Volgens Frank Oomkes:
- Nu spreek je meer mensen in 1 jaar tijd dan je voorouders
Toch ben je niet beter voorbereid op gesprekken:
Je hebt wel leren lezen, schrijven en rekenen doordat
men fouten corrigeerde -> kreeg je deze vaardigheden
onder de knie
Je leerde wel woorden uit te spreken maar NIET hoe een
gesprek te voeren
Meeste mensen blijven de fouten die ze als kind
maakten hun hele leven lang herhalen
- Ieder aspect van gedrag = communicatie je kan niet niet
communiceren
- Definitie Guido Fauconnier
Communicatie = complex proces waarin verschillende
aspecten en niveaus te onderscheiden zijn
VB: je krijgt een tekening maar vindt hem niet mooi je
zegt dit, legt uit waarom op een gepaste manier. Wat
je wel mooi vindt is dat de tekening voor jou gemaakt is
=> de manier waarop je dingen zegt
Niet reageren op een probleem op basis van niks maar kom
met oplossing
Obstakels voor effectieve communicatie kunnen er op allerlei
niveaus zijn
Geen echte finale definitie voor communicatie
Interpersoonlijke communicatie = minimaal 2 personen die
onderling informatie uitwisselen
Proces waarbij zender door een kanaal of medium een
boodschap ter beschikking stelt van een ontvanger met
, intentie deze door de ontvanger te laten verwerken tot
informatie met bedoelde betekenis
- Zender zet idee om in boodschap => moet idee coderen in
tekens/symbolen stuurt boodschap door via kanaal
(belangrijkst) naar ontvanger ontvanger decodeert boodschap
Communicatie = geslaagd als bedoelde effect wordt
verkregen
- Model geeft aan welke componenten binnen proces een rol
spelen en hoe ze gerelateerd zijn
Nadeel = lineaire benadering van communicatie
Boodschap kan verkeerd aankomen
VB: je zegt tegen groep meisjes ‘kom we gaan douchen’
een meisje ontploft -> was in het verleden seksueel
misbruikt
- Vertalen en terugvertalen hoe boodschap overbrengen?
- Communicatie = nooit rechtstreeks steeds omzetten van
gedachten en gevoelens in woorden, lichaamstaal of beelden bij
zender en omgekeerd proces bij ontvanger
Encoderen en decoderen:
Coderen (zender) = omzetten gedachten + gevoelens in
woorden, lichaamstaal of beelden in waarneembare tekens
Decoderen (ontvanger) = omgekeerd proces krijgt aantal
tekens/symbolen binnen en moet daar betekenis aan geven
Ingewikkelde processen codes die we in communicatie
gebruiken zijn vaak minder eenduidig dan we vaak aannemen
Woorden lijken vaste betekenis te hebben maar naast
zogenaamde segmatische betekenis (gevoelswaarde)
die vaak sterk afhankelijk is van eigen ervaring
Gebaren zijn moeilijk te interpreteren
Codes kunnen beschadigd worden tijdens het zenden
- 4 leermomenten:
- Als zender:
1) Hoe zet ik via tekens iets van binnen om in iets van buiten?
2) Hoe maak ik iets tot effectieve boodschap (hoe breng ik dat
over naar een ander)?
- Als ontvanger:
3) Hoe kan ik tekens halen uit de communicatie van de anderen?
4) Hoe vertaal ik die tekens in de boodschap?
- Proces:
Idee, emotie gedachte zender (hoe vertaal ik wat er in mij zit?)
Vertaling encoderen overdracht (welk kanaal gebruik je?)
, Vertaling decoderen (leer ik signalen herkennen?), weten als
professional wat signalen betekenen idee emotie, gedachte
ontvanger
- Grootste moeilijkheid = betekenissen zitten niet volledig in
woorden maar in mensen
Afstemmen op ontvanger geeft doorslag voor geslaagde
communicatie
Kies woorden die ontvanger begrijpt
Communicatie wordt niet afgerekend op bedoeling maar op
effectiviteit
- Ruis:
- Iedere storing tussen verzenden en ontvangen boodschap
- 4 vormen van ruis:
1) Fysieke ruis = externe ruis signalen van buitenaf die spreken,
luisteren, kijken of voelen bemoeilijken => duidelijk herkenbaar
vb. je ziet iemand ogen niet door een zonnebril
2) Fysiologische ruis = interne ruis lichamelijk barrières bij zender
of ontvanger vb. oren en ogen doen niet wat ze moeten doen in
het lichaam
3) Psychologische ruis = interne ruis subjectieve ingesteldheid
van ontvanger => hoe je denkt kan de boodschap beschadigen
4) Semantische ruis = ontstaat primair in verband met taal
betrokkenen gebruiken verschillende codes zoals taal, dialect =>
manier waarop je iets in taal vertaald zowel intern als extern
- Men probeert bron van ruis uit te schakelen vb. je sluit het
raam tegen verkeerslawaai
- Boodschappen die ons via meerdere kanalen bereiken = beter
bestand tegen ruis je kan andere mensen beter verstaan als
we hun lippen zien
- Binnenkant en buitenkant:
- Communicatie = gegevens innerlijk naar buiten brengen
Zender binnenkant naar buiten brengen anders kan
ontvanger niks ontvangen => kan niet in onze binnenkant
zien en zijn we ons hier niet bewust van voor
communicatie is het belangrijk hiervan bewust te zijn
Ontvanger ziet alleen buitenkant van zender en moet dit
vertalen en interpreteren
, Binnenkant telt maar voor zover je hem naar buiten
brengt
- Bedoeling = zender en ontvanger brengen binnen- en buitenkant
in overeenstemming (congruentie) anders gaan ze boodschap
nooit goed kunnen overbrengen belangrijk om na te vragen bij
zender of je zijn boodschap wel goed begrepen hebt (feedback)
- Binnen de zorg/dienstverlening heb je 2 soorten gesprekken:
1) Vrijblijvende gesprekken doel = elkaar leren kennen, in relatie
gaan
2) Hulpverleningsgesprekken doel = bepaal doel indienen =>
slechtnieuwsgesprek, coachgesprek
- Meestal communicatie zonder doel
Communicatie kan effectiever => zonder doel kan
communicatie alle kanten opvliegen
Storend bij bespreken van inhoudelijk punt of bij bereiken
van een resultaat
- Je wil iets bereiken met gesprekken contact maken, aandacht
geven, betrokkenheid tonen onbewust => MAAR doel bereikt
= professioneel
- Binnen werkveld = belangrijk dat je van tevoren afvraagt met
welk doel je gesprek voert
- Doelgericht werken binnen hulpverlening essentieel om cliënt
te ondersteunen bij behalen persoonlijke doelstellingen en
verbeteren welzijn
Belangrijk om deze doelen bij begin van
hulpverleningsgesprek met cliënt te stellen => deze zijn
specifiek, meetbaar, haalbaar, relevant en tijdsgebonden
Gezamenlijk begrip en commitment tussen hulpverlener en
cliënt
Doelen = gewenste uitkomsten die je wil bereiken
- Doelen dienen als leidraad om voortgang te monitoren en
evalueren
- Nu spreek je meer mensen in 1 jaar tijd dan je voorouders
Toch ben je niet beter voorbereid op gesprekken:
Je hebt wel leren lezen, schrijven en rekenen doordat
men fouten corrigeerde -> kreeg je deze vaardigheden
onder de knie
Je leerde wel woorden uit te spreken maar NIET hoe een
gesprek te voeren
Meeste mensen blijven de fouten die ze als kind
maakten hun hele leven lang herhalen
- Ieder aspect van gedrag = communicatie je kan niet niet
communiceren
- Definitie Guido Fauconnier
Communicatie = complex proces waarin verschillende
aspecten en niveaus te onderscheiden zijn
VB: je krijgt een tekening maar vindt hem niet mooi je
zegt dit, legt uit waarom op een gepaste manier. Wat
je wel mooi vindt is dat de tekening voor jou gemaakt is
=> de manier waarop je dingen zegt
Niet reageren op een probleem op basis van niks maar kom
met oplossing
Obstakels voor effectieve communicatie kunnen er op allerlei
niveaus zijn
Geen echte finale definitie voor communicatie
Interpersoonlijke communicatie = minimaal 2 personen die
onderling informatie uitwisselen
Proces waarbij zender door een kanaal of medium een
boodschap ter beschikking stelt van een ontvanger met
, intentie deze door de ontvanger te laten verwerken tot
informatie met bedoelde betekenis
- Zender zet idee om in boodschap => moet idee coderen in
tekens/symbolen stuurt boodschap door via kanaal
(belangrijkst) naar ontvanger ontvanger decodeert boodschap
Communicatie = geslaagd als bedoelde effect wordt
verkregen
- Model geeft aan welke componenten binnen proces een rol
spelen en hoe ze gerelateerd zijn
Nadeel = lineaire benadering van communicatie
Boodschap kan verkeerd aankomen
VB: je zegt tegen groep meisjes ‘kom we gaan douchen’
een meisje ontploft -> was in het verleden seksueel
misbruikt
- Vertalen en terugvertalen hoe boodschap overbrengen?
- Communicatie = nooit rechtstreeks steeds omzetten van
gedachten en gevoelens in woorden, lichaamstaal of beelden bij
zender en omgekeerd proces bij ontvanger
Encoderen en decoderen:
Coderen (zender) = omzetten gedachten + gevoelens in
woorden, lichaamstaal of beelden in waarneembare tekens
Decoderen (ontvanger) = omgekeerd proces krijgt aantal
tekens/symbolen binnen en moet daar betekenis aan geven
Ingewikkelde processen codes die we in communicatie
gebruiken zijn vaak minder eenduidig dan we vaak aannemen
Woorden lijken vaste betekenis te hebben maar naast
zogenaamde segmatische betekenis (gevoelswaarde)
die vaak sterk afhankelijk is van eigen ervaring
Gebaren zijn moeilijk te interpreteren
Codes kunnen beschadigd worden tijdens het zenden
- 4 leermomenten:
- Als zender:
1) Hoe zet ik via tekens iets van binnen om in iets van buiten?
2) Hoe maak ik iets tot effectieve boodschap (hoe breng ik dat
over naar een ander)?
- Als ontvanger:
3) Hoe kan ik tekens halen uit de communicatie van de anderen?
4) Hoe vertaal ik die tekens in de boodschap?
- Proces:
Idee, emotie gedachte zender (hoe vertaal ik wat er in mij zit?)
Vertaling encoderen overdracht (welk kanaal gebruik je?)
, Vertaling decoderen (leer ik signalen herkennen?), weten als
professional wat signalen betekenen idee emotie, gedachte
ontvanger
- Grootste moeilijkheid = betekenissen zitten niet volledig in
woorden maar in mensen
Afstemmen op ontvanger geeft doorslag voor geslaagde
communicatie
Kies woorden die ontvanger begrijpt
Communicatie wordt niet afgerekend op bedoeling maar op
effectiviteit
- Ruis:
- Iedere storing tussen verzenden en ontvangen boodschap
- 4 vormen van ruis:
1) Fysieke ruis = externe ruis signalen van buitenaf die spreken,
luisteren, kijken of voelen bemoeilijken => duidelijk herkenbaar
vb. je ziet iemand ogen niet door een zonnebril
2) Fysiologische ruis = interne ruis lichamelijk barrières bij zender
of ontvanger vb. oren en ogen doen niet wat ze moeten doen in
het lichaam
3) Psychologische ruis = interne ruis subjectieve ingesteldheid
van ontvanger => hoe je denkt kan de boodschap beschadigen
4) Semantische ruis = ontstaat primair in verband met taal
betrokkenen gebruiken verschillende codes zoals taal, dialect =>
manier waarop je iets in taal vertaald zowel intern als extern
- Men probeert bron van ruis uit te schakelen vb. je sluit het
raam tegen verkeerslawaai
- Boodschappen die ons via meerdere kanalen bereiken = beter
bestand tegen ruis je kan andere mensen beter verstaan als
we hun lippen zien
- Binnenkant en buitenkant:
- Communicatie = gegevens innerlijk naar buiten brengen
Zender binnenkant naar buiten brengen anders kan
ontvanger niks ontvangen => kan niet in onze binnenkant
zien en zijn we ons hier niet bewust van voor
communicatie is het belangrijk hiervan bewust te zijn
Ontvanger ziet alleen buitenkant van zender en moet dit
vertalen en interpreteren
, Binnenkant telt maar voor zover je hem naar buiten
brengt
- Bedoeling = zender en ontvanger brengen binnen- en buitenkant
in overeenstemming (congruentie) anders gaan ze boodschap
nooit goed kunnen overbrengen belangrijk om na te vragen bij
zender of je zijn boodschap wel goed begrepen hebt (feedback)
- Binnen de zorg/dienstverlening heb je 2 soorten gesprekken:
1) Vrijblijvende gesprekken doel = elkaar leren kennen, in relatie
gaan
2) Hulpverleningsgesprekken doel = bepaal doel indienen =>
slechtnieuwsgesprek, coachgesprek
- Meestal communicatie zonder doel
Communicatie kan effectiever => zonder doel kan
communicatie alle kanten opvliegen
Storend bij bespreken van inhoudelijk punt of bij bereiken
van een resultaat
- Je wil iets bereiken met gesprekken contact maken, aandacht
geven, betrokkenheid tonen onbewust => MAAR doel bereikt
= professioneel
- Binnen werkveld = belangrijk dat je van tevoren afvraagt met
welk doel je gesprek voert
- Doelgericht werken binnen hulpverlening essentieel om cliënt
te ondersteunen bij behalen persoonlijke doelstellingen en
verbeteren welzijn
Belangrijk om deze doelen bij begin van
hulpverleningsgesprek met cliënt te stellen => deze zijn
specifiek, meetbaar, haalbaar, relevant en tijdsgebonden
Gezamenlijk begrip en commitment tussen hulpverlener en
cliënt
Doelen = gewenste uitkomsten die je wil bereiken
- Doelen dienen als leidraad om voortgang te monitoren en
evalueren