Complexiteit &
Chroniciteit
,Inhoudsopgave
HC1. Klinisch redeneren CC .............................................................................................................................. 3
HC2: COVID-19 ................................................................................................................................................. 8
HC 3. Wat ben ik moe ..................................................................................................................................... 11
Hc4: eHealth en mHealth interventies ............................................................................................................ 16
HC 5. Pathofysiologie en neuropsychologie bij MS ......................................................................................... 19
Hc 6. Bewegingstherapie bij MS ..................................................................................................................... 26
Hc 7. Pathofysiologie en neuropsychologie bij Parkinson ............................................................................... 32
HC8. EBP, Bewegingstherapie bij Parkinson ................................................................................................... 38
KNGF Richtlijn ziekte van Parkinson 2017 ......................................................................................................... 45
Werkkaarten ................................................................................................................................................. 45
Hc 9. Auto-immuunziektes: Reuma ................................................................................................................ 49
KNGF-richtlijn reumatoïde artritis..................................................................................................................... 54
Hc 10. Technologie in de zorg ......................................................................................................................... 56
Hc 11. SOLK & Psychopathologie .................................................................................................................... 60
Hc 12. Pathofysiologie hoofdpijn .................................................................................................................... 68
Kennisclip hoofdpijn .......................................................................................................................................... 74
Hc 13. Slaapfysiologie en stoornissen ............................................................................................................. 77
Hc 14. Immunologie van stress ....................................................................................................................... 83
Hc 15. Psychopathologie ................................................................................................................................ 91
Hc 16. Hartfalen en COPD ............................................................................................................................... 97
2
,HC1. Klinisch redeneren CC
HOAC II model:
- PIP’s: Problemen die door de patiënt zijn geïdentificeerd (patiënt identified problems)
- NPIP’s: Problemen die door de omgeving van de patiënt geïdentificeerd zijn (Non patiënt
identified problems)
https://docplayer.nl/28278547-Amsterdam-school-of-health-professions-ashp-opleiding-
fysiotherapie-klinisch-redeneren-volgens-de-hoac-ii.html
3
, Chronische aandoeningen zie je steeds meer voorkomen van hoe ouder je wordt. Ook is het
belangrijk om te kijken hoe beperkt iemand zich daarin voelt, wat is de impact van de pathologie op
de patiënt. Naar mate iets langer duurt heeft dat ook veel meer impact op je leven.
Wat is chroniciteit?
- “Een ‘chronische aandoening’ is gedefinieerd als een aandoening waarbij over het algemeen
geen uitzicht is op volledig herstel. Een chronische aandoening gaat doorgaans gepaard met
pijn, geestelijk lijden, beperkingen in functioneren of andere klachten. De mate waarin
mensen hinder ondervinden verschilt per aandoening en per individu.”
- “De duur van een lage-rugpijnepisode wordt ingedeeld in: acuut (0-6 weken), subacuut (7-12
weken) en chronisch (>12 weken)(…) Een lange episode van lage-rugpijn heeft niet altijd een
ongunstige prognose. Een lange episode van beperkingen en participatieproblemen
samenhangend met de lage-rugpijn heeft veelal wel een ongunstige prognose. “
- “Chronische pijn is een persisterend, multifactorieel gezondheidsprobleem waarbij
lichamelijke, psychische en sociale factoren in verschillende mate en in wisselende
onderlinge samenhang bijdragen aan pijnbeleving, pijngedrag, ervaren beperkingen in het
dagelijks functioneren en ervaren vermindering van de kwaliteit van leven.”
De ziektelast/DALY’s (Adjusted Life Years)
De ziektelast = kwantificeert in Disability Adjusted Life Years (DALY)
- Het aantal verloren levensjaren (door vroegtijdige sterfte)
- Het aantal jaren geleefd met gezondheidsproblemen (bijvoorbeeld een ziekte), gewogen
voor de ernst hiervan (ziektejaarequivalenten).
Sommige aandoeningen herkennen vanuit de DALY’s, bijvoorbeeld bij soorten kanker.
Maar de langdurigheid kan soms ook juist heel heftig zijn.
Wat is complexiteit?
- Vanuit biomedisch perspectief
o Cliënt met meerdere aandoeningen (Multimorbiditeit).
o Cliënt met (chronische) aandoening die invloed heeft op meerdere
(orgaan)systemen.
o Cliënt met medicatie voor (chronische) aandoening die invloed heeft op meerdere
(orgaan)systemen.
o Client zonder voldoende aanwijsbare medische diagnose waarbij verschillende
(orgaan)systemen beïnvloed zijn
- Vanuit biopsychosociaal perspectief irt cliënt
o Complexiteitsniveau 1: Ongecompliceerd
▪ Klachten fysiek functioneren
▪ Psychisch stabiel persoon met betekenisvol leven
4