Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Goederenrecht samenvatting (Pitlo deel)

Rating
-
Sold
-
Pages
14
Uploaded on
26-01-2015
Written in
2014/2015

Samenvatting van 14 pagina's voor het vak Inleiding Goederenrecht aan de VU

Institution
Course

Content preview

Samenvatting inleiding goederenrecht deel Pitlo

Hoofdstuk 1 (m.u.v. nrs 9, 16 t/m 19 en 38 t/m 41)

Goederenrecht heette voor 1992 zakenrecht, echter dat dekte niet alles. Het
goederenrecht maakt deel uit van het vermogensrecht.
Een zaak hoeft niet tot iemand toe te behoren om een zaak te kunnen zijn, een
‘res nullius’ (bijv vuilnis aan de weg) kan ook een zaak zijn.
Voor een zaak moet het voor de menselijke beheersing vatbaar zijn, ‘de lucht’ of
‘de zee’ op zich vallen daar niet onder.

Vermogensrechten
Art 3:6, de gegeven opsomming daarin over wat vermogensrechten zijn is niet
limitatief. Voor een vermogensrecht moet het recht wel enige economische
waarde vertegenwoordigen.
Het eigendomsrecht is ook een vermogensrecht.

Onroerende en roerende zaken
Dit onderscheid is van belang voor zaken. Voor levering van onroerende zaken is
er een bijzondere bepaling, art 3:89. Voor ‘duurzaam met de grond verenigd’ is
van belang of het naar aard en inrichting is bestemd om duurzaam ter plaatse te
blijven. De technische mogelijkheid om te verplaatsen speelt geen rol. Voor
eigendom van onroerende zaken zie art 5:20.

Registergoederen- art 3:10
De categorisering is vooral van belang voor de bepaling over overdracht en
verjaring (afd 3.4).
Drie vereisten:
 Er moet een register bestaan waarin de vestiging/overdracht kan worden
ingeschreven
 Het register moet openbaar zijn
 De inschrijving in het register moet voor de vestiging/overdracht
constitutief zijn (dat dus anders de vestiging of overdracht niet in zou
treden)

Bestanddelen zijn geen zaken in de zin van het recht, zij leiden immers geen
zelfstandig bestaan. Aan de hand van de verkeersopvatting wordt beoordeeld of
een zaak een bestanddeel is van een andere zaak (art 3:4 lid 1). Het gaan dan
om de verkeersopvatting ten aanzien van de feitelijke samenhang tussen de
twee zaken. Als aan art 3:4 lid 2 is voldaan, dan is een onderzoek naar de
verkeersopvatting niet meer nodig. Een onroerende zaak kan nooit een
bestanddeel zijn van een roerende zaak.
Natrekking  van meerdere voorwerpen wordt één geheel gemaakt met een
nieuwe identiteit: zaaksvorming. Art 5:14 e.v. voor roerende zaken en art 5:20
voor onroerende zaken. Bij onroerende zaken verkrijgt de eigenaar van de grond
(de hoofdzaak) het eigendom. Het bestanddeel volgt het lot van de hoofdzaak in
alle opzichten.
Als in geval van roerende zaken geen hoofdzaak kan worden aangewezen dan
ontstaat er mede-eigendom in geval van verschillende oorspronkelijke eigenaren
(art 5:14 lid 2). Bij onroerende zaken kan de eenheid worden doorbroken tussen
grond en bovenbouw door een recht van opstal (art 5:101 e.v.).

Vruchten

,Als een vrucht eerst een bestanddeel was kan het door afscheiding een
zelfstandige zaak worden (art 3:9 lid 4), natuurlijke vruchten: appel valt van
boom.
Goederen kunnen ook economische vruchten afwerpen, bijv een periodieke
rente van een vordering.
Verkeersopvatting bepaalt of iets een natuurlijke of een burgerlijke vrucht is. In
geval van vervreemding van het goed geldt dat er dan ook sprake is van
vervreemding van de toekomstige vruchten.

Tegenwoordige en toekomstige goederen
Toekomstige goederen zijn goederen die nog niet bestaan, bijvoorbeeld de
fruitopbrengst van een boomgaard van het volgende jaar. Dit kunnen ook
goederen zijn die nu nog een bestanddeel zijn van een andere zaak maar
binnenkort van elkaar gescheiden worden (beiden zijn absoluut toekomstige
goederen). Daarnaast zijn toekomstige goederen, goederen waarover men nog
niet de beschikking heeft, maar die verwacht te eniger tijd te zullen krijgen
(relatief toekomstige goederen). In het verbintenissenrecht is het niet van
belang dat er sprake is van een toekomstig goed, bij goederenrecht wel. Daar
ligt het minder voor de hand.

Absolute en relatieve rechten
Absolute rechten gelden ten opzichte van een ieder, relatieve rechten niet. De
relatieve rechten gelden alleen tegenover een afgebakende groep personen. In
geval van een relatief recht kan dan ook alleen de wederpartij het recht
schenden, bij een absoluut recht kan de gerechtigde tegenover iedere schending
(dus van een ieder) optreden. Een goed voorbeeld tussen het onderscheid is het
verschil tussen het recht van bruikleen (art 7A:1777) en het recht van
vruchtgebruik (art 3:201). Verschil is dat bij het recht op vruchtgebruik de
vruchtgebruiker dit ook heeft ten opzichte van opvolgers onder bijzondere titel
(art 3:80 lid 3).
Kwalitatieve rechten: vorderingsrechten waaraan de wet het gevolg heeft
verbonden dat ze werken tegen verkrijgers onder bijzondere titel, dit is
bijvoorbeeld huur of pacht.

Beperkte rechten
De beperkte rechten uit boek 5 kunnen slechts rusten op zaken, het
moederrecht is daar telkens de eigendom. Het is ook mogelijk om beperkte
rechten op vermogensrechten te vestigen, bijvoorbeeld een recht van
vruchtgebruik op een aandeel. Daarnaast zijn ook ‘gestapelde’ beperkte rechten
bestaanbaar, beperkte rechten die van beperkte rechten zijn afgeleid. Niet alle
beperkte rechten zijn te vinden in BW, bijv octrooirecht niet.

Afhankelijke rechten (art 3:7 ) kunnen alleen overgaan op een andere
persoon in samenhang met het (hoofd)recht. Voorbeelden: recht van hypotheek,
erfdienstbaarheden maar ook het recht van opstal is mogelijk afhankelijk. Bij
een afhankelijk recht wordt deze ook uitgeoefend door dezelfde rechthebbende
als waar het recht van afhankelijk is. Vooral van belang ter onderscheiding van
afhankelijke rechten is dus dat zij geen eigen goederenrechtelijk bestaan
kunnen leiden, zij volgen automatisch het recht waaraan zij zijn verbonden (art
3:82).

Vordering op naam, aan order en aan toonder
Een vordering op naam is de meest gewone vordering, dit is iedere vordering
die niet d.m.v. het opmaken van een daartoe strekkend papier tot order- of

, toondervordering is gemaakt is een vordering op naam. Voorbeeld: vordering tot
terugbetaling van een lening. Ondanks de naam kan een vordering op naam wel
worden overgedragen, dit kan door een akte en mededeling van de overdracht
aan de schuldenaar (art 3:94).
Bij order- en toondervorderingen is er steeds een papier, deze dient in eerste
plaats tot bewijs van het bestaan van de vordering, maar daarnaast ook als
middel om de order- of toondervordering te leveren aan de verkrijger. Levering
toondervorderingen, art 3:93, door overhandiging van het papier aan de
verkrijger. Bij ordervorderingen is dat anders, daarbij deelt de crediteur door
een ‘endossement’ op het papier aan de debiteur mee dat de met name
genoemde verwerver van de vordering diens nieuwe crediteur is.
Rechten aan order en toonder is breder dan alleen de vorderingen 
‘zakenrechtelijke papieren’ vallen daar ook onder, bijvoorbeeld het papier van
eigendom van bepaalde zaken.
Een aandeel is een waardepapier die op naam of aan toonder kan zijn gesteld.

Eigendom, rechthebbende, gerechtigde, ‘toebehoren aan’
In geval van goed: rechthebbende. In de verbintenisrechtelijke situatie ben je
een crediteur.
In geval van zaak: eigenaar.
Rechthebbende is geen synoniem van ‘gerechtigde’, dat laatste heeft geen
goederenrechtelijke betekenis.

Hfd 3 (Verkrijging en verlies van goederen)

Ondanks dat er met betrekking tot verkrijging en verlies van goederen een
gesloten systeem geld, hoeft de wijze van verkrijging/verlies niet expliciet in de
wet te zijn genoemd, zij kan ook impliciet daaruit volgen.
Uit het nemo plus-beginsel blijkt dat als een goed met beperkt recht is
bezwaard, bij overdracht het goed met het beperkte recht overdraagt. De
rechthebbende kan immers niet meer recht overdragen dan hij zelf heeft.
De nieuwe rechthebbende is niet gebonden aan de persoonlijke verplichtingen
die zijn rechtsvoorganger met betrekking tot het goed is aangegaan. Dit is
namelijk niet aan het goed verbonden maar aan zijn voorganger persoonlijk. Een
verkrijger profiteert wel van de persoonlijke rechten die zijn voorganger met
betrekking tot het goed heeft bedongen (art 6:251 lid 1), het dient dan in
zodanig verband te staan met een aan de schuldeiser toebehorend goed dat hij
bij dat recht slechts belang heeft zolang hij het goed behoudt, het recht gaat dan
over op degene die het onder bijzondere titel verkrijgt.
Absoluut verlies: het goed gaat teniet (boek gaat in vlammen op, voldoening van
een vordering).
Relatief verlies: een ander wordt rechthebbende op het goed.
Voor de verkrijging en het verlies van afhankelijke rechten: art 3:82 (deelt dus
het lot van het hoofdrecht).

Hfd 4.1 t/m 4.4 (Inleiding, Overdraagbaarheid van goederen)
m.u.v. nr. 102, 119 t/m 129, 131 t/m 134 en 145 t/m 148 n.b.: Uit
nr. 110, alleen de grote letters

Voor overdracht is vereist dat er sprake is van een overdraagbaar goed (art
3:83). De aard van het goed kan zich tegen overdracht verzetten, bijvoorbeeld
een beperkt recht dat ook een afhankelijk recht is: deze is niet zelfstandig
overdraagbaar. Ook het persoonlijke karakter van een recht kan het naar zijn
aard onoverdraagbaar maken, bijvoorbeeld een recht van gebruik en bewoning.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 26, 2015
Number of pages
14
Written in
2014/2015
Type
SUMMARY
$4.12
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Sophie148 Vrije Universiteit Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
16
Member since
11 year
Number of followers
14
Documents
6
Last sold
6 year ago

4.2

6 reviews

5
2
4
3
3
1
2
0
1
0

Trending documents

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions