De criminologische wetenschap vandaag
De sociologische verklaringen van criminaliteit
Structureel - functionalistische benadering
Structuur van de maatschappij bepaald ons gedrag
Eigenschappen & specifieke kenmerken zijn meestal niet concreet
waarneembaar
2 belangrijke mechanismen:
Personen die deel uitmaken van eenzelfde sociale eenheid & die beïnvloed
worden door dezelfde kenmerken, ontwikkelen een gelijkaardig
gedragspatroon
Subeenheden houden verband met elkaar (& kunnen elkaar beïnvloeden)
Niet-waarneembare structuren (kenmerken) liggen aan de grondslag van sociale
verschijnselen
Kenmerken zijn divers van aard:
Morfologische kenmerken (leeftijdscategorieën, beroepsstructuur,
arbeidsverdeling…)
Kenmerken m.b.t. aard van interacties (aard van relaties, kwaliteit van
relaties…)
Normatieve kenmerken (wetgeving, ideologieën, geloofsopvattingen…)
Gemiddelde waarden (gemiddelde studiemotivatie….)
①. Emile Durkheim
Mensen ontwikkelen eigenschappen onder invloed van omgevingsfactoren
FAITS SOCIAUX, zelfstandige fenomenen die onpersoonlijk & bovenindividueel
zijn
Sociale feiten kunnen verklaard worden door:
Te kijken welke relatie ze hebben met andere sociale feiten (genetisch-
causale verklaring)
Te kijken welke functie een sociale feit heeft (functionele verklaring)
Introduceert het begrip Anomie
= toestand waarbij bestaande normen niet langer voldoen
= Situatie van normatieve onzekerheid die een destabiliserend effect heeft
waardoor kans op afwijkend gedrag groter wordt
Genetisch casuale verklaring
Afwijkend & deviant gedrag wordt verklaard door Anomie
Anomie wordt verklaard door een snelle economische ontwikkeling
Studie : ‘De la division du travail social’ = sociale integratie in verschillende
samenlevingen wordt tgo elkaar geplaatst
De la division du travail social’
, De criminologische wetenschap vandaag
Door snelle wijzigingen in de arbeidsdeling zijn de regels niet afgestemd
op de vernieuwde situatie
Anomie is dus het resultaat van een snelle (opgaande of neergaande)
economische ontwikkeling
Anomie (normatieve onzekerheid) leidt tot afwijkend gedrag &
criminaliteit
‘Le Suicide’ – verklaren van het sociaal feit ‘Zelfdoding’
Toont in zijn studie aan dat zelfmoordcijfers verband houdt met specifieke
kenmerken van een gemeenschappen
‘Zelfdoding’ als sociaal feit moet dus verklaard worden door het in relatie
te plaatsen met andere sociale feiten
Sociale integratie
o Zelfmoord zou relatief veel voorkomen wanneer er sprake is van een
zeer sterke cohesie in een groep (altruïstische zelfdoding)
o Zelfmoord zou evenzeer veel voorkomen wanneer er een relatief
zwakke sociale integratie is (egoïstische zelfdoding)
Normatieve regulering
o Wanneer normatieve regulering plots onderbroken wordt zal zelfmoord
stijgen want behoeften & middelen waarover iemand beschikt zijn
normaliter afgestemd op elkaar
o Anomische zelfmoord (normatieve deregulering)
o Fatalistische zelfmoord (overdreven sterke regulering)
Functionele verklaring
In zijn functionele verklaring wordt de vraag gesteld in hoeverre criminaliteit
& afwijkend gedrag functioneel zijn voor een samenleving
Durkheim onderscheidt 2 functies:
Indirecte functie : criminaliteit geeft de grens van de collectieve moraliteit
aan
Directe functie : misdadigers kunnen opgevat worden als voorlopers van
sociale & morele veranderingen
Durkheim beschouwt criminaliteit als het resultaat van een sociaal
definiëringsproces
De sociologische verklaringen van criminaliteit
Structureel - functionalistische benadering
Structuur van de maatschappij bepaald ons gedrag
Eigenschappen & specifieke kenmerken zijn meestal niet concreet
waarneembaar
2 belangrijke mechanismen:
Personen die deel uitmaken van eenzelfde sociale eenheid & die beïnvloed
worden door dezelfde kenmerken, ontwikkelen een gelijkaardig
gedragspatroon
Subeenheden houden verband met elkaar (& kunnen elkaar beïnvloeden)
Niet-waarneembare structuren (kenmerken) liggen aan de grondslag van sociale
verschijnselen
Kenmerken zijn divers van aard:
Morfologische kenmerken (leeftijdscategorieën, beroepsstructuur,
arbeidsverdeling…)
Kenmerken m.b.t. aard van interacties (aard van relaties, kwaliteit van
relaties…)
Normatieve kenmerken (wetgeving, ideologieën, geloofsopvattingen…)
Gemiddelde waarden (gemiddelde studiemotivatie….)
①. Emile Durkheim
Mensen ontwikkelen eigenschappen onder invloed van omgevingsfactoren
FAITS SOCIAUX, zelfstandige fenomenen die onpersoonlijk & bovenindividueel
zijn
Sociale feiten kunnen verklaard worden door:
Te kijken welke relatie ze hebben met andere sociale feiten (genetisch-
causale verklaring)
Te kijken welke functie een sociale feit heeft (functionele verklaring)
Introduceert het begrip Anomie
= toestand waarbij bestaande normen niet langer voldoen
= Situatie van normatieve onzekerheid die een destabiliserend effect heeft
waardoor kans op afwijkend gedrag groter wordt
Genetisch casuale verklaring
Afwijkend & deviant gedrag wordt verklaard door Anomie
Anomie wordt verklaard door een snelle economische ontwikkeling
Studie : ‘De la division du travail social’ = sociale integratie in verschillende
samenlevingen wordt tgo elkaar geplaatst
De la division du travail social’
, De criminologische wetenschap vandaag
Door snelle wijzigingen in de arbeidsdeling zijn de regels niet afgestemd
op de vernieuwde situatie
Anomie is dus het resultaat van een snelle (opgaande of neergaande)
economische ontwikkeling
Anomie (normatieve onzekerheid) leidt tot afwijkend gedrag &
criminaliteit
‘Le Suicide’ – verklaren van het sociaal feit ‘Zelfdoding’
Toont in zijn studie aan dat zelfmoordcijfers verband houdt met specifieke
kenmerken van een gemeenschappen
‘Zelfdoding’ als sociaal feit moet dus verklaard worden door het in relatie
te plaatsen met andere sociale feiten
Sociale integratie
o Zelfmoord zou relatief veel voorkomen wanneer er sprake is van een
zeer sterke cohesie in een groep (altruïstische zelfdoding)
o Zelfmoord zou evenzeer veel voorkomen wanneer er een relatief
zwakke sociale integratie is (egoïstische zelfdoding)
Normatieve regulering
o Wanneer normatieve regulering plots onderbroken wordt zal zelfmoord
stijgen want behoeften & middelen waarover iemand beschikt zijn
normaliter afgestemd op elkaar
o Anomische zelfmoord (normatieve deregulering)
o Fatalistische zelfmoord (overdreven sterke regulering)
Functionele verklaring
In zijn functionele verklaring wordt de vraag gesteld in hoeverre criminaliteit
& afwijkend gedrag functioneel zijn voor een samenleving
Durkheim onderscheidt 2 functies:
Indirecte functie : criminaliteit geeft de grens van de collectieve moraliteit
aan
Directe functie : misdadigers kunnen opgevat worden als voorlopers van
sociale & morele veranderingen
Durkheim beschouwt criminaliteit als het resultaat van een sociaal
definiëringsproces