Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 7 pages
Exam (elaborations)

Oefenexamen Bank en Financiewezen | KU Leuven | 2026/2027

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 7 pages

Dit examen voor de cursus Bank en Financiewezen aan KU Leuven bevat meerkeuzevragen en open vragen op hetzelfde moeilijkheidsniveau als het echte examen. De vragen behandelen kernthema's zoals het Gordon Growth Model, zero-coupon obligaties, couponobligaties, interest rate swaps, hedgingstrategieën, en bankbalansen met risicogewogen activa. Ideaal voor examenvoorbereiding: je kunt jezelf testen met realistische vragen en je begrip van financiële instrumenten en hedgingtechnieken verifiëren.

Content preview

Examen Bank- en Financiewezen 2026
Nieuw oefenexamen — zelfde moeilijkheidsgraad

Belangrijke Richtlijnen
Vul in onderstaande tabel al uw antwoorden op de meerkeuzevragen in: A, B, C of D (in
DRUKLETTERS). Alleen de antwoorden in deze tabel worden verbeterd. Indien een antwoord niet
leesbaar is, wordt het als fout beschouwd!
Er is telkens één correct antwoord mogelijk. Een negatieve eindscore is niet mogelijk. Juist
antwoord +1, Fout antwoord -1/3, Blanco antwoord 0.


Vraag 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13

Antwoord



Deel 1: Meerkeuzevragen
Vraag 1
Welke uitspraak is correct?
A. Bij het Gordon Growth Model worden dividenden verdisconteerd aan het vereiste
rendement minus de constante groeivoet.
B. Een zero-coupon obligatie heeft altijd een koers gelijk aan haar nominale waarde, ongeacht
de marktrente.
C. Banken streven een zo laag mogelijke leverage ratio na om hun rendabiliteit te
maximaliseren.
D. Een kasbon en een staatsbons hebben altijd dezelfde fiscale behandeling in België.

Vraag 2
Matteo werkt als treasury manager bij een productiebedrijf. Het bedrijf beschikt over € 20.000
tijdelijk overtollige liquiditeiten. Matteo overweegt te beleggen in een zero-coupon discount
obligatie. De huidige marktrente bedraagt 5% voor alle looptijden.
Omdat hij geen kapitaalverlies wil riskeren bij een mogelijke rentestijging naar 7% na 1 jaar, kiest
hij voor een zero-coupon discount obligatie met de kortste gehele looptijd waarbij de marktwaarde
op t = 1 minstens € 20.000 blijft in het worst-case scenario.
Na 1 jaar daalt de rente echter naar 2,5% (best-case scenario). Hoeveel is de zero-coupon
obligatie dan waard op t = 1, op basis van de gekozen looptijd?
A. € 20.500,00
B. € 22.376,08
C. € 23.814,97
D. € 24.600,61

Vraag 3
Sofie heeft de informatiefiche van een couponobligatie opgevraagd. Ze leest het volgende:
- Looptijd: 4 jaar
- Nominale waarde: € 3.000
- Terugbetaald aan 95%
- Marktrente (alle looptijden): 3,5%

, - Netto rendement voor een Belgische belegger: 2,45%
- Roerende voorheffing: 30%
De informatie over de couponrente is onleesbaar door een vlek. Hoeveel bedraagt de bruto
couponrente?
A. 2,58%
B. 3,12%
C. 3,50%
D. 3,74%

Vraag 4
Een belegger die zijn portefeuille wil indekken tegen een stijging van de langetermijnrente, maakt
het best gebruik van...
A. Een interest rate swap waarbij hij vaste rente ontvangt en variabele rente betaalt.
B. Een interest rate swap waarbij hij variabele rente ontvangt en vaste rente betaalt.
C. Het kopen van een call optie op obligaties.
D. Het kopen van een put optie op aandelen.

Vraag 5
Onderneming AgroFresh verkoopt graan. Over 6 maanden zal de oogst van 50.000 kg klaar zijn.
Omdat de prijs onzeker is, overweegt AgroFresh een van de volgende contracten:
- 1. Een termijnverkoop aan € 0,30 per kg, looptijd 6 maanden.
- 2. Een put optie kopen met uitoefenprijs € 0,30 per kg, totale premie € 2.000.
- 3. Een put optie kopen met uitoefenprijs € 0,26 per kg, totale premie € 1.000.
Welke van onderstaande uitspraken is NIET correct, wanneer de verkoop van het graan wordt
gecombineerd met één van de hedgingstrategieën?
A. Bij een contantprijs van € 0,26/kg na 6 maanden leveren beide put opties hetzelfde
nettoresultaat op.
B. Contract 1 is altijd beter dan contract 3 als de contantprijs lager is dan € 0,26/kg.
C. Contract 2 is beter dan contract 1 indien de contantprijs na 6 maanden meer dan € 0,34/kg
bedraagt.
D. Bij een contantprijs van € 0,32/kg is het resultaat van contract 1 en contract 2 identiek.

Vraag 6
Nathalie en Sven sloten op 01/01/2016 een hypothecaire lening af van € 250.000 met een looptijd
van 25 jaar, terugbetaalbaar via constante maandelijkse annuïteiten. De initiële variabele rentevoet
bedroeg 3,80% bij een referte-index van 3,50%, driejaarlijks herzienbaar. De cap is 5,80% en de
floor is 1,00%. De minimale afwijking voor aanpassing is 0,50%.
Op 01/01/2019 bedroeg de referte-index 4,10%. Op 01/01/2022 bedraagt de referte-index 2,20%.
Op 01/01/2025 bedraagt de referte-index 3,90%.
Hoeveel bedraagt de maandelijkse annuïteit vanaf 01/01/2025?
A. € 1.247,18
B. € 1.283,44
C. € 1.312,07
D. € 1.336,55

Vraag 7
Welke van onderstaande uitspraken is correct?

Document information

Study
Uploaded on
August 11, 2026
Number of pages
7
Written in
2025/2026
Type
Exam (elaborations)
Contains
Only questions
$17.81

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
2
Followers
0
Items
5
Last sold
2 weeks ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions