VZOM dagelijkse zorg denkkader
Inleidende begrippen – Zorg op maat
Voorwoord
Competenties
= een in de persoon geïntegreerde en samenhangend geheel van vereiste en daarbij
vooronderstelde of onderliggende bekwaamheden (inzichten, vaardigheden en attituden)
om in wisselende (beroeps)contexten op adequente, doelgerichte en doelmatige wijze te
begrijpen, te handelen en te sturen
o Algemene competenties: bv. denk- en redeneervaardigheden; kritische zelfreflectie
o Beroepsgerichte competenties: bv. teamgericht kunnen werken
o Beroepsspecifieke competenties: bv. een bloedafname kunnen uitvoeren
Het is de bedoeling dat je tegen het einde van de opleiding specifieke competenties
verworven hebt
Verwerven competenties
o Gebeurt via een leerproces
o Aan de hand van leerdoelen
o Leerdoelen gebruik je als hulpmiddel bij zelfstudie of bij zelftoetsing
6 belangrijke punten voor verpleegkundigen:
1. Organiseren en coördineren van de diverse aspecten van zorg, ook in niet
vertrouwde, complexe zorgsituaties, om ze te laten verlopen als een continu en
integraal proces
2. Op een professioneel en verantwoorde wijze vraaggestuurde zorg op maat verlenen
ook in niet vertrouwde, complexe zorgsituaties, gericht op het somatisch, sociaal,
psychisch en existentieel welbevinden van de zorgvrager in een multiculturele
omgeving
3. Toonaangevend functioneren binnen intra- en interprofessioneel team
4. Kwaliteit van de zorg en welzijn bewaken en bevorderen
5. Constructief bijdragen aan de actuele beroepsontwikkeling
6. Professioneel innoveren en inventief denken en handelen
1. Inleiding
1.1. Geschiedenis van verpleegkunde
Epidauros: heiligdom – psychisch welzijn om te genezen (staf met slang teken van bv.
apothekers)
Vroeger bv. Sint-Janshospitaal Brugge 17de eeuw heel slechte hygiëne dus ook veel doden
Vanaf 19de eeuw (1967) werd het beroep meer erkend (oorlogen)
Niet enkel comfort voor mensen maar ook echt genezen
,Voordat het beroep erkend werd is er altijd wel sprake geweest van verzorging. De nadruk
lag dan op verzorgen en comfort geven. Er werd hulp gegeven bij het wassen, het kleden,
het eten, …. Een opleiding was er niet, de taken werden als doende geleerd en doorgegeven.
De medische mogelijkheden waren nog erg beperkt en actief werken aan genezing was
nauwelijks aan de orde.
Lange tijd werd het verzorgen als taak van christelijke barmhartigheid gezien.
Religieuzen namen de zorg op zich
Kapitaalkrachtige burgers sponserden gasthuizen waar de oude en zieken konden
verblijven
Gilden en ambachten voorzagen verzorging voor hun zieke leden en hun familie
Zusters en broeders verzorgden zieken en waakten erover dat hun zielenheil gezond
was door gebed en biecht
Omstandigheden van het werk:
o Slechte hygiëne
o Met meerdere zieken in één bed
o Beddengoed dat vuil bleef
o Stank
o Erbarmelijke huisvesting
Inzichten in het midden van de 19de eeuw waardoor er aandacht gegeven
werd aan gezondheidsvoorlichting en een nood aan hygiënische
verpleging (vrouwen kregen gerespecteerde plek)
! “zorgen voor” en “liefdadigheid” werden opnieuw aanvaardbare en
‘eerbare’ bezigheden voor burgervrouwen
Florence Nightingale (en Constance Tiechmann in Antwerpen) pionier hierin en ook bij het
helpen in de oorlog zij wou deze goede hygiëne en werkte hier heel hard aan + zorgde
voor een school voor verpleegkunde en boeken
Louis Pasteur ontdekte dat bacteriën voor ziektes zorgden
GROTE VERANDERINGEN door hen + ook door de oorlogen (wat er op
het slagveld gewerkt had werd vaak meegenomen om ook effectief te
gaan gebruiken in ziekenhuizen)
Tijdens de oorlog waren veel ziekenhuizen en gasthuizen initiatieven van kloosterorden of
van de stedelijke overheden (onder beheer van hun ‘bureau en weldadigheid’, het huidige
OCMW)
Na WOII werden ziekenhuizen gefinancierd met gemeenschapsgeld en werden de eisen voor
geneeskunde en verpleegkunde strenger (daarom de eerste wetten rond die tijd).
Vele ziekenhuizen, psychiatrische centra en instellingen voor mindervaliden behoren nog
steeds toe aan religieuze orde of aan een vzw die de erfenis van die orde beheert (denk aan
‘zuster i.p.v. verpleegster’ en ‘is verpleegkunde een roeping’)
, 1.2. Blik op de toekomst
Zorgtechnologie (de ontwikkeling van de medische technologie)
= hulpoproepsystemen die de laatste jaren sterk veranderen
Robots die medicatie klaarzetten en verpakken of operaties uitvoeren
Ook om mensen later thuis te laten blijven door bv. advies geven en observaties op
afstand registreren (via smartphones gezondheidsgegevens verzamelen)
Meer verantwoordelijkheden op gebied van zorgcoördinatie – meer en andere taken (zoals
bv. uitstrijkjes of opvolgen van chronische patiënten en tevens hun medicatie voor schrijven
onder supervisie van artsen)
Grootste uitdaging: op rationeel gebied – kwalitatieve gezondheidszorg op maat van de
cliënt bieden in onze superdiverse samenleving zal een boeiende evenwichtsoefening
worden.
Meertaligheid van zorgvragers
De culturele en religieuze aspecten van de zorg
De financueële druk op de sociale zekerheid
…
Het beroep zal er binnen 10 jaar waarschijnlijk helemaal anders uitzien door al de
veranderingen
1.3. Definitie verpleegkundige diagnose en interventies
o In België pas in 1967 een erkenning van het verpleegkundig beroep
o Sinds eind jaren 1970 ook een eigen wetenschappelijke taal, jargon gekregen
o Door het oplijsten van de verpleegkundige taken kreeg men zicht op de eigenheid
van het beroep
o En kunnen verpleegkundigen volgens dezelfde standaards opgeleid worden
o Professionalisering en verwetenschappelijking van ons beroep
Verpleegkundig proces
Verpleegkundige diagnose stellen (bv. pijn vragen hoeveel pijn op schaal, of eenzaamheid,
zorgtekort, …)
Verpleegkundige interventies hieraan koppelen (veranderen van zorg, verleggen van patiënt,
…)
Resultaten evalueren (is de pijn weg/ verminderd)
Verpleegkundige diagnoses vaststellen door:
o Door een verpleeg- of verzorgprobleem vast te stellen en te definiëren, kan een
doeltreffende interventie uitgevoerd worden
o De classificatie van die problemen (diagnoses) biedt de
mogelijkheid snel omschrijving, verschijnselen of
risicofactoren en oorzaken of beïnvloedende factoren
op te zoeken. Om daarna de diagnose te bevestigen of te ontkennen.
o NANDA en ‘Zakboek Verpleegkundige diagnosen’ van Carpenito‐Moyet
Inleidende begrippen – Zorg op maat
Voorwoord
Competenties
= een in de persoon geïntegreerde en samenhangend geheel van vereiste en daarbij
vooronderstelde of onderliggende bekwaamheden (inzichten, vaardigheden en attituden)
om in wisselende (beroeps)contexten op adequente, doelgerichte en doelmatige wijze te
begrijpen, te handelen en te sturen
o Algemene competenties: bv. denk- en redeneervaardigheden; kritische zelfreflectie
o Beroepsgerichte competenties: bv. teamgericht kunnen werken
o Beroepsspecifieke competenties: bv. een bloedafname kunnen uitvoeren
Het is de bedoeling dat je tegen het einde van de opleiding specifieke competenties
verworven hebt
Verwerven competenties
o Gebeurt via een leerproces
o Aan de hand van leerdoelen
o Leerdoelen gebruik je als hulpmiddel bij zelfstudie of bij zelftoetsing
6 belangrijke punten voor verpleegkundigen:
1. Organiseren en coördineren van de diverse aspecten van zorg, ook in niet
vertrouwde, complexe zorgsituaties, om ze te laten verlopen als een continu en
integraal proces
2. Op een professioneel en verantwoorde wijze vraaggestuurde zorg op maat verlenen
ook in niet vertrouwde, complexe zorgsituaties, gericht op het somatisch, sociaal,
psychisch en existentieel welbevinden van de zorgvrager in een multiculturele
omgeving
3. Toonaangevend functioneren binnen intra- en interprofessioneel team
4. Kwaliteit van de zorg en welzijn bewaken en bevorderen
5. Constructief bijdragen aan de actuele beroepsontwikkeling
6. Professioneel innoveren en inventief denken en handelen
1. Inleiding
1.1. Geschiedenis van verpleegkunde
Epidauros: heiligdom – psychisch welzijn om te genezen (staf met slang teken van bv.
apothekers)
Vroeger bv. Sint-Janshospitaal Brugge 17de eeuw heel slechte hygiëne dus ook veel doden
Vanaf 19de eeuw (1967) werd het beroep meer erkend (oorlogen)
Niet enkel comfort voor mensen maar ook echt genezen
,Voordat het beroep erkend werd is er altijd wel sprake geweest van verzorging. De nadruk
lag dan op verzorgen en comfort geven. Er werd hulp gegeven bij het wassen, het kleden,
het eten, …. Een opleiding was er niet, de taken werden als doende geleerd en doorgegeven.
De medische mogelijkheden waren nog erg beperkt en actief werken aan genezing was
nauwelijks aan de orde.
Lange tijd werd het verzorgen als taak van christelijke barmhartigheid gezien.
Religieuzen namen de zorg op zich
Kapitaalkrachtige burgers sponserden gasthuizen waar de oude en zieken konden
verblijven
Gilden en ambachten voorzagen verzorging voor hun zieke leden en hun familie
Zusters en broeders verzorgden zieken en waakten erover dat hun zielenheil gezond
was door gebed en biecht
Omstandigheden van het werk:
o Slechte hygiëne
o Met meerdere zieken in één bed
o Beddengoed dat vuil bleef
o Stank
o Erbarmelijke huisvesting
Inzichten in het midden van de 19de eeuw waardoor er aandacht gegeven
werd aan gezondheidsvoorlichting en een nood aan hygiënische
verpleging (vrouwen kregen gerespecteerde plek)
! “zorgen voor” en “liefdadigheid” werden opnieuw aanvaardbare en
‘eerbare’ bezigheden voor burgervrouwen
Florence Nightingale (en Constance Tiechmann in Antwerpen) pionier hierin en ook bij het
helpen in de oorlog zij wou deze goede hygiëne en werkte hier heel hard aan + zorgde
voor een school voor verpleegkunde en boeken
Louis Pasteur ontdekte dat bacteriën voor ziektes zorgden
GROTE VERANDERINGEN door hen + ook door de oorlogen (wat er op
het slagveld gewerkt had werd vaak meegenomen om ook effectief te
gaan gebruiken in ziekenhuizen)
Tijdens de oorlog waren veel ziekenhuizen en gasthuizen initiatieven van kloosterorden of
van de stedelijke overheden (onder beheer van hun ‘bureau en weldadigheid’, het huidige
OCMW)
Na WOII werden ziekenhuizen gefinancierd met gemeenschapsgeld en werden de eisen voor
geneeskunde en verpleegkunde strenger (daarom de eerste wetten rond die tijd).
Vele ziekenhuizen, psychiatrische centra en instellingen voor mindervaliden behoren nog
steeds toe aan religieuze orde of aan een vzw die de erfenis van die orde beheert (denk aan
‘zuster i.p.v. verpleegster’ en ‘is verpleegkunde een roeping’)
, 1.2. Blik op de toekomst
Zorgtechnologie (de ontwikkeling van de medische technologie)
= hulpoproepsystemen die de laatste jaren sterk veranderen
Robots die medicatie klaarzetten en verpakken of operaties uitvoeren
Ook om mensen later thuis te laten blijven door bv. advies geven en observaties op
afstand registreren (via smartphones gezondheidsgegevens verzamelen)
Meer verantwoordelijkheden op gebied van zorgcoördinatie – meer en andere taken (zoals
bv. uitstrijkjes of opvolgen van chronische patiënten en tevens hun medicatie voor schrijven
onder supervisie van artsen)
Grootste uitdaging: op rationeel gebied – kwalitatieve gezondheidszorg op maat van de
cliënt bieden in onze superdiverse samenleving zal een boeiende evenwichtsoefening
worden.
Meertaligheid van zorgvragers
De culturele en religieuze aspecten van de zorg
De financueële druk op de sociale zekerheid
…
Het beroep zal er binnen 10 jaar waarschijnlijk helemaal anders uitzien door al de
veranderingen
1.3. Definitie verpleegkundige diagnose en interventies
o In België pas in 1967 een erkenning van het verpleegkundig beroep
o Sinds eind jaren 1970 ook een eigen wetenschappelijke taal, jargon gekregen
o Door het oplijsten van de verpleegkundige taken kreeg men zicht op de eigenheid
van het beroep
o En kunnen verpleegkundigen volgens dezelfde standaards opgeleid worden
o Professionalisering en verwetenschappelijking van ons beroep
Verpleegkundig proces
Verpleegkundige diagnose stellen (bv. pijn vragen hoeveel pijn op schaal, of eenzaamheid,
zorgtekort, …)
Verpleegkundige interventies hieraan koppelen (veranderen van zorg, verleggen van patiënt,
…)
Resultaten evalueren (is de pijn weg/ verminderd)
Verpleegkundige diagnoses vaststellen door:
o Door een verpleeg- of verzorgprobleem vast te stellen en te definiëren, kan een
doeltreffende interventie uitgevoerd worden
o De classificatie van die problemen (diagnoses) biedt de
mogelijkheid snel omschrijving, verschijnselen of
risicofactoren en oorzaken of beïnvloedende factoren
op te zoeken. Om daarna de diagnose te bevestigen of te ontkennen.
o NANDA en ‘Zakboek Verpleegkundige diagnosen’ van Carpenito‐Moyet