Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Other

Samenvatting collegestof + literatuur International Governance

Rating
3.8
(4)
Sold
26
Pages
14
Uploaded on
01-02-2015
Written in
2014/2015

Samenvatting van alle colleges en de literatuur van de cursus International Governance (onderdeel van de minor International Studies) aan de Universiteit Utrecht. Bevat ook alle stof uit het boek Liberal Leviathan van G. John Ikenberry.

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

Tentamenstof International Governance

Handboek: G. John Ikenberry, ‘Liberal Leviathan’  actuele interpretatie van
Ikenberry, maar beïnvloed door theoretische stromingen. Vooral over Westerse
organisaties, wereldomspannende organisaties komen minder aan bod. Focus op het
Amerikaans buitenlands beleid. Theorieën moeten steeds getoetst worden door casussen,
dus de werkelijkheid. Ikenberry probeert de historische werkelijkheid weer te geven, niet
alleen theorieën. Empirie acht hij even belangrijk als theorieën.

Kernvraag cursus: wat is een institutional order? En op welke manier verandert deze?


Week 1 – The American World Order
 Sinds 200 jaar: de opkomende dominantie van liberaal-democratische staten in de
wereld.
 Internationale orde: vaste regels en afspraken tussen staten die hun interactie
begeleiden en definiëren. Een internationale orde valt uiteen of komt in crisis
wanneer de vaste regels en afspraken worden betwist of wanneer krachten die de
orde bij elkaar houden in conflict komen (grote oorlogen). Het internationale
systeem wordt dan geherstructureerd.
 Hoe kan een internationale orde gestructureerd worden? International Governance
vs. Global Governance (VN) 
4 niveaus van analyse: 1. Systeem: structuur, aard internationale betrekkingen en
IO);
2. interstatelijk (machtsverhoudingen tussen staten, bv.
Europese
Integratie.
3. Staten: binnenlandse politiek, buitenlands beleid
(standpuntbepaling)
- bureaucratische strijd;
- ‘identiteit van de staat’ (traditie, consistentie);
- statelijke belangen (geo-politiek en/of economie).
4. Individu (standpuntbepaling): ideeën, overtuigingen,
geloof,
persoonlijke preferenties (causaal, principieel).
 Macht als centraal begrip van de internationale politiek. Machtsmiddelen zijn
dingen als leger, grondstoffen en economie (soft & hard power).
Ikenberry – macht en regels hoeven niet met elkaar in tegenstrijd te zijn:
- je hoeft je als grootmacht niet per se niet aan de regels te houden, het
kan ook zijn dat je
ze juist meer respecteert (nieuw fenomeen);
- als je de macht echt hebt, heb je geen regels. Als je sterk genoeg bent
bepaal je de regels,
zo werkt de internationale politiek. Vb: Duisland in de Europese Unie.
 De internationale politiek wordt meestal beschreven vanuit de logica van de
anarchie: het Westfaalse systeem (1648) - soevereiniteit staten;
- er bestaat geen hogere autoriteit;
- internationale politiek wordt geordend door staten.
Dus: staatssoevereiniteit als enige regel van de internationale politiek 
* interne staatssoevereiniteit: het overheidsorgaan dat binnen een staat het
hoogste gezag heeft;
* externe staatssoevereiniteit: het feit dat een staat een zelfstandige entiteit
is,
zelfbeschikkingsrecht heeft en dat het staatsgezag als dusdanig wordt erkend
door andere staten.
Niet-inmenging in binnenlandse aangelegenheden. In de sfeer van de legitimatie
wordt
soevereiniteit vaak ingeroepen.
Consequentie: geen ‘politie’ boven staten  systeem van zelfhulp, zorgen voor
eigen veiligheid. Hierdoor: veiligheidsdilemma, situatie die basismechanisme is
van de internationale politiek.
 Intergouvernementalisme: theorie over het nemen van beslissingen in
internationale organisaties, waarbij de beslissingsmacht gelegen is bij de
soevereine lidstaten. Soevereine lidstaten zijn in deze theorie alleen gebonden aan

, hun eigen besluiten. Beslissingen moeten hierom unaniem genomen worden
(combi neo-realisme en neo-liberalisme).
 Magisch-realistisch perspectief: in verhaal van ordening (realisme) komen
instituties niet in beeld, puur en alleen staten.
Kenneth Waltz – Polariteit: unipolair, bipolair en multipolair.
 Instituties zijn formele en informele regels, gewoontes en praktijken die
individueel en collectief handelen zowel beperken als mogelijk maken. Doel: het
duurzaam koesteren van waarden en normen. ‘Niets is mogelijk zonder mens, niets
is duurzaam zonder instituties’.
- als instituties er eenmaal zijn, blijven ze meestal ook langer bestaan
(geloofwaardigheid, belang
grondwaarden, mogelijkheden definiëren gedrag toekomst);
- geeft staten zekerheid die ze nodig hebben om informatie te delen (over bijv.
nucleaire informatie);
- zorgen voor openheid;
- definiëren je gedragsopties nader, maakt het gedrag staten namelijk meer
voorspelbaar. Heel belangrijk voor internationale politiek.
 Multilaterale organisaties: die organisaties die gericht zijn op coördinatie en
samenwerking.
- organisaties van staten, die met elkaar overleggen hoe het beleid te
coördineren;
- hebben vaak een lange levensduur, bieden een arena voor staten om in
te overleggen;
- lijken vaak meer dan dat ze zijn (Rusland bijv. niet langer welkom bij G8
vergaderingen).
Ikenberry: hoe benut je de potentie van multilaterale organisaties?
 Stelling: internationale instituties/organisaties bestaan alleen als de
machtsverhoudingen dit toestaan, zijn dus een weerspiegeling van de
machtsverhoudingen.
 Neo-conservatisme: behoud van bestaande ordening & activisme, dus actief
ingrijpen in de wereld om deze orde te behouden.
 Obama: 2009 – verwachting dat hij anders zou gaan doen dan Bush. Kenmerkend:
Obama heeft nog weinig gepresteerd. Hij moet een politieke visie ontvouwen.
Ordening ontwikkelen. Obama is pas aan het begin, niet aan het einde.


Week 2 – Power, War and Rational Actor
 Hoe is het mogelijk dat er sinds 1648 (in een anarchie) een sfeer van internationale
samenwerking/internationale gemeenschap is ontstaan? En hoe kan het dat deze
sfeer zo duurzaam is?
 De verwachting na de Koude Oorlog was het realistische principe van balance of
power: geen staat domineert het systeem maar staten concurreren en
compenseren elkaar (Waltz). Verschillende staten die de macht willen krijgen,
iedereen valt terug op selfhelp. Grote staten zullen proberen een hegemonie te
vestigen (dan is hun veiligheid optimaal), kleine staten zullen juist samenwerken
om een hegemonie te voorkomen want dit zou het einde van hun soevereiniteit
betekenen.
 Er gebeurde iets heel anders: anarchie, soevereiniteit en veiligheidsdilemma – de
uitgangspunten van het Westfaalse systeem – zijn te simpel om deze orde te
beschrijven. Er ontstond een hiërarchie binnen de anarchie  Drie dementies: -
distributie van macht;
- vorm van organisatie die bij hiërarchie
hoort;
- continuüm imperium <-> liberale vorm
samenwerken, ‘rechtsstatelijkheid’.
 Twee typisch van een hiërarchische orde:
- imperiaal: regels worden opgelegd en de naleving ervan wordt
uiteindelijk dwangmatig
opgelegd (ook: kolonialisme).
- liberaal hegemonisch: er wordt onderhandeld over regels en de
naleving ervan is
gebaseerd op consent (eigen instemming) en the rule of law: we zijn
allemaal gelijk voor
de wet, geen institutie of autoriteit kan hierboven staan.

, Dit zijn twee extremen, in de praktijk bevinden ordes zich vaak tussen deze twee
uitersten in.
 In plaats van een terugkeer naar multipolariteit, werden de Verenigde Staten de
hegemonie van het internationale systeem (unipolariteit). De VS werd eigenaar van
het liberaal-kapitalistische systeem en geniet sindsdien bijzondere rechten en
privileges. De VS organiseert en leidt een uitgebreid politiek systeem, gebouwd
rondom multilaterale instituties, allianties, strategische partners en vazalstaten.
Kenmerken hegemonie: - de VS opereert binnen een system van
vastgelegde regels en
instituties;
- de VS verzorgt bepaalde collectieve goederen, die ze
aanbieden in ruil
voor samenwerking (veiligheid, open handel);
- de VS biedt kanalen en netwerken voor wederzijdse
communicatie en
invloed.
 Dus: geen balance of power? Overdreven, denk aan IS en Shanghai cooperation.
 Verschil liberale hegemonie en empire: een liberaal hegemonische staat vestigt
haar heerschappij binnen de orde door een milieu te creëren waarin andere staten
handelen. Een liberaal hegemonische staat heeft dus minder controle over
ondergeschikte staten.
 Een internationale orde kan worden gevestigd en behouden door een hegemonie
op drie manieren:
- door balance: heersende staten of coalities van staten vormen
compenserende polen die
elkaar controleren en beperken (soevereiniteit). Alleen met unanimiteit
kunnen besluiten
genomen worden, je kunt niet tegen je wil gebonden worden. Nadelen:
onzekerheid, de
houdbaarheid van afspraken is altijd onbekend.
- door command: de orde is hiërarchisch en wordt behouden door de
dominantie van één
leidende staat. Vraag: waarom zouden kleine staten dit willen? Je wordt
dan beschermd
tegen staten die voor jou nog bedreigender zijn, je wilt voortbestaan. Vb:
liever de VS
dan Rusland.
- door consent: de orde is georganiseerd rondom afgesproken regels en
instituties die de
rechten en beperkingen verdelen voor het uitvoeren van macht (gedeelde
belangen en de
rule of law). Meerderheidsbesluiten tellen, je kunt dus tegen je zin
gebonden worden (bv.
EU), maar je kunt je ook in bepaalde mate aan een soort regels binden.
Deze regels
beperken jouw bewegingsvrijheid en autonomie, maar bepaalde
gedragsopties vallen
buiten de regels. Je levert geen soevereiniteit in, maar beleidsautonomie.
Hiertegenover
staat collectieve goederen (veiligheid (stabiliteit, voorspelbaarheid
(andere landen doen
het ook), handelsregels, arbeidsvoorwaarden, effectief milieubeleid e.d.).
 Twee belangrijkste mechanismen voor het vestigen van een hegemonische orde:
- Heerschappij door middel van regels (rule through rule): multilaterale
overeenkomsten die instituties en regels specificeren waardoor staten mogen
opereren.
- Heerschappij door middel van relaties (rule through relationships): het
kweken van bilaterale relaties tussen de leidende staat en andere staten (uit zowel
de tweede als derde wereld). Overeenkomsten afsluiten waarbij de leidende staat
diensten/voordelen (zoals beveiliging en toegang tot de markt) biedt in ruil voor
politieke steun en samenwerking binnen het bredere, internationale systeem.
 Drie theorieën die invloed hebben op de visie van een liberale orde:
- Commercieel liberalisme (Adam Smith): de verspreiding van het
kapitalisme en de vrije
markt zorgen voor wederzijdse afhankelijkheid;

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
February 1, 2015
Number of pages
14
Written in
2014/2015
Type
OTHER
Person
Unknown
$5.28
Get access to the full document:
Purchased by 26 students

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Reviews from verified buyers

Showing all 4 reviews
9 year ago

9 year ago

9 year ago

10 year ago

Well written summary, everything is in there. Concisely and have many wore for the exam. Have finally achieved a 6.8 and got a few days before start learning.

3.8

4 reviews

5
0
4
3
3
1
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
emmakeizer Universiteit Utrecht
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
365
Member since
12 year
Number of followers
222
Documents
32
Last sold
1 year ago

3.5

58 reviews

5
10
4
25
3
15
2
2
1
6

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions