Vraag 1: Wat is een specifiek kenmerk van 'Functie 1: gemeenschapsgerichte
interventies' binnen de nieuwe conventie?
A) De sessies zijn uitsluitend individueel gericht
B) Er wordt gewerkt met een verplichte eigen bijdrage voor iedereen
C) De interventies vinden plaats op laagdrempelige vindplaatsen zoals scholen
D) Er is een formele psychiatrische diagnose vereist voor deelname
Vraag 2: Op welke wijze verschilt de financiering van Functie 2
(eerstelijnspsychologische ondersteuning) tussen kinderen en volwassenen?
A) Kinderen betalen een forfaitair bedrag, terwijl het voor volwassenen gratis is
B) Voor kinderen en jongeren is het aanbod kosteloos, terwijl volwassenen een bijdrage
betalen
C) Beide groepen betalen een gelijke bijdrage per sessie
D) De zorg voor volwassenen wordt volledig door de verzekering gedekt, voor jongeren
niet
Vraag 3: Wat is het maximale aantal sessies dat binnen 'Functie 3:
eerstelijnspsychologische behandeling' wordt toegestaan?
A) Gemiddeld vijf sessies
B) Maximaal tien sessies
C) Maximaal twintig sessies
D) Onbeperkt aantal sessies zolang de behandeling loopt
Vraag 4: Welke conceptuele onduidelijkheid signaleert het werkveld met
betrekking tot de term 'de lijn'?
A) De verwarring tussen de lijn als fysieke locatie versus de soort zorg die geboden
wordt
B) De onduidelijkheid over het verschil tussen klinisch psychologen en orthopedagogen
C) Het gebrek aan onderscheid tussen ambulante en residentiële zorginstellingen
D) De discussie of de nulde lijn wel tot de professionele zorg behoort
Vraag 5: Welke basishouding wordt van een eerstelijnspsycholoog verwacht in
vergelijking met klassieke therapeutische kaders?
A) Een afwachtende en uitsluitend luisterende houding
B) Een proactieve en sturende houding als gids
C) Een strikt neutrale positie zonder directe adviezen
D) Een louter observerende rol waarbij de patiënt alle sturing doet
Vraag 6: Hoeveel sessies beslaat een traject volgens het model van 'Focused
Acceptance and Commitment Therapy' (FACT) gemiddeld?
A) Eén tot twee sessies
B) Vier tot zes sessies
C) Twaalf tot vijftien sessies
D) Exact tien wekelijkse sessies
2
, Vraag 7: Wat houdt de techniek 'frame and reframe' in binnen de context van
FACT?
A) Het belichten van een situatie vanuit een ander perspectief, zoals stress zien als
teken van belang
B) Het fysiek verplaatsen van de cliënt naar een nieuwe omgeving
C) Het negeren van negatieve emoties door ze te vervangen door positieve affirmaties
D) Het systematisch vastleggen van dagelijkse gebeurtenissen in een dagboek
Vraag 8: Wat is de standaardduur van een traject binnen Dynamische
Interpersoonlijke Therapie (DIT)?
A) Acht sessies
B) Zestien wekelijkse sessies
C) Vierentwintig sessies verspreid over een jaar
D) De duur is onbeperkt tot de klachten verdwenen zijn
Vraag 9: Wat wordt geanalyseerd middels de 'Interpersoonlijke Affectieve Focus'
(IPAF) in DIT?
A) De fysieke reacties op stressvolle situaties
B) Stereotiepe representaties van de cliënt en de ander, inclusief afweermechanismen
C) De cognitieve schema's die leiden tot irrationele gedachten
D) Het vermogen om concrete dagplanningen uit te voeren
Vraag 10: Hoe wordt een score hoger dan nul gebruikt bij de 'schaalvragen' in
oplossingsgerichte therapie?
A) Om aan te tonen dat de cliënt overdrijft over de ernst van de klacht
B) Om de cliënt te confronteren met een gebrek aan vooruitgang
C) Om te onderzoeken welke gezonde vaardigheden en uitzonderingen al aanwezig zijn
D) Om te bepalen of een cliënt medicatie nodig heeft
Vraag 11: Wat typeert de therapeutische relatie van een 'bezoeker' in de
oplossingsgerichte benadering?
A) De cliënt ziet zelf geen probleem of legt de oorzaak volledig bij anderen
B) De cliënt herkent het probleem en wil direct aan de slag met een actieplan
C) De cliënt erkent het probleem maar ziet zijn eigen rol in de oplossing nog niet
D) De cliënt is doorverwezen door een specialist en heeft een duidelijke hulpvraag
Vraag 12: Wanneer spreekt men in de oplossingsgerichte therapie van een
'klager'?
A) Wanneer de cliënt weigert om naar de sessies te komen
B) Wanneer de cliënt actief meewerkt aan het formuleren van huiswerkopdrachten
C) Wanneer de cliënt enkel spreekt over lichamelijke klachten
D) Wanneer de cliënt het probleem erkent, maar de eigen invloed op de oplossing nog
niet inziet
Vraag 13: Hoe is de methodiek van Attachment Based Family Therapy (ABFT)
gestructureerd?
A) Via ongestructureerde gesprekken die de vrije associatie volgen
3