• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 32 pagina's
Samenvatting

LKT HELE uitgebreide samenvatting (veel blz.) didactiek kennisbasistoets rekenen wiskunde (recent)

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 32 pagina's

In deze HELE uitgebreide samenvatting komen alle onderdelen terug gericht op de didactiek van de kennisbasistoets van rekenen wiskunde (recent). In deze samenvatting is alles opgenomen en mist niks. De garantie voor een hoog cijfer is gebaat! Daarnaast zijn er voorbeelden terug te vinden en opdrachten.

Voorbeeld van de inhoud

Kennisbasistoets Rekenen Wiskunde
Domein Getallen
Wiskunde in de praktijk Deel 1 hele getallen
1 Tellen en getallen
1.1 Synchroon tellen
Bij het leren tellen van voorwerpen moeten kinderen leren dat ze steeds een voorwerp moeten
aanwijzen en daarbij tegelijkertijd een telwoord moeten noemen, dat noemen we synchroon
tellen.
Het inzicht dat je synchroon moet tellen is een kerninzicht dat kinderen moeten ontwikkelen
om later een aantal objecten goed te kunnen tellen. Als je voorwerpen wilt tellen, moet je elk
voorwerp precies een keer aanwijzen. Je mag geen voorwerpen overslaan of dubbel tellen. Bij
elk voorwerp dat je aanwijst moet je precies een telwoord noemen. Wanneer een kind de
getallen niet tegelijkertijd zegt met het aanwijzen, zal het resultaat, de hoeveelheid, dus ook
niet kloppen.

1.2 Resultatief tellen
Om een hoeveelheid te tellen is naast het synchroon tellen ook noodzakelijk dat je begrijpt dat
het telwoord bij het laatste getelde object het aantal van de hele verzameling weergeeft.
Ordinale getallen: het gaat om volgorde
Kardinale of hoeveelheidsfunctie: de uiteindelijke hoeveelheid van iets.
Het vragen stellen door de leerkracht kan kinderen helpen zich bewust worden van het
resultatief tellen.

Getalfuncties:
- Hoeveelheidsgetal: gaat om de kardinale functie
- Telgetal: gaat om de ordinale functie
- Meetgetal: getal met een maat erachter
- Naamgetal: een getal dat een naam aangeeft
- Rekengetal: een abstract getal om mee te rekenen.

1.3 Representatieve getalbeelden
Kinderen kunnen op veel verschillende manieren getallen laten zien. Door het uitwisselen en
bespreken van verschillende representaties gaan leerlingen deze met elkaar in verband
brengen en komen ze steeds dichter bij het inzicht van wat een getal nu eigenlijk betekent.
Kinderen verwerven het inzicht dat je hoeveelheden kunt representeren met behulp van
materialen, schema’s en cijfersymbolen.

Representeren van getallen:
- Concreet: hand, stoelpoten en sokken (kan je pakken)
- Schematisch: fisjes, dobbelsteen en turven (bijhouden d.m.v. bijv. turven)
- Abstract: getal

Als leerkracht kun je dit beïnvloeden.
Uit welke kennis of handelingen van een leerling kun je als leerkracht opmaken dat een
leerling inziet dat je hoeveelheid kunt representeren?
- Bij een getal dat uitgesproken wordt, een juiste hoeveelheid voorwerpen kan
neerleggen of de juiste hoeveelheid vingers kan opsteken.
- Bij een getal dat uitgesproken wordt, het juiste dobbelsteenpatroon of stippenpatroon
kan aanwijzen.
- Bij een getal dat uitgesproken wordt, het juiste cijfersymbool kan aanwijzen.

,1.4 Leren tellen- de leerlijn
Het kennismaken met tellen en getallen gebeurt al vanaf de vroegste kinderjaren. Er zijn
verschillende vormen van tellen
- Akoestisch tellen: het ritmisch opzeggen van de telrij, zonder besef van wat de
telwoorden betekenen. (telrij oefenen)
- Synchroon tellen: het een voor een de getallen in volgorde opzeggen en gelijk en in
hetzelfde tempo objecten aanwijzen, heet synchroon tellen. (telrij opzeggen een voor
een)
- Resultatief tellen: akoestisch, synchroon en hoeveelheidsgetal voor nodig. Je gaat
naar een resultaat nodig. (Hoeveel tafels staan er)
- Getal beelden: dat je ziet dat je ze niet hoeft te tellen (dobbelsteen 5 meteen duidelijk)
- Verkort tellen: iets in groepjes leggen bijv. 2,4,6,8,10
Aantonen  groepjes tellen

2. Tientallig stelsel
2.1 Tientallig bundelen
Wij zijn gewend aan een tientallig getalsysteem. Kinderen moet nog leren hoe dat werkt en
wat de voordelen hiervan zijn. Het kunnen opzeggen van de telrij geeft niet de garantie dat de
kinderen kunnen doorzien hoe getallen zijn opgebouwd.
Bij het tellen met grotere hoeveelheden is het efficiënt om te bundelen. Het bundelen in
groepjes van 10 is het handigste. Veel kinderen ontdekken dit spontaan. Toch is de overstap
van het tellen in eenheden naar groepjes een moeilijke stap.

2.2. Positiewaarde
Getallen noteren wij volgens een wiskundige systematiek: een postitioneel systeem. dit houd
in dat de plaats waar een cijfer staat in een getal bepalend is voor de waarde die het heeft. de
plaats waar een cijfer staat, bepaalt wat dat cijfer waard is. Dit noemen we plaatswaarde of
positiewaarden. Naast het decimaal positioneel getalsysteem heb je ook zestigtallige en
tweetallige talstelsels. De enige die niet postioneel is, is het Romeinse talstelsel. De waarde
van een letter hangt niet af van de positie waarop die letter staat.

2.3. Leerlijn tientallig stelsel
In de leerlijn start je met het principe om te bundelen. Als het gaat om getallen tot 100 komt
daarnaast aandacht voor plaatswaarde ook aan de orde.
- Systematiek in de telrij: bij het leren van telwoorden leren kinderen dat daarin een
systematiek inzit. Bij het noteren is dit duidelijk te zien. Toch is dit lastig voor
kinderen omdat onze uitspraak niet gelijkloopt met de getallen zoals wij die
opschrijven.
- Tientallige bundeling: het herkennen van de systematiek betekent niet dat alle
kinderen ook begrijpen dat wij bundelingen maken. Dat is een apart inzicht. Bundelen
is efficiënt bij grotere hoeveelheden. Bij minder grote hoeveelheden is een bundeling
in vijven zinvol. Deze vijfstructuur herken je ook in de vingers van een hand of bij het
turven. Contexten en modellen zijn belangrijke didactische hulpmiddelen die kinderen
inzicht geven in tientallig bundelen. Een geschikte context is bijv. het aanbieden van
een grote hoeveelheid lucifers. Ook geldcontext is goed.
- Modellen voor de bundeling van tien: de bundeling van tien kun je goed laten zien met
een kralenketting. De kralenketting kan na enige tijd geschematiseerd worden tot een
getallenlijn op het bord. Deze twee hebben beide een lijnstructuur. Een ander structuur
is het groepjesmodel.

, - Plaatswaarde: samen met de bundeling van tien komt bij de verkenning van de
getallen tot 100 ook het inzicht tot plaatswaarde aan de orde. Een positieschema laat
schematisch zien op welke positie de getallen komen te staan. hierbij gebruiken de
kinderen D H T E.
- Uitbreiding van het inzicht: splitsen of de nulregel.

3. Bewerkingen
3.1. Optellen en aftrekken
Rekenen; het uitvoeren van bewerkingen van getallen. De eerste 4 bewerkingen zijn;
optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. Daarna volgen er nog worteltrekken en
machtsverheffing. Kinderen leren de 4 basisbewerkingen uitvoeren maar ook begrijpen.

In groep 3 leren de kinderen de beginselen van optellen en aftrekken. Ze leren bij welke
situatie een optelling of aftrekking hoort met het daarbij horende symbool. Het is belangrijk
dat kinderen doorkrijgen dat een opgave op formeel niveau hoort bij een heleboel situaties. De
formele optelsom is de wiskundige vertaling van al die situaties. Die activiteit van vertalen
wordt wel horizontaal mathematiseren genoemd. Leren optellen begint dus met het bespreken
van heel veel optelsituaties en daar de optelling in gaan zien. (Moeilijker verhaaltje
verzinnen)
Commutatieve eigenschap wil zeggen dat bij optellen altijd mag, namelijk het omdraaien van
de som.

Getallenlijn  rijgen… manier van aanpak waarbij het eerst getal heel wordt gelaten, waar
dan de tientallen en de eenheden van het tweede getal gesplitst vanaf gehaald wordt. (Soms is
makkelijker dan te kunnen aanvullen i.p.v. aftrekken)
Bepalen van verschil?  Aanvullen of op formeel niveau.
Door het gebruiken van de foto’s is er een ander denkpatroon. Hierbij kan je niet met
zekerheid het denkproces achterhalen.
Kinderen vinden het meestal niet moeilijk om optellen te herkennen. Ze hebben pas echt goed
inzicht in de bewerking optellen als ze in een bepaalde situatie de optelling herkennen en als
ze bij een kale optelling zelf een situatie kunnen bedenken.

Soorten aftrekken;
- Verschil bepalen: bepalen door af te halen of door aan te vullen. Of door de
generaliseren (afronden) het verschil blijft zo namelijk gelijk.
- Wegnemen, eraf halen: dit zijn de makkelijkste aftreksituaties.
- Aanvullen van een bepaalde hoeveelheid tot een andere hoeveelheid: wanneer het
verschil klein is dit makkelijker.

Klas  verhalen of plaatjes laten bij verzinnen.
De bewerking aftrekken is de inverse van de bewerking optellen. In groep 3 wordt dit op een
natuurlijke manier aan de orde gehaald, door de bus waarbij mensen in- en uitstappen.
Ook kun je in hogere klassen de samenhang tussen optellen en aftrekken bijv. op een
getallenlijn.

3.2 vermenigvuldigen en delen
Nadat kinderen in groep 3 een basaal inzicht hebben gekregen in de bewerkingen optellen en
aftrekken, maken ze in groep 4 kennis met de bewerkingen vermenigvuldigen en daarna met
de bewerking delen. Deze 4 vormen de basis voor het rekenen.

, Groepsstructuur, rechthoekstructuur.
Memoriseren: uit het hoofd leren.
Als een kind maar tot de tafel van 10 kan rekenen, moet hij ook de tafel van 12 beheersen. Dit
heeft te maken met inzicht in de bewerking vermenigvuldigen. Maar omdat die som ook niet
gememoriseerd is, moet je dan nog de distributieve eigenschap of verdeeleigenschap kennen
om 12x4 te splitsen.
 Visualiseren
Op vermenigvuldigen: hoeveel keer 4 is 1700? Hij heeft veel tussenstappen nodig.
Twee keer halveren: het door de helft splitsen

Kinderen verwerven het inzicht dat:
- Er sprake is van vermenigvuldigen in situaties waarbij het gaat om herhaal optellen
van dezelfde hoeveelheid, het maken van gelijke sprongen of van een rechthoekstructuur.
- Er sprake is van delen in situaties die betrekking hebben op herhaald aftrekken van
een dezelfde hoeveelheid of het een voor een verdelen van een hoeveelheid.
- De bewerkingen vermenigvuldigen en delen elkaars inverse zijn

Vermenigvuldigen is herhaald optellen. Net als bij de bewerkingen optellen en aftrekken geldt
dat kinderen in een situatie een vermenigvuldig moeten kunnen herkennen en dat ze zelf bij
een vermenigvuldigsom een passende situatie moeten kunnen benoemen.
Het herhaal samenvoegen van dezelfde hoeveelheid kan op 3 verschillende manieren
gestructureerd zijn:
1. Groepsstructuur (het maken van verschillende soorten groepjes)
2. Lijnstructuur (3 sprongen van vijf op de getallenlijn)
3. Rechthoekstructuur (stickervel)

Delen is een bewerking die in het dagelijks leven van kinderen vaak voorkomt. Kinderen
krijgen al op jonge leeftijd te maken met het verdelen van eten, speelgoed, etc.
Delen kan er in verschillende situaties voor kinderen heel anders uitzien:
1. Herhaald aftrekken op opdelen: bijv. er worden lunchpakketjes gemaakt. Er zijn 12
broodjes. Er gaan 3 broodjes in een lunchpakket. Hoeveel lunchpakketten.
2. Verdelen of eerlijk verdelen: bijv. er zijn 12 dropjes. 3 kinderen mogen die dropjes
verdelen. Hoeveel krijgt iedereen.
3. Omgekeerd vermenigvuldigen: bijv. er worden rijen stoelen neergezet. Er moeten 12
stoelen komen. Er passen 3 stoelen naast elkaar in een rij. Hoeveel rijen komen achter
elkaar te staan.

Vermenigvuldigen en delen zijn elkaar omgekeerde, ofwel: de bewerking delen is de inverse
van de bewerking vermenigvuldigen en andersom. Dit is heel duidelijk als je een rechthoek
tekent.
Kinderen leren vaak om bij delen hun kennis van vermenigvuldigen in te zetten. Dit is een
goede aanpak.

Een context helpt wel vaak!

3.3 Leerlijn bewerkingen
Oriëntatie op optellen en aftrekken
Dit begint met de basis die ligt in het vaardig voor- en achteruit kunnen tellen, dat in groep 1
en 2 geoefend wordt. Met de oudere kleuters kunnen ook al situaties verkend worden van een

Gekoppeld boek
 image
Uitgever: Onbekend ISBN: 9789001896393 Druk: 2

Documentinformatie

Studie
Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
18 maart 2022
Aantal pagina's
32
Geschreven in
2021/2022
Type
Samenvatting
$15.19
Gekocht door 35 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
kimvhg
3.6
(12)
Verkocht
86
Volgers
72
Items
36
Laatst verkocht
1 maand geleden

Reviews van geverifieerde kopers




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen