Architectuur in context A: 9 lessen.
Les1: Grieks:
De Polis en de Megapolis: De organisatie van een samenleving door de architectuur
INLEIDING
Romeinse en Griekse architectuur wordt vaak samen geplaatst door bepaalde overeenkomsten.
Maar er waren ook grote verschillen: de wijze van constructie, materialen, technieken, ….
ARCHITECTUUR WAS EEN POLYCHRAMIE
Verschillen:
1. Polis= een stadstaat in de griekse geschiedenis (spel grepolis) vs Imperium van de Romeinen
2. De grieken waren perfectionisten bv: de architraaf. Vs assimilatie
3. Bouwsystemen
JOHAN JOACHIM WINCKELMANN VS GIOVANNI BATTISTA PIRANESI
Johan was een Griek en Giovanni een Romein (Giovanni Italiani), ze tekenen eenzelfde gebouw op 2
opvallende verschillende manieren.
Joachim: Esthetiek, zuiverheid is belangrijk, landschap en het gebouw is een mooie harmonie,
diagonale benadering van gebouw, vrije benadering is typisch aan griekse gebouwen. Zegt dat
Romeinse een flauw afkooksel is van de Grieken.
Piranesi: weergave van in het gebouw zelf, gebouw is zeer aanwezig, gewassen en onkruid schrapt
het idyllische van de architectuur, architectuur is een inbreuk op de natuur, natuur herovert haar
plaats= verval. Meer detail, zuilen opgebouwd uit trommels, constructie moet duidelijk zijn.
Griekse wereld bestond uit verschillende stadsstaten
Hellas was vroeger de naam van Griekenland, bevolking waren dus Hellenen. Helleense cultuur.
Algemene Helleense cultuur over verschillende stadstaten werden Pan-Hellenistische plaatsen
genoemd. Voorbeeld van activiteiten op deze plaatsen: sport: olympische spelen.
Dorische, militanten en Ionische, handelaars groepen waren belangrijk.
Stijlfases Griekse architectuur:
1. Archaische fase 700-480 BCE
2. Klassieke fase 482-626 BCE
3. Hellenistische fase 323-30 BCE Athene word het duidelijke centrum
De proto-Griekse cultuur= Pre-griekse cultuur
Het paleis van Knossos in Kreta, gebouwd door koning Minos. Architect
Daedalis moest labyrinth bouwen voor de Minotaurus. Minoische beschaving
Kenmerkend voor Paleis van Knossos:
1. Polychromie: kleurrijke architectuur
2. Realisme: fresco’s van dolfijnen, acrobatie van stier, bokswedstrijd van mensen
, 3. Megaron grondplan: type huizen met gelijkenissen:
aaneengeschakelde ruimtes gescheiden door zuilen(STYLUS) of
muurdelen.
4. Zuil-architraafsysteem
Het perfectioneren van de orde als opdracht voor de Griekse Goden
ZUILENORDE: een systeem gebruikt om tempels te identificieren.
Elementen: constructief, stilistisch (Dorisch, Ionisch en
Korintisch) en Maatvoering en proportie
Schema belangrijkste elementen van zuildenorde:
ZUIL: basis, schacht, kapiteel (echinus, abacus)
ENTABLEMENT: Architraaf (vaak leeg gelaten), fries(3
gleuven, trigliefen), kroonlijst
FRONTON: Tympanon, sima
Zuilen evolueren naar halfzuilen, geen draagzuil meer
maar decoratief. Vooral bij de Romeinen om de gevel
spraakzamer te maken.
Waarom Orde en niet gewoon zuil? Omdat het meer
is dan een zuil het is 1 systeem dat samenhangt door
afmetingen, een hele orde. Elke zuil is een beetje
anders.
modulus: diameter van de voet van de zuil is verschillend bij
zuilen. Intercolumnien is de afstand tussen de zuilen als opening,
afstand tussen bepaalde zuilen is hetzelfde en anders dan andere
ordes.
STIJLFASES: (hoe de zuilordes tot
stand zijn gekomen)
1. Archaisch: dorische orde door dorische stammen
2. Klassieke: Ionische orde door Ionische stammen
3. Hellenistische: Polis en stadstaat zwakt af dus er komt meer 1 geheel
Doorheen deze fases zijn er niet veel vernieuwingen maar de bestaande elementen komen
tot stand, zoals: architraaf, peripteraal grondplan,… door stam die de macht of politiek naar
zich toe trekt
Les1: Grieks:
De Polis en de Megapolis: De organisatie van een samenleving door de architectuur
INLEIDING
Romeinse en Griekse architectuur wordt vaak samen geplaatst door bepaalde overeenkomsten.
Maar er waren ook grote verschillen: de wijze van constructie, materialen, technieken, ….
ARCHITECTUUR WAS EEN POLYCHRAMIE
Verschillen:
1. Polis= een stadstaat in de griekse geschiedenis (spel grepolis) vs Imperium van de Romeinen
2. De grieken waren perfectionisten bv: de architraaf. Vs assimilatie
3. Bouwsystemen
JOHAN JOACHIM WINCKELMANN VS GIOVANNI BATTISTA PIRANESI
Johan was een Griek en Giovanni een Romein (Giovanni Italiani), ze tekenen eenzelfde gebouw op 2
opvallende verschillende manieren.
Joachim: Esthetiek, zuiverheid is belangrijk, landschap en het gebouw is een mooie harmonie,
diagonale benadering van gebouw, vrije benadering is typisch aan griekse gebouwen. Zegt dat
Romeinse een flauw afkooksel is van de Grieken.
Piranesi: weergave van in het gebouw zelf, gebouw is zeer aanwezig, gewassen en onkruid schrapt
het idyllische van de architectuur, architectuur is een inbreuk op de natuur, natuur herovert haar
plaats= verval. Meer detail, zuilen opgebouwd uit trommels, constructie moet duidelijk zijn.
Griekse wereld bestond uit verschillende stadsstaten
Hellas was vroeger de naam van Griekenland, bevolking waren dus Hellenen. Helleense cultuur.
Algemene Helleense cultuur over verschillende stadstaten werden Pan-Hellenistische plaatsen
genoemd. Voorbeeld van activiteiten op deze plaatsen: sport: olympische spelen.
Dorische, militanten en Ionische, handelaars groepen waren belangrijk.
Stijlfases Griekse architectuur:
1. Archaische fase 700-480 BCE
2. Klassieke fase 482-626 BCE
3. Hellenistische fase 323-30 BCE Athene word het duidelijke centrum
De proto-Griekse cultuur= Pre-griekse cultuur
Het paleis van Knossos in Kreta, gebouwd door koning Minos. Architect
Daedalis moest labyrinth bouwen voor de Minotaurus. Minoische beschaving
Kenmerkend voor Paleis van Knossos:
1. Polychromie: kleurrijke architectuur
2. Realisme: fresco’s van dolfijnen, acrobatie van stier, bokswedstrijd van mensen
, 3. Megaron grondplan: type huizen met gelijkenissen:
aaneengeschakelde ruimtes gescheiden door zuilen(STYLUS) of
muurdelen.
4. Zuil-architraafsysteem
Het perfectioneren van de orde als opdracht voor de Griekse Goden
ZUILENORDE: een systeem gebruikt om tempels te identificieren.
Elementen: constructief, stilistisch (Dorisch, Ionisch en
Korintisch) en Maatvoering en proportie
Schema belangrijkste elementen van zuildenorde:
ZUIL: basis, schacht, kapiteel (echinus, abacus)
ENTABLEMENT: Architraaf (vaak leeg gelaten), fries(3
gleuven, trigliefen), kroonlijst
FRONTON: Tympanon, sima
Zuilen evolueren naar halfzuilen, geen draagzuil meer
maar decoratief. Vooral bij de Romeinen om de gevel
spraakzamer te maken.
Waarom Orde en niet gewoon zuil? Omdat het meer
is dan een zuil het is 1 systeem dat samenhangt door
afmetingen, een hele orde. Elke zuil is een beetje
anders.
modulus: diameter van de voet van de zuil is verschillend bij
zuilen. Intercolumnien is de afstand tussen de zuilen als opening,
afstand tussen bepaalde zuilen is hetzelfde en anders dan andere
ordes.
STIJLFASES: (hoe de zuilordes tot
stand zijn gekomen)
1. Archaisch: dorische orde door dorische stammen
2. Klassieke: Ionische orde door Ionische stammen
3. Hellenistische: Polis en stadstaat zwakt af dus er komt meer 1 geheel
Doorheen deze fases zijn er niet veel vernieuwingen maar de bestaande elementen komen
tot stand, zoals: architraaf, peripteraal grondplan,… door stam die de macht of politiek naar
zich toe trekt