Oefenvragen sociaal recht
1. Wat is het verschil tussen de private sector en de publieke sector?
De private sector is het bedrijfsleven en de publieke sector is het deel in dienst bij
de overheid.
2. Noem de vier vormen van recht en wat deze inhouden.
- Dwingend recht, hiervan mag niet worden afgeweken
- Driekwartdwingend recht, hiervan mag worden afgeweken bij cao
- Semidwingend recht, hiervan mag worden afgeweken bij schriftelijke ao.
- Aanvullend recht, hiervan mag altijd worden afgeweken
3. Waaraan zijn dwingende bepalingen te herkennen?
Aan de sanctie, vaak is deze nietig of vernietigbaar.
4. Hoe bepaal je welke rechter bevoegd is?
Je kijkt naar de absolute competentie: welk soort gerecht bevoegd is en naar de
relatieve competentie: welke plaats de zaak aanhangig moet worden gemaakt.
5. In welke drie overeenkomsten staat het verrichten van arbeid centraal
- Arbeidsovereenkomst
- Overeenkomst van opdracht
- Overeenkomst tot aanneming van werk
6. Bij welke overeenkomst draait het om werk van stoffelijke aard tot stand brengen?
De overeenkomst tot aanneming van werk
7. Wat is belangrijk om te kunnen bepalen of er sprake is van een arbeidsovereenkomst?
- Loon, geld of andere middelen zijn toegestaan (natura)
- Arbeid
- Gezagsverhouding
8. Welke richtlijnen voor het vaststellen van een gezagsverhouding worden genoemd in het arrest
Groen/Schoevers?
- Partijbedoeling, kijkend naar de formele gezagscriteria of het lijkt op andere
reguliere arbeidsovereenkomsten binnen de organisatie.
- Feitelijke uitvoering
9. Wat is het materiële gezagscriterium en het formele gezagscriterium als het gaat om de
partijbedoeling?
- Formele gezagscriterium: of het lijkt op reguliere arbeidsovereenkomsten binnen
de organisatie.
- Materiële gezagscriterium: in hoeverre de ondernemer bevoegd is de werknemer
eenzijdige instructies te geven bij uitvoering van arbeid.
10. Leg de driehoeksverhouding van een uitzendkracht uit.
- Tussen de opdrachtgever en het uitzendbureau een leenovereenkomst of
overeenkomst van opdracht.
1. Wat is het verschil tussen de private sector en de publieke sector?
De private sector is het bedrijfsleven en de publieke sector is het deel in dienst bij
de overheid.
2. Noem de vier vormen van recht en wat deze inhouden.
- Dwingend recht, hiervan mag niet worden afgeweken
- Driekwartdwingend recht, hiervan mag worden afgeweken bij cao
- Semidwingend recht, hiervan mag worden afgeweken bij schriftelijke ao.
- Aanvullend recht, hiervan mag altijd worden afgeweken
3. Waaraan zijn dwingende bepalingen te herkennen?
Aan de sanctie, vaak is deze nietig of vernietigbaar.
4. Hoe bepaal je welke rechter bevoegd is?
Je kijkt naar de absolute competentie: welk soort gerecht bevoegd is en naar de
relatieve competentie: welke plaats de zaak aanhangig moet worden gemaakt.
5. In welke drie overeenkomsten staat het verrichten van arbeid centraal
- Arbeidsovereenkomst
- Overeenkomst van opdracht
- Overeenkomst tot aanneming van werk
6. Bij welke overeenkomst draait het om werk van stoffelijke aard tot stand brengen?
De overeenkomst tot aanneming van werk
7. Wat is belangrijk om te kunnen bepalen of er sprake is van een arbeidsovereenkomst?
- Loon, geld of andere middelen zijn toegestaan (natura)
- Arbeid
- Gezagsverhouding
8. Welke richtlijnen voor het vaststellen van een gezagsverhouding worden genoemd in het arrest
Groen/Schoevers?
- Partijbedoeling, kijkend naar de formele gezagscriteria of het lijkt op andere
reguliere arbeidsovereenkomsten binnen de organisatie.
- Feitelijke uitvoering
9. Wat is het materiële gezagscriterium en het formele gezagscriterium als het gaat om de
partijbedoeling?
- Formele gezagscriterium: of het lijkt op reguliere arbeidsovereenkomsten binnen
de organisatie.
- Materiële gezagscriterium: in hoeverre de ondernemer bevoegd is de werknemer
eenzijdige instructies te geven bij uitvoering van arbeid.
10. Leg de driehoeksverhouding van een uitzendkracht uit.
- Tussen de opdrachtgever en het uitzendbureau een leenovereenkomst of
overeenkomst van opdracht.