Global manufacturing
MODULE 1 – VAN TRADITIONEEL MANAGEMENT
NAAR LEAN
Historische context
Industriële revolutie 1700 – 1800
- Industrie = werk
- Revolutie = snelle verandering
- Van boerderij naar fabrieken
- Van kleine eenmansbedrijven naar grote schaal productie
Waarom?
In 19de eeuw leefde bijna iedereen op het platteland (boer of kleding met hand maken)
tijdens industriële revolutie werden machines uitgevonden die ervoor zorgden dat
dingen als kleding maken veel sneller konden
3 kernelementen:
1) Kracht
2) Innovatie
3) Transport
Produceren: meer en meer overgegaan van handarbeid naar motorisatie met behulp
van stroom
Hierdoor konden fabrieken sneller produceren + groeien in volume
Machine innovaties = tal van uitvindingen zorgden voor snellere en
geautomatiseerde productie
Grootste mechanisatie: spinmachine (razendsnel kleding maken), stoommachine
(meerdere machines tegelijk gebruiken), …
Transport werd in de jaren 1800 enorm verbeterd door industrieel treinverkeer en
waterverkeer
Gaf volgende uitdagingen:
- Samenwerken met een grote groep mensen
- Mens en machine werken samen
- Sneller tempo van industriële ontwikkeling
- Hoe omgaan met verandering en uitdagingen?
3 klassieke management theorieën
Weber – bureaucratie
Algemeen:
- Organisaties moeten een afspiegeling zijn van een regering
- Legaal rationele aanpak
1
Global manufacturing
, - Geen traditionele familiale aanpak
- Geen fan van charismatische leider, hoofd van de familie met een eigen insteek
en familiariteiten
De basis:
1) Alle taken dienen opgenomen te worden als officiële taken
2) Management kan deze taken opleggen
3) Regels en taken dienen gerespecteerd te worden
Bureaucratie:
- Een systeem om een land, bedrijf of organisatie te organiseren en controleren
(managen)
- Een noodzakelijk kwaad?
- Weber geloofde dat dit systeem de efficiëntie van een organisatie verbetert
+ zette een aantal principes of karakteristieken op voor een ideale bureaucratie
6 karakteristieken:
1) Taak specialisatie
Alle taken dienen specifiek benoemd te worden en worden
ondergebracht in specifieke functies, toegewezen aan individuen
Duidelijkheid over wat de verantwoordelijkheden zijn
Voorbeeld: betalingen opvolgen en uitvoeren is
verantwoordelijkheid van HR en niet van de productiemanager,
wat mag de PM dan wel beslissen?
2) Hiërarchie en autoriteit
Management is verspreid over hiërarchie
Mid level managers en high level managers (directors)
Voorbeeld: marketing manager P&G
3) Onpersoonlijk maar formeel
Relatie tussen medewerkers mag niet persoonlijk zijn, dit werkt de
effectiviteit tegen
Geen nepotimse en favoritisme
Ontraden van relatie op te bouwen op het werk!
4) Formele selectie van personeel
Niet op basis van ons kennen
Op basis van capaciteiten
Job zekerheid en groeimogelijkheid
Job contracten en overeenkomsten
5) Formele regels en procedures
Regels zorgen voor duidelijkheid en voorspelbaarheid
Geen persoonlijke interventies en overulings
Voorbeeld: wijzigen van productieplanning door zoon van de baas
omdat de klant een goede vriend is, aanwerven zonder
2
Global manufacturing
, goedkeuring productiemanager, willekeurig ontslag, geen
rapportering opleveren of net te veel, …
6) Carrière georiënteerd
Maak duidelijk wat de start is en het doorgroeitraject
Geen ontslag zonder duidelijke reden
Mogelijkheid tot lang en interessant werk bij de WG
Voor- en nadelen:
VOORDELEN NADELEN
- Specialisatie - Veel administratie
- Gelijkheid - Logge beslissingen
- Leren van ervaring en kennis - Wegduiken achter job
opbouwen omschrijving
- Innovatie?
- Betrokkenheid?
Taylor – scientific approach
Algemeen:
- Wetenschappelijke benadering
- Standaardisatie van het werk is de basis voor productiviteit
- Time & motion studies
- Supervisie is nodig aangezien medewerkers lui zijn van nature (!!)
Shovel experiment (1900)
- Bepaalde dat het optimale gewicht voor de schop 21 pond is
- Ergonomie dient aangepast te worden
- Voorheen gebruikte ze dezelfde schop voor iedereen
- Sommige hadden een eigen schop
- Snelheid versus langer doorwerken
Brick studie
- 300% meer stenen per uur verwerkt
- Buigen en strekken
- Nemen van stenen
- Afstand
- Aanpak:
o Reduceer de benodigde tijd
o Reduceer het aantal bewegingen
Kijk in detail welke bewegingen
Standaardiseer elke stap
Alles op 1 manier (!!)
3
Global manufacturing
, Fayol – management approach
= Een Frans mijndirecteur die een belangrijke bijdrage geleverd heeft aan de
organisatiekunde. Hij is een van de sleutelfiguren van de klassieke
managementtheorie.
Bestudeerde de Industriële revolutie en het management van bedrijven
6 activities of industry:
- Mangerial
- Technisch
- Commercieel
- Financieel
- Veiligheid
- Accounting
5 management activiteiten:
Planning Vooruit kijken
Organization Organiseren van mensen en middelen
Command Overzien, aansturen, geen details
Coordinatie Harmoniseren en faciliteren
Controle Voldoen aan alle normen en regels (boekhouding,
technisch, financieel, …)
14 management principes:
Verdeling van werk Medewerkers en eenheden specialiseren zich in hun
functie
Autoriteit Bevoegdheid is afgestemd op verantwoordelijkheid
Discipline Gehoorzaamheid en respect laten de organisatie soepel
werken
Eenheid van bevel Iedere medewerker rapporteert aan slechts 1
leidinggevende
Eenheid van richting Alle inspanningen zijn gericht op hetzelfde
Ondergeschiktheid van Belangenconflicten worden vermeden
het individueel aan het
gezamenlijk belang
Evenredige beloning Iedreen krijgt loon naar werken
Centralisatie Wat op meerdere medewerkers en eenheden betrekking
heeft moet gecentraliseerd worden gehouden
Hiërarchie De formele bevelsstructuur garandeert helderheid
Orde Mensen en materiaal zijn op het juiste moment op de
juiste plaats
Gelijkheid Loyaliteit en toewijding komen voort uit vriendelijkheid en
rechtvaardigheid
Stabiliteit Mensen krijgen de gelegenheid hun werk in de praktijk te
leren
Initiatief Mits tevoren geformuleerd bieden experimenten kansen
op verbetering
Esprit de corps Harmonieus samenwerken is een belangrijke succesfactor
4
Global manufacturing
MODULE 1 – VAN TRADITIONEEL MANAGEMENT
NAAR LEAN
Historische context
Industriële revolutie 1700 – 1800
- Industrie = werk
- Revolutie = snelle verandering
- Van boerderij naar fabrieken
- Van kleine eenmansbedrijven naar grote schaal productie
Waarom?
In 19de eeuw leefde bijna iedereen op het platteland (boer of kleding met hand maken)
tijdens industriële revolutie werden machines uitgevonden die ervoor zorgden dat
dingen als kleding maken veel sneller konden
3 kernelementen:
1) Kracht
2) Innovatie
3) Transport
Produceren: meer en meer overgegaan van handarbeid naar motorisatie met behulp
van stroom
Hierdoor konden fabrieken sneller produceren + groeien in volume
Machine innovaties = tal van uitvindingen zorgden voor snellere en
geautomatiseerde productie
Grootste mechanisatie: spinmachine (razendsnel kleding maken), stoommachine
(meerdere machines tegelijk gebruiken), …
Transport werd in de jaren 1800 enorm verbeterd door industrieel treinverkeer en
waterverkeer
Gaf volgende uitdagingen:
- Samenwerken met een grote groep mensen
- Mens en machine werken samen
- Sneller tempo van industriële ontwikkeling
- Hoe omgaan met verandering en uitdagingen?
3 klassieke management theorieën
Weber – bureaucratie
Algemeen:
- Organisaties moeten een afspiegeling zijn van een regering
- Legaal rationele aanpak
1
Global manufacturing
, - Geen traditionele familiale aanpak
- Geen fan van charismatische leider, hoofd van de familie met een eigen insteek
en familiariteiten
De basis:
1) Alle taken dienen opgenomen te worden als officiële taken
2) Management kan deze taken opleggen
3) Regels en taken dienen gerespecteerd te worden
Bureaucratie:
- Een systeem om een land, bedrijf of organisatie te organiseren en controleren
(managen)
- Een noodzakelijk kwaad?
- Weber geloofde dat dit systeem de efficiëntie van een organisatie verbetert
+ zette een aantal principes of karakteristieken op voor een ideale bureaucratie
6 karakteristieken:
1) Taak specialisatie
Alle taken dienen specifiek benoemd te worden en worden
ondergebracht in specifieke functies, toegewezen aan individuen
Duidelijkheid over wat de verantwoordelijkheden zijn
Voorbeeld: betalingen opvolgen en uitvoeren is
verantwoordelijkheid van HR en niet van de productiemanager,
wat mag de PM dan wel beslissen?
2) Hiërarchie en autoriteit
Management is verspreid over hiërarchie
Mid level managers en high level managers (directors)
Voorbeeld: marketing manager P&G
3) Onpersoonlijk maar formeel
Relatie tussen medewerkers mag niet persoonlijk zijn, dit werkt de
effectiviteit tegen
Geen nepotimse en favoritisme
Ontraden van relatie op te bouwen op het werk!
4) Formele selectie van personeel
Niet op basis van ons kennen
Op basis van capaciteiten
Job zekerheid en groeimogelijkheid
Job contracten en overeenkomsten
5) Formele regels en procedures
Regels zorgen voor duidelijkheid en voorspelbaarheid
Geen persoonlijke interventies en overulings
Voorbeeld: wijzigen van productieplanning door zoon van de baas
omdat de klant een goede vriend is, aanwerven zonder
2
Global manufacturing
, goedkeuring productiemanager, willekeurig ontslag, geen
rapportering opleveren of net te veel, …
6) Carrière georiënteerd
Maak duidelijk wat de start is en het doorgroeitraject
Geen ontslag zonder duidelijke reden
Mogelijkheid tot lang en interessant werk bij de WG
Voor- en nadelen:
VOORDELEN NADELEN
- Specialisatie - Veel administratie
- Gelijkheid - Logge beslissingen
- Leren van ervaring en kennis - Wegduiken achter job
opbouwen omschrijving
- Innovatie?
- Betrokkenheid?
Taylor – scientific approach
Algemeen:
- Wetenschappelijke benadering
- Standaardisatie van het werk is de basis voor productiviteit
- Time & motion studies
- Supervisie is nodig aangezien medewerkers lui zijn van nature (!!)
Shovel experiment (1900)
- Bepaalde dat het optimale gewicht voor de schop 21 pond is
- Ergonomie dient aangepast te worden
- Voorheen gebruikte ze dezelfde schop voor iedereen
- Sommige hadden een eigen schop
- Snelheid versus langer doorwerken
Brick studie
- 300% meer stenen per uur verwerkt
- Buigen en strekken
- Nemen van stenen
- Afstand
- Aanpak:
o Reduceer de benodigde tijd
o Reduceer het aantal bewegingen
Kijk in detail welke bewegingen
Standaardiseer elke stap
Alles op 1 manier (!!)
3
Global manufacturing
, Fayol – management approach
= Een Frans mijndirecteur die een belangrijke bijdrage geleverd heeft aan de
organisatiekunde. Hij is een van de sleutelfiguren van de klassieke
managementtheorie.
Bestudeerde de Industriële revolutie en het management van bedrijven
6 activities of industry:
- Mangerial
- Technisch
- Commercieel
- Financieel
- Veiligheid
- Accounting
5 management activiteiten:
Planning Vooruit kijken
Organization Organiseren van mensen en middelen
Command Overzien, aansturen, geen details
Coordinatie Harmoniseren en faciliteren
Controle Voldoen aan alle normen en regels (boekhouding,
technisch, financieel, …)
14 management principes:
Verdeling van werk Medewerkers en eenheden specialiseren zich in hun
functie
Autoriteit Bevoegdheid is afgestemd op verantwoordelijkheid
Discipline Gehoorzaamheid en respect laten de organisatie soepel
werken
Eenheid van bevel Iedere medewerker rapporteert aan slechts 1
leidinggevende
Eenheid van richting Alle inspanningen zijn gericht op hetzelfde
Ondergeschiktheid van Belangenconflicten worden vermeden
het individueel aan het
gezamenlijk belang
Evenredige beloning Iedreen krijgt loon naar werken
Centralisatie Wat op meerdere medewerkers en eenheden betrekking
heeft moet gecentraliseerd worden gehouden
Hiërarchie De formele bevelsstructuur garandeert helderheid
Orde Mensen en materiaal zijn op het juiste moment op de
juiste plaats
Gelijkheid Loyaliteit en toewijding komen voort uit vriendelijkheid en
rechtvaardigheid
Stabiliteit Mensen krijgen de gelegenheid hun werk in de praktijk te
leren
Initiatief Mits tevoren geformuleerd bieden experimenten kansen
op verbetering
Esprit de corps Harmonieus samenwerken is een belangrijke succesfactor
4
Global manufacturing