Samenvatting tijdvak 6: de tijd van regenten en vorsten
Paragraaf 6.1 : een wereldeconomie
▫ 1594: kooplieden richten in Amsterdam een compagnie op → ontdekkings/handelsreis naar
Azië. Dat werd mogelijk gemaakt door geld, kanonnen, bemanningsleden op schepen.
1000-1500( tijd van steden en staten)
▫ Handelaren waren belangrijk
▫ Kapitalisme ontstond door handel in luxeproducten
▫ Productiemiddelen= privébezit
▫ Maken van handelswaar door aan het werk gezette arbeiders. Deze arbeiders waren bezig
met handel en nijverheid.
▫ Hoofdzaak →handel= handelskapitalisme
1500-1600(tijd van tijd van ontdekkers en hervormers)
▫ Handelskapitalisme groeit verder
▫ Reizen over zeeën → kapitaal nodig, dus gingen compagnieën samenwerken.
1600-1700(tijd van regenten en vorsten)
▫ Bloei van het handelskapitalisme
▫ 1600→ 8 Nederlandse compagnieën vormen 1 bedrijf: VOC (Verenigde Oost-Indische
Compagnie)
Rechten van de VOC:
1. Als enige recht(monopolie) om handel te drijven in Azië
2. Verdragen sluiten met vorsten
3. Oorlog voeren
4. Gebieden besturen
5. Zich samen vestigen in (onbekende) gebieden
▫ Met de verkoop van aandelen betaalde de VOC alles wat ze nodig hadden
▫ VOC → eerste bedrijf met aandeelhouders die geld in hun onderneming lieten zitten. Dit was
een vernieuwing van het handelskapitalisme.
▫ Vroeger: VOC betaalde voor 1 reis en de aandeelhouders hadden de leiding
▫ Later: het bedrijf werd geleid door aparte bestuurders. → gouverneur (Hoogste leider) in
Azië.
▫ Kruidnagel+ nootmuskaat (specerijen) op de Molukken
- Met geweld kreeg de VOC het monopolie op deze specerijen van de Molukken
- Molukken werden gedwongen om alleen aan hen te verkopen.
- Opstand op de Molukken (1621) → veel inwoners werden gedood/uitgehongerd/tot slaaf
gemaakt door de VOC
- Stichting nootmuskaat productie → plantages waar Indische slaven op moesten werken
, Jan Pietserszoon Coen:
1. Bevel uitroeiing Bandanezen
2. 1618→ nieuwe stad gevormd op Java: Batavia
- Batavia= nieuwe hoofdkwartier van de VOC
- Schepen van- en- naar Europa
▫ VOC was een multinational met een uitgebreid handelsnetwerk aan de kust van o.a. China,
Japan, India.
- Zilver en zijde → China
- Katoen → India
- Specerijen → Molukken
▫ VOC in de 17e eeuw: meest verdienen aan specerijen, zijde, katoen
▫ VOC in de 18e eeuw: meest verdienen aan thee (China), koffie (Java onder dwang)
▫ Wereldwijde handelscontacten vormden het begin van de wereldeconomie
- 17e eeuw: gebieden verbonden met elkaar
- 1621: oprichting WIC rondom de Atlantische Oceaan
- Handelskantoren aan de kust van West- Afrika, Amerika, Nieuw-Amsterdam
▫ Rondom de Atlantische oceaan: Spanjaarden, Portugezen, Engelsen, Fransen
Paragraaf 6.2: de Gouden Eeuw van Nederland
▫ 1648-1665 werd het grootste stadhuis van Europa gebouwd= symbool van de burgermacht
▫ Rijke burgers hadden de macht
- Door opstand tegen Spanje → zelfstandigheid van Nederland behouden
- Republiek had een bijzondere plaats in Europa. (De Republiek had geen staatshoofd en de 7
gewesten werkten samen in de Staten- Generaal)
Staten-Generaal (ging over de volgende zaken):
1. Oorlog/ vrede
2. Leger en vloot
3. Buitenlandse politiek
4. Generaliteitslanden
▫ Regenten= bestuurders in de Republiek
▫ Staten= het hoogste bestuur in elk gewest
- Adel + steden werden vertegenwoordigd
- Stad: burgers voor het zeggen
- Oligarchie: kleine groep burgers die het voor het zeggen hadden
- Regenten benoemde elkaar → in de handen van de elite (rijke families)
▫ Stadhouder (lijkt op een vorst) + machtigste man in de republiek
Stadhouder:
- Opperbevelhebber leger+ vloot
- Toezicht hebben op de rechtspraak
- Invloed op regenten benoemingen
Paragraaf 6.1 : een wereldeconomie
▫ 1594: kooplieden richten in Amsterdam een compagnie op → ontdekkings/handelsreis naar
Azië. Dat werd mogelijk gemaakt door geld, kanonnen, bemanningsleden op schepen.
1000-1500( tijd van steden en staten)
▫ Handelaren waren belangrijk
▫ Kapitalisme ontstond door handel in luxeproducten
▫ Productiemiddelen= privébezit
▫ Maken van handelswaar door aan het werk gezette arbeiders. Deze arbeiders waren bezig
met handel en nijverheid.
▫ Hoofdzaak →handel= handelskapitalisme
1500-1600(tijd van tijd van ontdekkers en hervormers)
▫ Handelskapitalisme groeit verder
▫ Reizen over zeeën → kapitaal nodig, dus gingen compagnieën samenwerken.
1600-1700(tijd van regenten en vorsten)
▫ Bloei van het handelskapitalisme
▫ 1600→ 8 Nederlandse compagnieën vormen 1 bedrijf: VOC (Verenigde Oost-Indische
Compagnie)
Rechten van de VOC:
1. Als enige recht(monopolie) om handel te drijven in Azië
2. Verdragen sluiten met vorsten
3. Oorlog voeren
4. Gebieden besturen
5. Zich samen vestigen in (onbekende) gebieden
▫ Met de verkoop van aandelen betaalde de VOC alles wat ze nodig hadden
▫ VOC → eerste bedrijf met aandeelhouders die geld in hun onderneming lieten zitten. Dit was
een vernieuwing van het handelskapitalisme.
▫ Vroeger: VOC betaalde voor 1 reis en de aandeelhouders hadden de leiding
▫ Later: het bedrijf werd geleid door aparte bestuurders. → gouverneur (Hoogste leider) in
Azië.
▫ Kruidnagel+ nootmuskaat (specerijen) op de Molukken
- Met geweld kreeg de VOC het monopolie op deze specerijen van de Molukken
- Molukken werden gedwongen om alleen aan hen te verkopen.
- Opstand op de Molukken (1621) → veel inwoners werden gedood/uitgehongerd/tot slaaf
gemaakt door de VOC
- Stichting nootmuskaat productie → plantages waar Indische slaven op moesten werken
, Jan Pietserszoon Coen:
1. Bevel uitroeiing Bandanezen
2. 1618→ nieuwe stad gevormd op Java: Batavia
- Batavia= nieuwe hoofdkwartier van de VOC
- Schepen van- en- naar Europa
▫ VOC was een multinational met een uitgebreid handelsnetwerk aan de kust van o.a. China,
Japan, India.
- Zilver en zijde → China
- Katoen → India
- Specerijen → Molukken
▫ VOC in de 17e eeuw: meest verdienen aan specerijen, zijde, katoen
▫ VOC in de 18e eeuw: meest verdienen aan thee (China), koffie (Java onder dwang)
▫ Wereldwijde handelscontacten vormden het begin van de wereldeconomie
- 17e eeuw: gebieden verbonden met elkaar
- 1621: oprichting WIC rondom de Atlantische Oceaan
- Handelskantoren aan de kust van West- Afrika, Amerika, Nieuw-Amsterdam
▫ Rondom de Atlantische oceaan: Spanjaarden, Portugezen, Engelsen, Fransen
Paragraaf 6.2: de Gouden Eeuw van Nederland
▫ 1648-1665 werd het grootste stadhuis van Europa gebouwd= symbool van de burgermacht
▫ Rijke burgers hadden de macht
- Door opstand tegen Spanje → zelfstandigheid van Nederland behouden
- Republiek had een bijzondere plaats in Europa. (De Republiek had geen staatshoofd en de 7
gewesten werkten samen in de Staten- Generaal)
Staten-Generaal (ging over de volgende zaken):
1. Oorlog/ vrede
2. Leger en vloot
3. Buitenlandse politiek
4. Generaliteitslanden
▫ Regenten= bestuurders in de Republiek
▫ Staten= het hoogste bestuur in elk gewest
- Adel + steden werden vertegenwoordigd
- Stad: burgers voor het zeggen
- Oligarchie: kleine groep burgers die het voor het zeggen hadden
- Regenten benoemde elkaar → in de handen van de elite (rijke families)
▫ Stadhouder (lijkt op een vorst) + machtigste man in de republiek
Stadhouder:
- Opperbevelhebber leger+ vloot
- Toezicht hebben op de rechtspraak
- Invloed op regenten benoemingen