschillende stammen
- in iedere stam had vergadering van vrije mannen de meeste macht
Franken werden belangrijkste Germaanse volk. Het huidige Frankrijk is naar hen vernoemd
Clovis (481 - 511)
- verenigt Frankische stammen tot 1
- verovert veel gebied
- voorstander van Christendom
- blijft Romeinse tradities voortzetten
Kerstening > verspreiden Christendom
Karel de Grote
● Karel de Grote (742-814) werd de bekendste koning van de Franken, 3 belangrijke
punten van Karel de Grote:
- hij deed veel voor onderwijs en wetenschap
- het schrift verbeteren
- voerde oorlogen om land te vergroten en om het Christendom te verspreiden
- gekroond in 800 tot keizer (daarvoor koning van de Franken)
- trouwen (?)
● Karel liet geestelijken overal in kerken en kloosters scholen oprichten. Kinderen van
edelen en veelbelovende kinderen die niet van adel waren, hadden toegang tot deze