6 punten MC (1 punt per vraag) (zie document Quinten/diefka) (giscorrectie =-1/4)
3 punten op een grote vraag
3 voor 6 termen
8 punten voor oefeningen (2 oefeningen op 2 punten, 1 vraag op 4 met een grote
stamboom en 4 bijvraagjes over: a) AD, AR, XD, … ; b) genotypes eronder schrijven; c)
genotype voor kind met zieke vader en consaguiniteit tussen de ouders; d) als er 80%
penetratie berekenen)
Soort oefeningen:
3 punten op een grote vraag
3 voor 6 termen
8 punten voor oefeningen (2 oefeningen op 2 punten, 1 vraag op 4 met een grote
stamboom en 4 bijvraagjes over: a) AD, AR, XD, … ; b) genotypes eronder schrijven; c)
genotype voor kind met zieke vader en consaguiniteit tussen de ouders; d) als er 80%
penetratie berekenen)
Soort oefeningen: