100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Rode draad psychopathologie (kwartiel 3) (leerjaar 2)

Rating
-
Sold
-
Pages
54
Uploaded on
01-02-2022
Written in
2020/2021

Een wat langere samenvatting voor psychopathologie. Dit is een vrij lastig vak met veel jargon, maar hopelijk kan deze samenvatting het vak wat makkelijker maken :)

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
February 1, 2022
Number of pages
54
Written in
2020/2021
Type
Summary

Subjects

Content preview

Hoofdstuk 1 1
1.1 Het terrein van de klinische psychologie 1
1.2 Aspecten van ‘abnormaal’ gedrag 2
1.3 Normaal en abnormaal: waar ligt de grens? 3

Hoofdstuk 9 6
9.1 Wat is classificatie? 6
9.2 Diagnostic and statistical manual of mental disorders -5 (DSM-5) 8
9.3 International classification of diseases (ICD-10) 11

Hoofdstuk 11 11
11.1 De autismespectrumstoornis bij volwassenen 11
11.2 ADHD bij volwassenen 14

Hoofdstuk 16 17
16.1 De regeling van slapen en waken 17
16.2 De normale slaap 17
16.3 Het slaap-waakritme 17
16.4 Klinisch beeld, diagnostiek en behandeling 18

Hoofdstuk 17 22
17.1 Anorexia nervosa 22
17.2 Boulimia nervosa 23
17.3 Eetbuistoornis 24
17.4 Overige eet- en voedingsstoornissen 27
17.5 Differentiële diagnostiek en comorbiditeit 27
17.6 Epidemiologie 27
17.7 Theorieën over de etiologie van eetstoornissen 27
17.8 behandeling 27

Hoofdstuk 18 29
18.1 Oppositionele-opstandige stoornis 29
18.2 Periodiek explosieve stoornis 30
18.3 Normoverschrijdend gedragsstoornis 32
18.4 Pyromanie 33
18.5 Kleptomanie 34

Hoofdstuk 19 35
19.1 Een psychiatrische visie op seksuele stoornissen 35
19.2 Genderdysforie 35
19.3 Parafiele stoornissen 36
19.4 Seksuele disfuncties 39

Hoofdstuk 25 42
25.1 Beschrijving klinisch beeld 42

, 25.2 Historisch perspectief 48
25.3 Etiologie 48
25.4 Prevalentie 50
25.5 Diagnostische methoden 51




Hoofdstuk 1
Over klinische psychologie en ‘abnormaal’ gedrag

Klinische psychologie is de meest bekende subdiscipline van de psychologie. Als we
psychologie indelen kunnen we onderscheid maken tussen basisdisciplines en toepassing
disciplines. Dit is zo ingedeeld volgens hoogleraar Duijker (1959).

Basisdisciplines:
- Functieleer
- Ontwikkelingspsychologie
- Sociale psychologie
- Persoonlijkheidspsychologie
- Methodenleer

Toepassingsgerichte disciplines:
- Klinische en gezondheidspsychologie
- Arbeids- en organisatiepsychologie
- Onderwijspsychologie

1.1 Het terrein van de klinische psychologie
Dit hoofdstuk stond in het teken van het onderwerp dat de kern vormt van de klinische
psychologie: psychische stoornissen. Het blijkt moeilijk een duidelijke en eenduidige definitie
van psychische stoornissen te geven. Iedere omschrijving biedt ruimschoots mogelijkheden
voor allerlei verschillende interpretaties. Zowel leken als klinisch psychologen en psychiaters
laten zich in hun oordeel over het abnormaal-zijn van gedrag leiden door aspecten als
persoonlijk lijden van de betrokkene en de mate waarin het gedrag het functioneren van de
persoon en zijn omgeving belemmert.

Psychopathologie houdt zich vooral bezig met gedrag dat afwijkt (dat nadelig is) en niet dat
afwijkt en voordelen biedt zoals een hoog iq (dat is persoonlijkheidspsychologie), behalve
als dat hoog iq problemen oplevert, dan nemen we het wel over in de klinische psychologie.
De aspecten van de individuele persoon kunnen afwijkend gedrag (vb. excessief drinken),
afwijkende gedachten (vb. dwanggedachten) of afwijkende belevingen (vb. Extreme
angsten) zijn. Vaak is er een combi van deze aspecten aanwezig. Daarnaast kunnen
mensen afwijken in relaties die ze met andere hebben bijv. student die contacten vermijd
kan gaan denken dat hij geen vrienden kan krijgen en kan worden gekweld door gevoelens


1

,van eenzaamheid. Ze wijken (in al deze gevallen) af van de ‘norm’. Daarom is het ook
belangrijk om te weten wat normaal is om afwijkingen te kunnen ‘spotten’ (wat normaal is
leren we bijv bij sociale psychologie en persoonlijkheidspsychologie) . Maar het is soms
lastig om te kijken wanneer bepaald gedrag een variatie is op ‘normaal’ gedrag.




1.2 Aspecten van ‘abnormaal’ gedrag
Seligman, Walker en Rosenham (2001) onderscheiden zeven factoren die bepalen of
gedrag als abnormaal of pathologisch wordt beschouwd. Hoe meer van deze factoren
aanwezig zijn en hoe duidelijker zij op de voorgrond treden, hoe beter je kan beoordelen.
Geen van deze aspecten is een voldoende of noodzakelijk voorwaarde om van abnormaal
gedrag of psychopathologie te kunnen spreken. In de loop der tijd zijn uiteenlopende
modellen ontwikkeld als antwoord op de vraag naar de grens tussen ‘normaal’ en
‘abnormaal’ dus tussen psychische gezondheid en ziekte.

Hier alle zeven factoren:

1. Persoonlijk lijden: bij veel psychische stoornissen lijdt de persoon erg onder zijn
problemen. Maar lijden alleen is niet een voorwaarde voor een psychische stoornis,
zo kunnen mensen die denken dat ze napoleon zijn zich daarbij heel gelukkig voelen.
En daarnaast lijden mensen ook door bepaalde gebeurtenissen in het dagelijks leven
tijdelijk of langdurig, bijv bij een scheiding. Dit gaat kan dus ook gebeuren zonder dat
er een psychische stoornis optreed!

2. De (disfunctionaliteit) van het gedrag: De mate waarin het gedrag het dagelijks
functioneren en het welbevinden van het individu ondermijnt, bepaalt de mate van
normaliteit. Het gaat dan vooral om of iemand in staat is om normaal te functioneren
en bevredigende relaties met andere kan onderhouden. Ook kan bepaald gedrag
disfunctioneel zijn omdat zij het welbevinden en het functioneren van anderen
verstoord, maar ook dat is niet een voorwaarde van een psychische stoornis. Zo
kunnen inbrekers ook ernstig leed toebrengen.

3. Irrationeel en onbegrijpelijk gedrag: Als mensen in de ogen van andere abnormaal
gedrag tonen zoals bij bijv boulimia het geval is (veel eten en dan weer uitbraken).
Zien we dat snel als abnormaal gedrag.

4. Onvoorspelbaarheid en controle: Mensen willen het liefst dat het gedrag van mensen
voorspelbaar is, anders zullen ze zich bedreigd/kwetsbaar voelen. Er zijn twee typen
waarin controleverlies/verlies aan zelfbeheersing voorkomen.
Type 1: Situaties waarin de regels die gewoonlijk het gedrag van een persoon sturen
niet meer werkzaam zijn. Bijvoorbeeld een man die altijd vriendelijk is die ineens
iemand aanvliegt.
Type 2: Waarin de toeschouwer de oorzaak of aanleiding van het gedrag dat hij
waarneemt niet kent en kan achterhalen. Bijvoorbeeld een vrouw die je zonder jas
flink ziet schelden en rennen, waarbij je misschien denkt die is gek. (Maar de vrouw
had ook wel net in een pashokje beroofd kunnen zijn en achter de man aan zijn



2

, gerend). Maar ook hier geldt dat dit onvoorspelbare gedrag niet gelijk staat aan een
psychische stoornis. Zo kan een timide man zich ook tot een gangmaker ontpoppen
en dan zien we dit niet als iets pathologisch.

5. Opvallend en onconventioneel gedrag: Bij de beoordeling van het handelen van
anderen kiezen mensen vaak hun eigen (potentiële) gedrag als maatstaf en zal het
gedrag dat hiervan afwijkt opvallen (en hoe meer , hoe meer dat opvalt). Bijv een
keurige dame die een tiener ziet met piercings en groen warrig haar. Een maatstaf
die we kunnen gebruiken is hoe vaak wijkt zoiets af. Vaak is
opvallend/onconventioneel gedrag geen reden om te denken dat er iets pathologisch
is.

6. Gedrag dat een ongemakkelijk gevoel bij anderen teweegbrengt: Dergelijke
overtredingen van de impliciete regels voor gepast gedrag vergroten de kans dat de
toeschouwer gedragingen als abnormaal ziet. Bijv. iemand tijdens een gesprek niet
in de ogen aankijken maar naar iemands oor kijken.

7. Het overtreden van morele normen: Naarmate gedrag van een andere niet
overeenkomt met hun eigen ideeën over optimaal functioneren neemt de kans toe
dat zij dat gedrag als ‘abnormaal’ gaan zien.

De zeven factoren geven inzicht in abnormaal gedrag, sommige van deze aspecten zijn ook
opgenomen in de APA (american psychiatric association) en de DSM-5.

1.3 Normaal en abnormaal: waar ligt de grens?
Drie van deze modellen hebben we beschreven: het statistisch model, het medisch model
en het leer-of onderwijsmodel. De verschillende modellen leveren andere grenzen op tussen
geestelijke ‘gezondheid’ en ‘ziekte’. Hoewel geen van deze modellen een afdoende
antwoord biedt op het afgrenzing-vraagstuk, is elk model toepasbaar bij een aantal
psychische stoornissen.

Het statistisch model
Het statistisch model wordt ? Wel is het model gebaseerd op een dimensionele benadering
van de psychopathologie, die ook bij psychologische tests worden gebruikt.




3

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
timklaastp Saxion Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
62
Member since
5 year
Number of followers
43
Documents
19
Last sold
1 year ago

3.9

10 reviews

5
2
4
5
3
3
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions