Filosofie: “Ken jezelf” – Yvan Houtteman
Filosofie: les 1: de oorsprong van filosofie
Filosofie = filosofie begint met verwondering (Plato)
Filein = houden van (Grieks)
Sophia = godin van de wijsheid
Filosofische vragen:
o Wanneer spreken we over een slecht persoon?
o Wat is het nut van het leven?
Athena, Minerva, Tara Saraswati (Godinnen van wijsheid)
Oorsprong filo, 2 visies:
o Filo is zo oud als mensheid
o Filo is ontstaan in bepaalde periode in bepaalde regio
Van mythos naar logos:
o Logos doet geen beroep meer op Goden & verhaaltjes alles verklaren in
natuur
Waarom stap van mythos naar logos: 5de eeuw voor Christus je krijgt steden waar
tradities samen komen mensen moeten andere betekenis hebben want iedereen
zegt iets anders
Mythos
Mythes culturen
Westerse mythes
De 3 religies van het boek
Christelijk: Adam & Eva
Zondeval: Adam & Eva mogen niet van de appelboom eten (boom van kennis van
goed & kwaad) anders worden ze zoals god, zijn verleid door Satan (slang)
Weet geen verschil tussen goed & kwaad gelukkiger? (aardsparadijs)
Odysseus & de sirenen
Zoektocht die iedereen heeft naar zichzelf
Logos
India Upanishaden, Boeddha & Mahavira
China confucius e Lao Tzu (Taoïsme)
, Yin & Yang alles is een tegengestelde van elkaar en verbonden is (goed &
slecht, dag & nacht), kijk symbool in zwarte zit het witte en in het witte zit het zwarte
Uit filosofie komt wetenschap
Filosofie tussen religie & wetenschap
Omschrijving Italiaanse filosoof de Crescenzo
1. Wetenschap bstudeert op systematische wijze de ‘opjectieve’ verschijnselen of
fenomenen
a. Domein: materiële (waarneembare?) werkelijkheid
b. Natuurfilosofie werd fysica (1543 Copernicus & Versalius), later ook andere
natuurwetenschappen en sociologie / psychologie
c. Ratio (rede, verstand) & empirie (zintuiglijke waarneming)
2. Religie zoekt naar iets absoluuts en biedt troost zingeving
a. Domein: zingeving, waarden, bewustzijn
b. “voorbij” zintuigen en verstand
Soort van filosofische vragen
De vragen van Kant (18de eeuw)
1. Wat kan ik weten (ons denken)
2. Wat moet ik doen (ons handelen, ethiek en sociale filosofie)
3. Wat mag ik hopen (onze verwachtingen)
Wat is de mens
Indeling van Ferry (20ste eeuw)
1. Kennis: werkelijkheid
2. Ethiek: rechtvaardigheid
3. Wijsheid: heil of geluk
Verschil kennis & wijsheid:
Iemand met veel kennis weet het uit boeken en kent feiten. Iemand die wijs is iemand
die op alle vlakken kan helpen en bijdraagt tot je geluk. Wijsheid is meer dan veel
weten.
Het huis van de filosofie
Zijn, bewustzijn, mens
1. Ontologie: vragen over het zijnde (dat wat is)
1.1. Kosmologie: werking van de kosmos (de natuur)
Voorbeeldvraag: Houdt de kosmos ooit op?
1.2. Metafysica: aard van en orde achter de fenomenen
Voorbeeldvraag: Is er leven na de dood?
Wat is leven, wat is dood?
Wat is tijd?
Wat is ruimte?
1.3. Wijsgerige antropologie stelt zich vragen over de aard, de status en de
plaats van de mens
Voorbeeldvraag: Wat is de aarde van de mens?
Wanneer spreken we van een slecht persoon?
pedagogie, psychologie enzo valt eronder
,De drie grote waarden
1. Het ware (Plato)
1.1. Epistemologie of kennisleer
1.2. Logica
1.3. Wetenschapsfilosofie
1.4. Taalfilosofie
2. Het goede en rechtvaardige
2.1. Ethiek
2.2. Politieke en/of sociale filosofie
Voorbeeldvraag: Hoe dient een rechtvaardige maatschappij te worden
georganiseerd?
2.3. Rechtsfilosofie
3. Het schone
3.1. Esthetica
Wat schoonheid, wat kunst?
3.2. Kunst- en cultuurfilosofie
Zijn afgeleide deelgebieden
De voorsocratische natuurfilosofen
1. 6de – 5de eeuw voor chr
2. Rond Egeïsche Zee (o.a. Milete)
3. Vraag naar de aard van de kosmos (kosmologie)
o Wat is het eerste beginsel (archè)
o Welke kosmische krachten spelen in het proces van verandering (kosmologie)
Thales van Milete
1. ‘eest’ filosoof – volgens Plato onbeholpen en niet erg praktisch aangelegd
2. Archè (= oerbeginsel) van alles is water:
Reductionisme of herleiden van complexe werkelijkheid tot één beginsel
3. Stelling van Thales: A/B = D/C
4. Ken jezelf als fundamentele filosofische taak
Anaximander van Milete
o Leerling van Thales
o Apeiron (het onbepaalde of onbeperkte) is het eerste beginsel waaruit alles
voorkomt
o Eerste overgeleverde poging tot kosmologie:
Verklaring voor ontstaan van wereld als scheiding & inwerking van
tegengestelde elementen op elkaar
Pythagoras en de Verborgen orde
o Term philosophos = “ Ik blijf zoeken tot ik de werkelijkheid begrijp”
o Werkelijkheid kan uitgedrukt worden in getallen en hun onderlinge
verhoudingen
o Harmonie der sferen (muziek)
o Idee van reïncarnatie van ziel
o Stelling van Pythagoras:
a² + b² = c²
, Parmenides: het eeuwige “zijn”
1. Centraal: de vraag naar zin (ontologie)
2. Beroemde uitspraak: “ Alles (het zijn) is één en onvergankelijk en aan zichzelf
gelijk.”
o Al het tijdelijke verschijnt en verdwijnt in het eeuwige zijn
o Denk aan de metafoor van een computerscherm
Herakleitos; de voortdurende “wording” of verandering
o Bijnaam “de Duistere” omwille van diepe uitspraken:
“ alles vloeit” = “pantha rei”
“je kan nooit twee maal in dezelfde rivier stappen”
“oorlog is de vader van alles”
o Logos is principe achter de steeds veranderende werkelijkheid
o ‘rivier’, ‘vuur’, en ‘oorlog’ als metaforen voor verandering
o Vergelijking taoïsme
Democritos
1. Alles bestaat uit niet-deelbare partikels: atomos
o Atomen klitten samen en komen los
o Verschillen in zwaarte:
zwaardere = materie
lichtere = gedachten
2. Visie maakt hem tot de eerste filosofische “materialist”
Ken jezelf: Gnothi seauton
1. Inscriptie aan de ingang van orakel van Delphi voor God van het licht Apollo
(navel van de wereld)
2. Zelfkennis als voorwaarde tot (begin van) wijsheid
3. 11 verschillende invalshoeken / vertalingen van die vraag
Filosofie: les 2: Socrates en de sofisten
Inleiding
Athene waar eerste grote filosofen scholen hebben opgericht
3. Overgang van physis (natuur, naturel) door de mens gemaakt, naar nomos
(nurture, cultuur, wet)
4. Universalisme (fundering bestaat boven/buiten de mens en is universeel
geldig) versus relativisme (mens als maatstaf)
5. De Socratische methode
6. Verlangen naar éénwording (bij Socrates)
7. Waarachtigheid
Markt van Athene sofisten geven les, Socrates verkondigd daar zijn filosofie
Sofisten
Athene 5de eeuw vchr. gouden eeuw van Pirecles democratie
Sofistès = beoefenaren van wijsheid
1. Rondtrekkende leraars
Filosofie: les 1: de oorsprong van filosofie
Filosofie = filosofie begint met verwondering (Plato)
Filein = houden van (Grieks)
Sophia = godin van de wijsheid
Filosofische vragen:
o Wanneer spreken we over een slecht persoon?
o Wat is het nut van het leven?
Athena, Minerva, Tara Saraswati (Godinnen van wijsheid)
Oorsprong filo, 2 visies:
o Filo is zo oud als mensheid
o Filo is ontstaan in bepaalde periode in bepaalde regio
Van mythos naar logos:
o Logos doet geen beroep meer op Goden & verhaaltjes alles verklaren in
natuur
Waarom stap van mythos naar logos: 5de eeuw voor Christus je krijgt steden waar
tradities samen komen mensen moeten andere betekenis hebben want iedereen
zegt iets anders
Mythos
Mythes culturen
Westerse mythes
De 3 religies van het boek
Christelijk: Adam & Eva
Zondeval: Adam & Eva mogen niet van de appelboom eten (boom van kennis van
goed & kwaad) anders worden ze zoals god, zijn verleid door Satan (slang)
Weet geen verschil tussen goed & kwaad gelukkiger? (aardsparadijs)
Odysseus & de sirenen
Zoektocht die iedereen heeft naar zichzelf
Logos
India Upanishaden, Boeddha & Mahavira
China confucius e Lao Tzu (Taoïsme)
, Yin & Yang alles is een tegengestelde van elkaar en verbonden is (goed &
slecht, dag & nacht), kijk symbool in zwarte zit het witte en in het witte zit het zwarte
Uit filosofie komt wetenschap
Filosofie tussen religie & wetenschap
Omschrijving Italiaanse filosoof de Crescenzo
1. Wetenschap bstudeert op systematische wijze de ‘opjectieve’ verschijnselen of
fenomenen
a. Domein: materiële (waarneembare?) werkelijkheid
b. Natuurfilosofie werd fysica (1543 Copernicus & Versalius), later ook andere
natuurwetenschappen en sociologie / psychologie
c. Ratio (rede, verstand) & empirie (zintuiglijke waarneming)
2. Religie zoekt naar iets absoluuts en biedt troost zingeving
a. Domein: zingeving, waarden, bewustzijn
b. “voorbij” zintuigen en verstand
Soort van filosofische vragen
De vragen van Kant (18de eeuw)
1. Wat kan ik weten (ons denken)
2. Wat moet ik doen (ons handelen, ethiek en sociale filosofie)
3. Wat mag ik hopen (onze verwachtingen)
Wat is de mens
Indeling van Ferry (20ste eeuw)
1. Kennis: werkelijkheid
2. Ethiek: rechtvaardigheid
3. Wijsheid: heil of geluk
Verschil kennis & wijsheid:
Iemand met veel kennis weet het uit boeken en kent feiten. Iemand die wijs is iemand
die op alle vlakken kan helpen en bijdraagt tot je geluk. Wijsheid is meer dan veel
weten.
Het huis van de filosofie
Zijn, bewustzijn, mens
1. Ontologie: vragen over het zijnde (dat wat is)
1.1. Kosmologie: werking van de kosmos (de natuur)
Voorbeeldvraag: Houdt de kosmos ooit op?
1.2. Metafysica: aard van en orde achter de fenomenen
Voorbeeldvraag: Is er leven na de dood?
Wat is leven, wat is dood?
Wat is tijd?
Wat is ruimte?
1.3. Wijsgerige antropologie stelt zich vragen over de aard, de status en de
plaats van de mens
Voorbeeldvraag: Wat is de aarde van de mens?
Wanneer spreken we van een slecht persoon?
pedagogie, psychologie enzo valt eronder
,De drie grote waarden
1. Het ware (Plato)
1.1. Epistemologie of kennisleer
1.2. Logica
1.3. Wetenschapsfilosofie
1.4. Taalfilosofie
2. Het goede en rechtvaardige
2.1. Ethiek
2.2. Politieke en/of sociale filosofie
Voorbeeldvraag: Hoe dient een rechtvaardige maatschappij te worden
georganiseerd?
2.3. Rechtsfilosofie
3. Het schone
3.1. Esthetica
Wat schoonheid, wat kunst?
3.2. Kunst- en cultuurfilosofie
Zijn afgeleide deelgebieden
De voorsocratische natuurfilosofen
1. 6de – 5de eeuw voor chr
2. Rond Egeïsche Zee (o.a. Milete)
3. Vraag naar de aard van de kosmos (kosmologie)
o Wat is het eerste beginsel (archè)
o Welke kosmische krachten spelen in het proces van verandering (kosmologie)
Thales van Milete
1. ‘eest’ filosoof – volgens Plato onbeholpen en niet erg praktisch aangelegd
2. Archè (= oerbeginsel) van alles is water:
Reductionisme of herleiden van complexe werkelijkheid tot één beginsel
3. Stelling van Thales: A/B = D/C
4. Ken jezelf als fundamentele filosofische taak
Anaximander van Milete
o Leerling van Thales
o Apeiron (het onbepaalde of onbeperkte) is het eerste beginsel waaruit alles
voorkomt
o Eerste overgeleverde poging tot kosmologie:
Verklaring voor ontstaan van wereld als scheiding & inwerking van
tegengestelde elementen op elkaar
Pythagoras en de Verborgen orde
o Term philosophos = “ Ik blijf zoeken tot ik de werkelijkheid begrijp”
o Werkelijkheid kan uitgedrukt worden in getallen en hun onderlinge
verhoudingen
o Harmonie der sferen (muziek)
o Idee van reïncarnatie van ziel
o Stelling van Pythagoras:
a² + b² = c²
, Parmenides: het eeuwige “zijn”
1. Centraal: de vraag naar zin (ontologie)
2. Beroemde uitspraak: “ Alles (het zijn) is één en onvergankelijk en aan zichzelf
gelijk.”
o Al het tijdelijke verschijnt en verdwijnt in het eeuwige zijn
o Denk aan de metafoor van een computerscherm
Herakleitos; de voortdurende “wording” of verandering
o Bijnaam “de Duistere” omwille van diepe uitspraken:
“ alles vloeit” = “pantha rei”
“je kan nooit twee maal in dezelfde rivier stappen”
“oorlog is de vader van alles”
o Logos is principe achter de steeds veranderende werkelijkheid
o ‘rivier’, ‘vuur’, en ‘oorlog’ als metaforen voor verandering
o Vergelijking taoïsme
Democritos
1. Alles bestaat uit niet-deelbare partikels: atomos
o Atomen klitten samen en komen los
o Verschillen in zwaarte:
zwaardere = materie
lichtere = gedachten
2. Visie maakt hem tot de eerste filosofische “materialist”
Ken jezelf: Gnothi seauton
1. Inscriptie aan de ingang van orakel van Delphi voor God van het licht Apollo
(navel van de wereld)
2. Zelfkennis als voorwaarde tot (begin van) wijsheid
3. 11 verschillende invalshoeken / vertalingen van die vraag
Filosofie: les 2: Socrates en de sofisten
Inleiding
Athene waar eerste grote filosofen scholen hebben opgericht
3. Overgang van physis (natuur, naturel) door de mens gemaakt, naar nomos
(nurture, cultuur, wet)
4. Universalisme (fundering bestaat boven/buiten de mens en is universeel
geldig) versus relativisme (mens als maatstaf)
5. De Socratische methode
6. Verlangen naar éénwording (bij Socrates)
7. Waarachtigheid
Markt van Athene sofisten geven les, Socrates verkondigd daar zijn filosofie
Sofisten
Athene 5de eeuw vchr. gouden eeuw van Pirecles democratie
Sofistès = beoefenaren van wijsheid
1. Rondtrekkende leraars