Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4.2 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting Alle soorten beeldspraak en stijlfiguren compact uitgelegd

Note
-
Vendu
-
Pages
7
Publié le
11-11-2021
Écrit en
2021/2022

In dit document leg ik alle stijlfiguren en soorten beeldspraak uit aan de hand van 1 á 2 voorbeelden :)

Type
Cours









Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

École, étude et sujet

Établissement
Lycée
Type
Cours
Année scolaire
5

Infos sur le Document

Publié le
11 novembre 2021
Nombre de pages
7
Écrit en
2021/2022
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

Nederlands SE
Stijlfiguren

Eufemisme
Gebruiken om iets wat niet zo prettig of netjes is op een verzachtende manier te
zeggen, zonder iemand te kwetsen. Voorbeeld:
1) Gisteren hebben we opa naar zijn laatste rustplaats gebracht.

Understatement

Het eufemisme lijkt erg op het understatement, het verschil zit hem in de spot, bij
een understatement verklein of verzwak je iets op een spottende manier.
Voorbeeld:
1) De Duitsers waren in 1940 in ons land niet welkom.
2) Een vrije school is wat minder goed in de organisatie.

Litotes
Lijkt op een understatement, je ontkent of verkleint iets om het gene wat je bedoelt
meer uit te laten komen. Voorbeeld:
1) Ze kunnen er niet om lachen.




Nederlands SE 1

, 2) Daar ben ik niet blij mee.

Hyperbool
Een gepaste overdrijving, je gebruikt een hyperbool om iets te laten opvallen, vaak
heeft het een komisch effect. Voorbeeld:
1) In Nederland regent het 29 van de 30 dagen.
2) Je wordt doodgegooid met informatie over de verkiezingen.

Prolepsis (vooropplaatsing)
Je zet hierbij een woordgroep of woord vooraan in de zin, daardoor leg je der
nadruk op en ontstaat er spanning. Voorbeeld:

1) Die etterbak, die wil ik even niet meer zien.
2) Deze foto, ik had die liever niet geplaatst.

Repetito (herhaling)
Je herhaalt woorden om ze extra aandacht te geven. Voorbeeld:
1) Geld, geld is het enige wat hem bezig houdt.
2) Ja, ja je kunt me nog meer vertellen.

Tautologie

Je zegt 2 keer het zelfde met verschillende woorden, ongeveer dezelfde betekenis,
behoren tot dezelfde woordsoort. Voorbeeld:
1) De kinderen zijn aan het schreeuwen en gillen.

2) Zij kennen daar heg noch steg.

Pleonasme

Je zegt 2 keer ongeveer hetzelfde met verschillende woorden, de betekenis wordt
versterkt door bijv een overbodig bijvoeglijk naamwoord. Wordt gebruikt om iets te
benadrukken. Voorbeeld:

1) Een ronde cirkel.
2) De gele zonnebloem.

Contaminatie
Als je 2 woorden / uitdrukkingen vermengt of verward. Voorbeeld:


Nederlands SE 2
$7.21
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
izarozenburg
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
15
Membre depuis
5 année
Nombre de followers
12
Documents
26
Dernière vente
6 mois de cela

4.0

1 revues

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions