Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting leerpakket 5

Rating
-
Sold
-
Pages
46
Uploaded on
07-01-2022
Written in
2020/2021

Heb jij hulp nodig bij het leren van klinisch redeneren van leerpakket 5? Dan heb je hier behulpzame samenvatting die erbij kan helpen. Ik heb namelijk een 7 gehaald met deze samenvatting.

Institution
Course

Content preview

Leerstof LP5 uitgewerkt

Inhoud
Leerstof LP5 uitgewerkt..........................................................................................................................1
Leerdoelen..........................................................................................................................................2
Kanker benaming..............................................................................................................................15
Spiritueel vlak...................................................................................................................................16
Coloncarcinoom................................................................................................................................17
Exacerbatiemanagement..................................................................................................................21
CVA...................................................................................................................................................23
Kwetsbaarheid bij ouderen...............................................................................................................31
Pijn....................................................................................................................................................35
Venapunctie.....................................................................................................................................38
Infusie: perifere canule.....................................................................................................................41
Neurorevalidatie...............................................................................................................................44




1

,Leerdoelen
De student verwoordt wat het verschil is tussen curatieve en palliatieve zorg.
 Bij curatieve zorg is het doel de patiënt genezen en bij palliatieve zorg is er geen mogelijkheid
tot genezing dus is het doel van palliatieve zorg de patiënten een zo comfortabel mogelijk
levenseinde te bieden.

De student legt uit wat palliatieve zorg inhoudt en weet welke thema’s van belang zijn in de
palliatieve fase.
 Palliatieve zorg is de zorg voor mensen met een ongeneselijke en levensbedreigende ziekte.
De mensen die palliatieve zorg ontvangen bevinden zich vaak al in het laatste stadium van
hun leven. Het doel van palliatieve zorg is om de patiënt te helpen een zo comfortabel
mogelijk levenseinde tegemoet te gaan.
 Een belangrijk thema bij de palliatieve zorg is de kwaliteit van leven van een patiënt, ook is
de kwaliteit van het sterven een belangrijk thema in de palliatieve zorg.
 De palliatieve zorg kijkt naar de veerkracht van de patiënt en de veerkracht van hun
omgeving.
 Er moet een goede afstemming zijn tussen de zorgverleners en de betrokkene.

De student kent de meest voorkomende symptomen bij cliënten in de palliatieve fase en kan
inschatten welke mensen een verhoogd risico hebben op deze symptomen en kan deze herkennen in
de fase van vroegsignalering.
 De meest voorkomende symptomen bij mensen die zich in de palliatieve fase of terminale
fase van hun leven bevinden zijn: vermoeidheid, pijn, gebrek aan energie, zwakte, gebrek aan
eetlust, gespannenheid, gewichtsverlies.
 De volgende stappen onderneemt men als men een symptoom in de palliatieve fase wil
analyseren:
o Neem altijd een zo volledig mogelijke anamnese af met aandacht voor alle dimensies
(lichamelijk, psychisch, sociaal en existentieel).
o Verricht een gericht lichamelijk onderzoek.
o Overweeg het gebruik van passende meetinstrumenten.
o Doe op indicatie aanvullend onderzoek.
o Maak bij de keuze voor aanvullende diagnostiek een afweging van haalbaarheid en
therapeutische consequenties, mede in het licht van de wens van de patiënt, zijn of
haar verblijfplaats, de lichamelijke toestand en de levensverwachting.

De student legt uit wat de symptomen en oorzaken zijn van ‘slaapproblemen’ in de palliatieve fase.
 Predisponerende factoren: bepaalde vormen van kanker, een slechte lichamelijke toestand,
lagere sociaaleconomische status, slaapproblemen in de familie of voorgeschiedenis,
voorgeschiedenis met een andere psychopathologie.
 Uitlokkende factoren: ongewenste slaaphouding, onvoldoende behandelde of behandelbare
lichamelijke symptomen (pijn, mictieproblemen, dyspnoe), verstoring van dag-en-nachtritme
bij neurologische aandoeningen, onrust, piekeren, depressie, spanning, angst, bijwerkingen
van medicatie (opioïden), bijwerkingen van middelen en omgevingsfactoren.
 Onderhoudende factoren: als slaapproblemen bestaan kunnen ze worden onderhouden door
gedrag (frequente verandering slaap- en waaktijden, verstoorde slaaphygiëne en onjuist
gebruik van medicatie) en inadequate gedachten.

De student legt uit wat de verschillende stadia van palliatieve zorg inhouden (ziektegerichte-,
symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, nazorg).
 Ziektegericht: De ziekte wordt behandeld zonder dat genezing mogelijk is.


2

,  Symptoomgericht: De focus ligt op het verlichten en onder controle houden van de
symptomen. De bedoeling is dat de kwaliteit van leven van de cliënt zo goed mogelijk is.
 Stervensfase: In deze fase verschuift de aandacht van kwaliteit van leven naar kwaliteit van
sterven. Deze fase duurt meestal slechts een paar dagen, de laatste dagen voor het
overlijden.
 Nazorg: De nazorg voor naasten na het overlijden van de client wordt meestal ook gezien als
onderdeel van de palliatieve zorg. De naasten hebben tijd en ruimte nodig om het overlijden
van hun dierbare te verwerken.

De student is op de hoogte van aandachtspunten en complicaties bij de venapunctie.
• Aandachtspunten
o Zorg dat de arm waarin geprikt wordt voldoende ondersteund wordt. Hiermee
beperk je de kans op onverwachte bewegingen.
o Wanneer bloed afgenomen wordt met een gesloten systeem en de cliënt zelf de
punctieplaats afdrukt, hoeven er geen handschoenen worden gedragen. Dit protocol
gaat uit van die situatie.
o Kies bij voorkeur een bloedvat op de onderarm of in de elleboog, liefst de
oppervlakkige ader. De bloedvaten op de hand zijn beweeglijker en kwetsbaarder
dan de vaten op de onderarm.
o Stuw bij voorkeur niet langer dan 1 minuut. Geef de arm minimaal 2 minuten rust
voordat eventueel opnieuw gestuwd wordt.
o Desinfecteer de huid bij bloedafname voor kweek en bij cliënten met een
verminderde weerstand.
o Raak de prikplaats na desinfecteren van de huid alleen aan met gedesinfecteerde
(handschoen) vingertoppen.
o Maak een zorgvuldige afweging voor een tweede keer prikken wanneer het een
eerste keer niet lukt. Doe niet meer dan twee prikpogingen. Gebruik dan een andere
plek.
o Reinig en desinfecteer de stuwband na gebruik als deze door meerder personen
gebruikt wordt.
o Bij een cliënt met stollingsstoornissen of een cliënt die antistolling gebruikt, kan het
stelpen van de bloeding langer duren. Druk de punctieplaats langer af of leg zo nodig
een drukverband aan.
 Complicaties
Er komt geen bloed in de eerste buis; het bloedvat Trek de buis zover terug dat de onderdruk behouden blijft. Probeer
is niet goed aangeprikt. voorzichtig het bloedvat alsnog goed aan te prikken. Maar 'zoek' niet te
lang met de naald. Dat is pijnlijk en kan weefselschade veroorzaken.
Er ontstaat een bloeduitstorting. Maak de stuwband los en beëindig de handeling. Druk de punctieplaats
goed af.
Ader wordt onvoldoende zichtbaar. Laat de cliënt enkele malen de vuist openen en sluiten bij een
aangelegde stuwband.
Ader voelt hard aan. Zoek een andere geschikte ader.
Ader rolt weg. Fixeer de ader door de hu


De student legt uit wat de symptomen en oorzaken zijn van ‘vermoeidheid’ in de palliatieve fase.
• De ontstaanswijze van vermoeidheid bij kanker is grotendeels onbekend. Er wordt
verondersteld dat de vermoeidheid primair gerelateerd is aan de onderliggende kanker via
de productie van pro-inflammatoire cytokinen (primaire vermoeidheid). Daarnaast dragen
bijkomende lichamelijke en psychosociale factoren, al dan niet gerelateerd aan de
onderliggende kanker of de gebruikte behandelingen daarvoor, bij aan de ervaren mate van
vermoeidheid (secundaire vermoeidheid). Ook deze secundaire vermoeidheid zou deels door

3

, een inflammatie-reactie kunnen ontstaan. Bij verschillende soorten kanker zijn onder andere
verhoogde concentraties van interleukine-6, interleukine-1 receptor antagonist en
neopterine gevonden. Daarnaast zijn er veranderingen in het serotonine metabolisme en een
ontregeling van de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as gevonden. Deze veranderingen zouden
eveneens door cytokinen veroorzaakt kunnen zijn




 bleek zien, kringen onder de ogen
 regelmatig gapen en in de ogen wrijven
 sloomheid of hangerigheid
 af en toe indutten of in slaap vallen
 snel geprikkeld of geïrriteerd, snel huilen of snel boos
 nergens zin in hebben
 hoofdpijn
 duizeligheid of draaierigheid
 gemakkelijker struikelen of iets laten vallen

De student past de stappen van het klinisch redeneren toe bij het symptoom ‘pijn’ in de palliatieve
fase.
 Je moet de symptomen van pijn herkennen.
 Je moet in kunnen schatten waardoor de pijn kan komen en hoelang de pijn duurt.
 Je moet de pijn meten met betrouwbare meetinstrumenten.
 Je moet zorgen voor een vermindering van pijn.

De student beoordeelt wat de hiërarchische evidence is van de richtlijnen van het IKNL.
• Er zijn twee soorten methodiek in de richtlijnen: evidence based en consensus based. Deze
twee hebben een compleet andere plek op de piramide van kennishiërarchie.
• Consensus based staat het laagst van de twee omdat consensus based laat zien waar de
meerderheid het mee eens is. Dit is dus vergelijkbaar met mening van meerdere
professionals, wat niet heel hoog op de piramide van kennishiërarchie staat.
• Evidence based staat echter wel redelijk hoog bij de piramide van kennishiërarchie omdat
het gebaseerd is op bewijzen en is dus vergelijkbaar met cohort studies of RCT’s.

De student weet welke ondersteuningsmogelijkheden er zijn voor consultatie van experts in de
palliatieve zorgverlening aan zorgvragers.

4

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 7, 2022
Number of pages
46
Written in
2020/2021
Type
SUMMARY

Subjects

$8.22
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
misabir

Get to know the seller

Seller avatar
misabir Avans Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
10
Member since
7 year
Number of followers
9
Documents
10
Last sold
3 year ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions