Begrippenlijst Sociologie
Hoofdstuk 1: Op ontdekkingstocht door een bekend gebied
Hybride neologisme Nieuwe studie → socius = metgezel, logos = leer, kunde
Sociologische verbeelding Het vermogen om na te denken over de samenleving waarbij je afstand
neemt van je eigen positie
Vooroordeel Beoordeling van een situatie die gebaseerd is op niet-werkelijke feiten,
maar op een vereenvoudigde voorstelling daarvan die wordt
doorgegeven binnen een bepaalde referentiegroep
Stereotype Min of meer gefixeerde en vereenvoudigde voorstelling over de leden
van andere groepen die in een bepaalde groep gangbaar zijn zonder
dat ze op feiten zijn gebaseerd
Common sense Losjes samenhangende kennis, op hun vroegere ervaring gebaseerd,
gebruikt om dagelijkse zin te geven aan situaties voor praktische,
onmiddellijke antwoorden
Self fulfilling prophecy Een voorspelling die uitkomt
Individuele Psychologisch ziektebeeld
psychopathologie
Sociale cohesie Integratie
Manifest Iets wat je in de hand hebt
Latent Minder zichtbaar
Sociologie Wetenschap die sociaal handelen van mensen bestudeert, en de
daaruit voortgekomen patronen en structuren, in hun ontstaan,
voortbestaan en verandering
Arbeidsethos Arbeid wordt als het hoogste goed beschouwd
Hoofdstuk 2
Neoliberalisme Overheid die ingreep vanuit een totaal nieuwe, ideologisch standpunt
Sociale weefsel Vrijheid om te handelen binnen marges die de samenleving oplegt
Mangelwesen Psychisch instabiel en onzeker
Actor Het individu
Factor Sociologische, systemische krachten
Interpretivisme of De mens creëert zelf de sameleving
costructivisme
Nature Biologische verklaringen: genetisch materiaal doorgegeven door ouders
Nurture Maatschappelijke structurele aspecten: omgeving waarin je opgroeit
Wettelijke en reglementaire In wetgeving of regelgeving vastgelegde beperkingen
drempels
Informatieve drempels Informatie en kennis
Institutionele drempels Eisen of procedures door aanbieder opgelegd
Situationele drempels Beperkingen bij de mogelijke deelnemer
Dispositionele drempels Percepties en houdingen bij de mogelijke deelnemer
Mattheüseffect Armen worden armer, rijken worden rijker
Structurele koude Leidt tot veralgemeende afhankelijkheid
solidariteit
Mechanische solidariteit Eenvoudige arbeidsdeling en samenleving
Organische solidariteit Complexe arbeidsdeling en samenleving
Functionalisten Ordesociologen, samenleving is een systeem dat orde in stand houdt
Conflictsociologen Samenleving gestuurd door conflicten
Sociaal darwinisme Survival of the fittest, mensen zullen onderhevig zijn aan de wet
Juridische gelijkheid Iedereen heeft dezelfde rechten. De overheid komt niet tussenbeide
Gelijkheid als uitkomst Overheid realiseer gelijke middelen voor iedereen
Gelijke kansen Dezelfde rechten maar correctie voor ongelijke startpositie
Hoofdstuk 1: Op ontdekkingstocht door een bekend gebied
Hybride neologisme Nieuwe studie → socius = metgezel, logos = leer, kunde
Sociologische verbeelding Het vermogen om na te denken over de samenleving waarbij je afstand
neemt van je eigen positie
Vooroordeel Beoordeling van een situatie die gebaseerd is op niet-werkelijke feiten,
maar op een vereenvoudigde voorstelling daarvan die wordt
doorgegeven binnen een bepaalde referentiegroep
Stereotype Min of meer gefixeerde en vereenvoudigde voorstelling over de leden
van andere groepen die in een bepaalde groep gangbaar zijn zonder
dat ze op feiten zijn gebaseerd
Common sense Losjes samenhangende kennis, op hun vroegere ervaring gebaseerd,
gebruikt om dagelijkse zin te geven aan situaties voor praktische,
onmiddellijke antwoorden
Self fulfilling prophecy Een voorspelling die uitkomt
Individuele Psychologisch ziektebeeld
psychopathologie
Sociale cohesie Integratie
Manifest Iets wat je in de hand hebt
Latent Minder zichtbaar
Sociologie Wetenschap die sociaal handelen van mensen bestudeert, en de
daaruit voortgekomen patronen en structuren, in hun ontstaan,
voortbestaan en verandering
Arbeidsethos Arbeid wordt als het hoogste goed beschouwd
Hoofdstuk 2
Neoliberalisme Overheid die ingreep vanuit een totaal nieuwe, ideologisch standpunt
Sociale weefsel Vrijheid om te handelen binnen marges die de samenleving oplegt
Mangelwesen Psychisch instabiel en onzeker
Actor Het individu
Factor Sociologische, systemische krachten
Interpretivisme of De mens creëert zelf de sameleving
costructivisme
Nature Biologische verklaringen: genetisch materiaal doorgegeven door ouders
Nurture Maatschappelijke structurele aspecten: omgeving waarin je opgroeit
Wettelijke en reglementaire In wetgeving of regelgeving vastgelegde beperkingen
drempels
Informatieve drempels Informatie en kennis
Institutionele drempels Eisen of procedures door aanbieder opgelegd
Situationele drempels Beperkingen bij de mogelijke deelnemer
Dispositionele drempels Percepties en houdingen bij de mogelijke deelnemer
Mattheüseffect Armen worden armer, rijken worden rijker
Structurele koude Leidt tot veralgemeende afhankelijkheid
solidariteit
Mechanische solidariteit Eenvoudige arbeidsdeling en samenleving
Organische solidariteit Complexe arbeidsdeling en samenleving
Functionalisten Ordesociologen, samenleving is een systeem dat orde in stand houdt
Conflictsociologen Samenleving gestuurd door conflicten
Sociaal darwinisme Survival of the fittest, mensen zullen onderhevig zijn aan de wet
Juridische gelijkheid Iedereen heeft dezelfde rechten. De overheid komt niet tussenbeide
Gelijkheid als uitkomst Overheid realiseer gelijke middelen voor iedereen
Gelijke kansen Dezelfde rechten maar correctie voor ongelijke startpositie