Gravitatie
Zwaartekracht = de kracht die de aarde op jou en alle andere voorwerpen om
je heen uitoefent
Fz = m ∙ g
Fz = zwaartekracht in newton (N)
m = massa in kilogram (kg)
g = zwaarteconstante in meter per seconde in het kwadraat (ms -2) -> voor elk
gebied op aarde anders
Gravitatiekracht = de aantrekkingskracht tussen twee massa’s -> hoe groter
de massa, hoe groter de gravitatiekracht
m1 ∙m 2
Fg = G ∙
r2
Fg = gravitatiekracht in newton (N)
G = gravitatieconstante -> BINAS 7A
m1 en m2 = massa in kilogram (kg)
r = de afstand tussen de zwaartepunten van de
twee massa’s in meter (m)
Valversnelling aarde:
maarde
g=G∙
r 2aarde
g = valversnelling in meter per seconde in het kwadraat (ms -2)
G = gravitatieconstante
maarde = massa van de aarde in kilogram (kg)
raarde = straal van de aarde in meter (m)
Derde wet van Newton:
FA op B = - FB op A
Actiekracht = de kracht die A uitoefent op B
Reactiekracht = de tegengestelde kracht die B uitoefent op A
Krachtenpaar = twee krachten die je niet samen kunt stellen tot een
resulterende kracht, omdat ze niet op hetzelfde voorwerp werken