ONDERZOEK NAAR ZELFBEELD
Portfolio-opdracht 1.3 Onderzoek naar zelfbeeld
Studentnummer: 972709040
A.W.F.Romp
19 maart 2021
1
, Voorblad paper
Dit formulier moet samen met de paper worden ingeleverd. Met dit ingevulde formulier
heeft de docent alle informatie die nodig is om de opdracht te beoordelen en de beoordeling
te verwerken. Zonder deze gegevens kan de docent de paper niet beoordelen.
Dit formulier is een toevoeging aan de opdracht maar telt niet mee als pagina in de
opdracht.
Studentnummer: 972709040
Naam: A.W.F. Romp
Naam opleiding: Toegepaste psychologie
Opleidingscode: 7906
Modulenummer: 1852
Modulenaam: Portfolio opdracht 1.3 Onderzoek naar
het zelfbeeld
Versie (indien meerdere versies aanwezig): 1
Herkansing?: ja/nee nee
Titel literatuur: Onderzoek en rapportage
Sociale psychologie
Jansen en Vonk (2005).
Contingente zelfwaardering:
betrouwbaarheid en validiteit
van de Nederlandse globale en
domein-specifieke
contingentieschaal
Druk: 1
In de opdracht is de juiste bronvermelding* Ja
toegepast:
In de opdracht zijn de verslagtechnieken Ja
toegepast:
2
, Samenvatting
Dit portfolio geeft duidelijkheid op basis van een onderzoek naar zelfbeeld door middel van 2
schalen. De globale zelfwaardering meet de kennis die hij/zij over zichzelf heeft en de globale
contingente zelfwaardering meet zijn/haar zelfwaarde wat afhangt van bepaalde factoren zoals
uiterlijk, prestaties, of goedkeuring van anderen (Crocker & Wolfe, 2001; Jansen & Vonk,
2005)
Er zijn bij 5 individuen de vragenlijsten afgenomen. De individuen betreft 5 kinderen / jong
volwassenen van 14 tot 18 jaar. Ik heb gekozen voor jeugdigen omdat mijn specialisatie kind
en jeugd is. Ik werk met jeugdigen en in de (nabije) toekomst wil ik, na het behalen van mijn
diploma TP mijn eigen praktijk gaan openen, om kinderen met een verminderde globale en
globale contingente zelfwaardering te ondersteunen om ze meer zelfvertrouwen te geven.
Zelf heb ik beide vragenlijsten ingevuld en deze vergeleken met de uitkomsten van de
proefpersonen. Het was een uitdaging om zelf weer even mijn puberteit te herleven om zo tot
een eerlijke conclusie te komen.
Uit mijn literatuuronderzoek blijkt dat zelfwaardering een indicator kan zijn voor stoornissen
maar ook over hoe wij als individuen interacties aangaan met mensen in onze sociale
omgeving (Ziegler-Hill, 2011)
3
Portfolio-opdracht 1.3 Onderzoek naar zelfbeeld
Studentnummer: 972709040
A.W.F.Romp
19 maart 2021
1
, Voorblad paper
Dit formulier moet samen met de paper worden ingeleverd. Met dit ingevulde formulier
heeft de docent alle informatie die nodig is om de opdracht te beoordelen en de beoordeling
te verwerken. Zonder deze gegevens kan de docent de paper niet beoordelen.
Dit formulier is een toevoeging aan de opdracht maar telt niet mee als pagina in de
opdracht.
Studentnummer: 972709040
Naam: A.W.F. Romp
Naam opleiding: Toegepaste psychologie
Opleidingscode: 7906
Modulenummer: 1852
Modulenaam: Portfolio opdracht 1.3 Onderzoek naar
het zelfbeeld
Versie (indien meerdere versies aanwezig): 1
Herkansing?: ja/nee nee
Titel literatuur: Onderzoek en rapportage
Sociale psychologie
Jansen en Vonk (2005).
Contingente zelfwaardering:
betrouwbaarheid en validiteit
van de Nederlandse globale en
domein-specifieke
contingentieschaal
Druk: 1
In de opdracht is de juiste bronvermelding* Ja
toegepast:
In de opdracht zijn de verslagtechnieken Ja
toegepast:
2
, Samenvatting
Dit portfolio geeft duidelijkheid op basis van een onderzoek naar zelfbeeld door middel van 2
schalen. De globale zelfwaardering meet de kennis die hij/zij over zichzelf heeft en de globale
contingente zelfwaardering meet zijn/haar zelfwaarde wat afhangt van bepaalde factoren zoals
uiterlijk, prestaties, of goedkeuring van anderen (Crocker & Wolfe, 2001; Jansen & Vonk,
2005)
Er zijn bij 5 individuen de vragenlijsten afgenomen. De individuen betreft 5 kinderen / jong
volwassenen van 14 tot 18 jaar. Ik heb gekozen voor jeugdigen omdat mijn specialisatie kind
en jeugd is. Ik werk met jeugdigen en in de (nabije) toekomst wil ik, na het behalen van mijn
diploma TP mijn eigen praktijk gaan openen, om kinderen met een verminderde globale en
globale contingente zelfwaardering te ondersteunen om ze meer zelfvertrouwen te geven.
Zelf heb ik beide vragenlijsten ingevuld en deze vergeleken met de uitkomsten van de
proefpersonen. Het was een uitdaging om zelf weer even mijn puberteit te herleven om zo tot
een eerlijke conclusie te komen.
Uit mijn literatuuronderzoek blijkt dat zelfwaardering een indicator kan zijn voor stoornissen
maar ook over hoe wij als individuen interacties aangaan met mensen in onze sociale
omgeving (Ziegler-Hill, 2011)
3