Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting Portaal, Taal, PABO leerjaar 1

Note
-
Vendu
5
Pages
29
Publié le
12-01-2022
Écrit en
2021/2022

Deze samenvatting van Portaal heb ik gemaakt voor de taal toets op de PABO- leerjaar 1.In dit document komen de volgende hoofdstukken aan bod: hoofdstuk 2- Taal, hoofdstuk 3 - Taalverwerving, hoofdstuk 8- Woordenschat en hoofdstuk 10- Jeugdliteratuur. Dit heb ik aangevuld met informatie uit de colleges, die ik heb gehad over de desbetreffende hoofdstukken. Door dit geleerd te hebben heb ik het tentamen behaald en hoop ik jou ook te kunnen helpen!

Montrer plus Lire moins
Établissement
Cours










Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Livre connecté

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Livre entier ?
Non
Quels chapitres sont résumés ?
Hoofdstuk: 2,3,8 & 10. met aanvulling van colleges taal
Publié le
12 janvier 2022
Nombre de pages
29
Écrit en
2021/2022
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

Samenvatting Portaal hoofdstuk 2,3,8 & 10, aanvulling
van colleges over taal.
Hoofdstuk 2 taal
Wat is taal?
Vier domeinen van taal:
 Luisteren
 Spreken
 Lezen
 Schrijven
Onderscheid tussen receptieve en productieve processen:
Betekenis geven aan klanken en tekens > receptief (ontvangend)
Zelf klanken en tekens produceren zoals spreken en schrijven > productief.


Geletterdheid
Ontluikende geletterdheid:
 Voor kinderen van 0 tot 4 jaar die ontdekken
Beginnende geletterdheid:
 Voor kinderen van groep 1,2 & 3 die het schriftelijk leren en de spraak
Gevorderde geletterdheid:
 Voor kinderen van groep 4 tot 8. Ze herkennen sneller woorden en lezen
makkelijker.


Functies van taal:
 Communiceren
 Middel om greep te krijgen op de werkelijkheid
 Middel tot expressie
 poëtische functie: gedichten, liedjes
 Metlinguïstische functie door middel van taal spreken over taal
 Cognitieve functie actie>reactie
Bij communicatie is er sprake van:
 Zender
 Boodschap
 Ontvanger
 Communicatie vind altijd plaats in een context
 Feedback

,Communicatiemodel:
 Zakelijk aspect: boodschap altijd een bepaalde inhoud
 Expressieve effect: vertelt iets over de persoonlijkheid van de zender
 Relationele aspect : geeft meestal aan hoe de zender iets ziet
 Appellerende aspect: de zender doet een appel op de ontvanger om
invloed uit te oefenen
Schriftelijk taalgebruik communicatieregels :
 Duidelijk
 Efficiënt
 Gepast
 Aantrekkelijk
 Correct
Greep op de werkelijkheid
Conceptualiserende functie: Taal word gebruikt als hulpmiddel om gedachten
te ordenen en greep te krijgen op de werkelijkheid. Hoe meer concepten
(beelden, woordenschat) je kent hoe meer je begrijpt.
Ook wel cognitieve functie genoemd. Er zijn drie conceptualiserende of
cognitieve functies: rapporteren, redeneren en projecteren.
Expressiemiddel
Middel om je gevoelens te uiten


Niveaus van taal
 Fonologie – regels voor klanken en uitspraak
 Morfologie – opbouw van woorden
 Syntaxis – opbouw van zinnen
 Semantiek – betekenis van de woorden/zinnen
 Pragmatiek – gebruiken in de praktijk
 Orthografie – de spelling
Fonologie:
 Fonemen ( betekenis onderscheidende spraakklanken )
Verschil tussen :
Boom -bom
Pal- bal
 Maar ook : klemtoon , intonatie, syllabes (vb: ka-bou-ter )

, Morfologie :
 De opbouw van een woord
 Morfemen ( betekenis dragende ) stukjes woord
 Vrije (tuin) en gebonden morfemen (tuintje)
-en, -s kunnen meervoud aangeven
-t kan 3e persoon enkelvoud aangeven
-tje kan een verkleining aangeven
Syntaxis :
 Regels om zinnen te bouwen , de betekenis en structuur geven: de leeuw
bijt de tijger
 In het Nederlands staat de persoonsvorm in de hoofdzinnen op de tweede
plek
Semantiek :
 Woordbetekenissen eekhoorn-staart- nootje-boom
 Betekenissen van zinnen
Pragmatiek :
 Taalgebruik ( gekoppeld aan situatie )
 Wat is gepast om te zeggen
Orthografie :
 Spelling
Afleidingen
Afleidingen zijn woorden die bestaan uit een woord met een affix (aanplaksel)
Het affix kan voor het woord staan dan word het voorvoegsel of Prefix genoemd.
Verkleden, ontmoeten, herleiden, gewennen
Achter het woord (uitgang) suffix
Kunstenaar, lepeltje, scholier, meting


Concreet of abstract:
Bij concrete woorden kun je je zintuigen gebruiken( waar het woord naar
verwijst) te zien, te horen, te proeven of te voelen. Zoals citroen.
Bij abstracte woorden heb je geen directe zintuigelijke ervaring. Je kunt ‘’ haat
‘’ niet ruiken of proeven.
$4.26
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
Bjansen0

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Bjansen0 Thomas More Hogeschool
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
5
Membre depuis
4 année
Nombre de followers
5
Documents
1
Dernière vente
1 année de cela

0.0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions