Aardrijkskunde arm & rijk
Hoofdstuk 1
Paragraaf 1
Groene honger de steeds terugkerende voedseltekorten in een vruchtbaar land
met voldoende neerslag (bijvoorbeeld in Ethiopië).
Ethiopië ligt in de tropen. In het hoogland is het koeler. Als je het over de relatieve
ligging hebt dan is Ethiopië bergachtig en landlocked. Het vervoer van mensen en
goederen is tijdrovend en duur. De infrastructuur is slecht. De enige spoorlijn voert
naar de kust. Het vliegverkeer ontwikkelt zich sterk, mede door de onbereikbaarheid
over het land.
Het bevolkingsaantal van Ethiopië (ca. 100 miljoen inwoners) groeit snel. Er is een
hoog geboortecijfer: in 2050 zit twee derde van de bevolking in de vruchtbare leeftijd.
Het sterftecijfer in Ethiopië daalt juist, maar er zit wel een extreem hoge kindersterfte
in verstopt. Dit is veroorzaakt door voornamelijk chronische ondervoeding. 80% van
de bevolking woont op het platteland, dat in bevolkingsaantal nog sneller groeit dan
de stedelijke centra. De droge gebieden zijn dunbevolkt. Een betrekkelijk lage
bevolkingsdichtheid verhult grote regionale dichtheidsverschillen.
Ethiopië is een land met vele volken. De grootste groepen zijn de Amhara en de
Oromo. Engels is de lingua franca. Het land ligt op de grens van de oosters-
orthodoxe cultuur en de islamitische (woestijn- en herders)cultuur. Op het platteland
zorgt de grootfamilie voor de opvoeding. Daarnaast is er een traditionele
arbeidsverdeling: de man werkt buitenshuis en de kinderen werken mee op het land.
Hierdoor is er een hoge graad van analfabetisme.
Ethiopië heeft vrijwel geen koloniale overheersing gekend (afgezien van de Italiaanse
bezetting). De grote armoede in het land is te wijten aan uitbuiting en corruptie van
de heersende klasse, de ongelijke verdeling van de macht en het inkomen, oorlogen
en andere territoriale conflicten. De republiek Ethiopië is een federatie van negen
staten die alle een grote mate van autonomie hebben. Ook is er nog steeds geen
goed bestuur.
Twee op de vijf Ethiopiërs leven onder de armoedegrens. Er is een economische
groei, maar de inkomensongelijkheid neemt toe. Er is een maatschappelijke
driedeling: de arme massa van kleine boeren en landarbeiders, de groeiende
middenklasse en de elite van hogere militairen, politici en bestuursambtenaren.
Het grote belang van de landbouw maakt de samenleving kwetsbaar voor
natuurrampen en de wereldmarkt. De productiviteit in de primaire sector is laag. In de
drogere gebieden vind je extensieve veeteelt. In de nattere dichtbevolkte gebieden
vind je teelt van voedselgewassen en commerciële landbouw met o.a. koffie als
handelsgewas. De exportlandbouw groeit: koffie, bloemen, fruit en groenten.
Door de globalisering neemt het belang van arbeidsintensieve industrietakken toe. Er
is een bescheiden eigen fabricage, lage loonkosten bevorderen buitenlandse
investeringen in de (exportgerichte) industrie. De verborgen werkloosheid is groot en
het buitenlands toerisme groeit.
Hoofdstuk 1
Paragraaf 1
Groene honger de steeds terugkerende voedseltekorten in een vruchtbaar land
met voldoende neerslag (bijvoorbeeld in Ethiopië).
Ethiopië ligt in de tropen. In het hoogland is het koeler. Als je het over de relatieve
ligging hebt dan is Ethiopië bergachtig en landlocked. Het vervoer van mensen en
goederen is tijdrovend en duur. De infrastructuur is slecht. De enige spoorlijn voert
naar de kust. Het vliegverkeer ontwikkelt zich sterk, mede door de onbereikbaarheid
over het land.
Het bevolkingsaantal van Ethiopië (ca. 100 miljoen inwoners) groeit snel. Er is een
hoog geboortecijfer: in 2050 zit twee derde van de bevolking in de vruchtbare leeftijd.
Het sterftecijfer in Ethiopië daalt juist, maar er zit wel een extreem hoge kindersterfte
in verstopt. Dit is veroorzaakt door voornamelijk chronische ondervoeding. 80% van
de bevolking woont op het platteland, dat in bevolkingsaantal nog sneller groeit dan
de stedelijke centra. De droge gebieden zijn dunbevolkt. Een betrekkelijk lage
bevolkingsdichtheid verhult grote regionale dichtheidsverschillen.
Ethiopië is een land met vele volken. De grootste groepen zijn de Amhara en de
Oromo. Engels is de lingua franca. Het land ligt op de grens van de oosters-
orthodoxe cultuur en de islamitische (woestijn- en herders)cultuur. Op het platteland
zorgt de grootfamilie voor de opvoeding. Daarnaast is er een traditionele
arbeidsverdeling: de man werkt buitenshuis en de kinderen werken mee op het land.
Hierdoor is er een hoge graad van analfabetisme.
Ethiopië heeft vrijwel geen koloniale overheersing gekend (afgezien van de Italiaanse
bezetting). De grote armoede in het land is te wijten aan uitbuiting en corruptie van
de heersende klasse, de ongelijke verdeling van de macht en het inkomen, oorlogen
en andere territoriale conflicten. De republiek Ethiopië is een federatie van negen
staten die alle een grote mate van autonomie hebben. Ook is er nog steeds geen
goed bestuur.
Twee op de vijf Ethiopiërs leven onder de armoedegrens. Er is een economische
groei, maar de inkomensongelijkheid neemt toe. Er is een maatschappelijke
driedeling: de arme massa van kleine boeren en landarbeiders, de groeiende
middenklasse en de elite van hogere militairen, politici en bestuursambtenaren.
Het grote belang van de landbouw maakt de samenleving kwetsbaar voor
natuurrampen en de wereldmarkt. De productiviteit in de primaire sector is laag. In de
drogere gebieden vind je extensieve veeteelt. In de nattere dichtbevolkte gebieden
vind je teelt van voedselgewassen en commerciële landbouw met o.a. koffie als
handelsgewas. De exportlandbouw groeit: koffie, bloemen, fruit en groenten.
Door de globalisering neemt het belang van arbeidsintensieve industrietakken toe. Er
is een bescheiden eigen fabricage, lage loonkosten bevorderen buitenlandse
investeringen in de (exportgerichte) industrie. De verborgen werkloosheid is groot en
het buitenlands toerisme groeit.