Bedrijfseconomie Thema 2
Stel je wilt een eigen zaak oprichten…. Dan stel je een business plan op.
Het financieel plan is daar onderdeel van:
- Beginbalans
- Liquiditeitsbegroting
- Resultatenbegroting
- Eindbalans
Beginbalans
- Voor een privépersoon is de beginbalans gewoon wat er aanwezig is.
- Voor een nog op te richten bedrijf is de beginbalans of openingsbalans niet gegeven.
De ondernemer dient zelf te bepalen wat er nodig is om te kunnen starten.
Saldo Rekening courant= Balanstotaal bezittingen - Eigen vermogen - Hypotheek -
Lening o/g - Crediteuren
Investeringsbegroting
- De investeringsbegroting is de linkerkant van de openingsbalans.
- Daar staan de benodigde productiemiddelen (bezittingen) om te kunnen starten,
bijv.: gebouw, inventaris, voorraden, bank, kasgeld.
Financieringsplan
- De financieringsplan is de rechterkant van de openingsbalans.
- Hoe ga ik dingen betalen?
- Crediteuren = bedrijven/mensen die je nog moet betalen.
- Rekening courant = lopende rekening
Wat is het verschil tussen een financieringsplan en een financieel plan.
- Financieringsplan: hoe ga ik dingen betalen?
Bij de financiering dus keuze uit:
1. Eigen vermogen: staat permanent ter beschikking (zit in alle spullen).
- Welke vergoeding betaal je bij eigen vermogen? > Dividend (deel van de winst)
(aandeelhouders, mede-eigenaren)
2. Vreemd vermogen lange termijn (langer dan 1 jaar): moet uiteindelijk afgelost
worden.
3. Vreemd vermogen korte termijn: moet snel afgelost worden.
- Welke vergoeding moet je betalen bij vreemd vermogen? > rente, interest, intrest
Maakt het uit of de activa met lang of kort vermogen worden gefinancierd? > vreemd
vermogen lang.
Vaste activa financieren? > eigen vermogen, vreemd vermogen lang
Gouden balansregel: richtlijn voor gezond financieren (financieren met laag risico).
- Het eigen vermogen en vreemd vermogen lang moet minimaal gelijk zijn aan de vaste
activa en het vaste deel van de vlottende activa. (lang vermogen)
, Vaste deel van de vlottende activa is wat je minimaal moet hebben in een winkel, altijd een
voorraad van een product (bijv. kapper: shampoo).
Als niet wordt voldaan aan de gouden balansregel: loopt de onderneming het risico dat de
verschaffers van vreemd vermogen op korte termijn hun vermogen opeisen (gevolg:
faillissement).
- Terwijl dat vastligt in activa die nodig zijn voor de continuïteit van de onderneming.
Eenmanszaak
Natuurlijke persoon
- Groter risico dan rechtspersoon (bv of nv.
Ook privé aansprakelijk voor schulden eenmanszaak.
Belastingheffing
- Eigenaar krijgt geen loon. Alle winst van het bedrijf is jouw loon. Winst wordt als
inkomen beschouwd.
- Inkomstenbelasting verschuldigd over winst.
- Aantrekkelijke aftrekposten.
Wijzigingen in eigen vermogen
1. Door netto resultaat (W&V rekening)
2. Door privé wijzigingen (onttrekkingen en/of stortingen
EV 31/12 = EV 1/1 + netto resultaat – privé onttrekkingen + privé stortingen.
EV (eind) = EV (begin) + Nettoresultaat – privéonttrekkingen + privéstortingen
Totale kosten = Overige kosten + Afschrijvingskosten + Interestkosten
Winstbepaling = opbrengsten – kosten
Komt uit resultatenrekening
Winstverdeling = keuze tussen
- Winst inhouden (reserveren in bedrijf voor spullen enz.…)
- Winst uitkeren aan eigenaren.
Winstverdeling komt direct ten laste van het eigen vermogen.
BTW = belasting toegevoegde waarde.
Produceren = waarde toevoegen.
Overheid maakt waarde toevoegen mede mogelijk en wil een percentage van deze
toegevoegde waarde terug hebben.
Bedrijf hoeft alleen van zijn eigen toegevoegde waarde aan de overheid af te dragen.
Stel je wilt een eigen zaak oprichten…. Dan stel je een business plan op.
Het financieel plan is daar onderdeel van:
- Beginbalans
- Liquiditeitsbegroting
- Resultatenbegroting
- Eindbalans
Beginbalans
- Voor een privépersoon is de beginbalans gewoon wat er aanwezig is.
- Voor een nog op te richten bedrijf is de beginbalans of openingsbalans niet gegeven.
De ondernemer dient zelf te bepalen wat er nodig is om te kunnen starten.
Saldo Rekening courant= Balanstotaal bezittingen - Eigen vermogen - Hypotheek -
Lening o/g - Crediteuren
Investeringsbegroting
- De investeringsbegroting is de linkerkant van de openingsbalans.
- Daar staan de benodigde productiemiddelen (bezittingen) om te kunnen starten,
bijv.: gebouw, inventaris, voorraden, bank, kasgeld.
Financieringsplan
- De financieringsplan is de rechterkant van de openingsbalans.
- Hoe ga ik dingen betalen?
- Crediteuren = bedrijven/mensen die je nog moet betalen.
- Rekening courant = lopende rekening
Wat is het verschil tussen een financieringsplan en een financieel plan.
- Financieringsplan: hoe ga ik dingen betalen?
Bij de financiering dus keuze uit:
1. Eigen vermogen: staat permanent ter beschikking (zit in alle spullen).
- Welke vergoeding betaal je bij eigen vermogen? > Dividend (deel van de winst)
(aandeelhouders, mede-eigenaren)
2. Vreemd vermogen lange termijn (langer dan 1 jaar): moet uiteindelijk afgelost
worden.
3. Vreemd vermogen korte termijn: moet snel afgelost worden.
- Welke vergoeding moet je betalen bij vreemd vermogen? > rente, interest, intrest
Maakt het uit of de activa met lang of kort vermogen worden gefinancierd? > vreemd
vermogen lang.
Vaste activa financieren? > eigen vermogen, vreemd vermogen lang
Gouden balansregel: richtlijn voor gezond financieren (financieren met laag risico).
- Het eigen vermogen en vreemd vermogen lang moet minimaal gelijk zijn aan de vaste
activa en het vaste deel van de vlottende activa. (lang vermogen)
, Vaste deel van de vlottende activa is wat je minimaal moet hebben in een winkel, altijd een
voorraad van een product (bijv. kapper: shampoo).
Als niet wordt voldaan aan de gouden balansregel: loopt de onderneming het risico dat de
verschaffers van vreemd vermogen op korte termijn hun vermogen opeisen (gevolg:
faillissement).
- Terwijl dat vastligt in activa die nodig zijn voor de continuïteit van de onderneming.
Eenmanszaak
Natuurlijke persoon
- Groter risico dan rechtspersoon (bv of nv.
Ook privé aansprakelijk voor schulden eenmanszaak.
Belastingheffing
- Eigenaar krijgt geen loon. Alle winst van het bedrijf is jouw loon. Winst wordt als
inkomen beschouwd.
- Inkomstenbelasting verschuldigd over winst.
- Aantrekkelijke aftrekposten.
Wijzigingen in eigen vermogen
1. Door netto resultaat (W&V rekening)
2. Door privé wijzigingen (onttrekkingen en/of stortingen
EV 31/12 = EV 1/1 + netto resultaat – privé onttrekkingen + privé stortingen.
EV (eind) = EV (begin) + Nettoresultaat – privéonttrekkingen + privéstortingen
Totale kosten = Overige kosten + Afschrijvingskosten + Interestkosten
Winstbepaling = opbrengsten – kosten
Komt uit resultatenrekening
Winstverdeling = keuze tussen
- Winst inhouden (reserveren in bedrijf voor spullen enz.…)
- Winst uitkeren aan eigenaren.
Winstverdeling komt direct ten laste van het eigen vermogen.
BTW = belasting toegevoegde waarde.
Produceren = waarde toevoegen.
Overheid maakt waarde toevoegen mede mogelijk en wil een percentage van deze
toegevoegde waarde terug hebben.
Bedrijf hoeft alleen van zijn eigen toegevoegde waarde aan de overheid af te dragen.