Oliver is geboren in april 2020 aan het begin van de eerste COVID-lockdown. De ouders van Oliver
waren al verschillende jaren aan het proberen om zwanger te worden. Oliver heeft geen broertjes of
zusjes. De moeder van Oliver was tijdens de zwangerschap erg ongerust over de ontwikkeling van
haar zwangerschap. Uiteindelijk is de bevalling goed verlopen en was de APGAR score in orde. De
ouders van Oliver konden hun geluk niet op!
Het gezin kon door de omstandigheden bijna geen kraambezoek ontvangen. Ook konden de ouders
van Oliver na het verlof thuis blijven werken. Oliver gaat twee dagen in de week naar de
kinderopvang.
De lichamelijke ontwikkeling verloopt het eerste jaar voorspoedig. Op motorisch gebied ontwikkelt
Oliver zich vlot. Wanneer Oliver 11 maanden oud is merken de leidsters op naar de ouders dat ze
gedrag bij Oliver zien wat erop zou kunnen wijzen dat Oliver een onveilige hechtingsstijl heeft
ontwikkeld.
a De leidsters vermoeden een angstig-ambivalente hechtingsstijl en leggen dat uit aan de ouders door
een situatie te beschrijven die zij op het kindcentrum hebben geobserveerd tussen de ouders en
Oliver. Beschrijf de concrete situatie die de leidster heeft geobserveerd. Zorg dat je bij het beschrijven
van de interactie zowel het opvallende gedrag van de ouder als van Oliver benoemt (4 punten).
b. Wanneer Oliver 5 jaar oud is, heeft het macro-systeem van Bronfenbrenner (zoals in de kennisclip
besproken) impact op Olivers ontwikkeling. Geef een concreet voorbeeld van het macro-systeem.
Beschrijf vervolgens op welk ontwikkelingsgebied (cognitief, lichamelijk, sociaal, emotioneel of
persoonlijkheid) dit impact kan hebben bij Oliver en geef hier een concreet voorbeeld van (4 punten).
c. Oliver gaat naar een basisschool ingericht volgens de principes van de theorie van Lev Vygotsky.
Beschrijf twee concepten die horen bij de theorie van Vygotsky en geef voor ieder concept een
voorbeeld. Benoem in je voorbeeld hoe de juf in een concrete les (bijv. taal / rekenen / gym etc.)
rekening houdt met deze kenmerken (4 punten).
Opdracht 2 (12 punten)
Beschrijf jouw ontwikkeling gedurende de middelbare school op lichamelijk, cognitief, sociaal en
emotioneel gebied. Verwerk hierin expliciet de onderstaande begrippen. Benoem het begrip en leg je
ontwikkeling uit met behulp van voorbeelden van concrete situaties, gedrag en eventueel gedachten
die daarbij passen. Als je bij een begrip geen voorbeeld kan of wil geven uit je eigen leven, dan mag je
ook andere voorbeelden bedenken. Beantwoord deze vraag in ongeveer 1a4.
a. Rijping en de invloed hiervan op emotioneel en sociaal gebied (3 punten)
b. Het proces van identiteitsontwikkeling volgens James Marcia (3 punten)
c. De cognitieve ontwikkeling: metacognitie en het verband met egocentrisme (3 punten)
d. Een thema naar keuze met betrekking tot de sociale ontwikkeling. Kies uit een van de volgende
opties (3 punten):
1. Status en populariteit
2. Sociale vergelijking en peer pressure
3. Veranderende relatie tussen adolescent en ouder