Antwoorden Forensisch Onderzoek 4Havo 1718 Cijfer = score / 64 *9 +1
1. Forensisch Onderzoek van A t/m Z 25 pnt 1f = - 1 pnt
A. Uniek, verandert niet in de loop der O. Methanol vormt waterstofbruggen en
jaren ether niet
B. Papillairlijnen P. Atoom
C. Zouten en vetten Q. NA+ - en Cl- ionen
D. Empirsch R. Hydratatie
E. Delta S. Loopvloeistof
F. Tipica T. adsorptie en oplosbaarheid
G. Dactyloscopische punten U. Endotherm proces
H. pH, geleidbaarheid, V. 4 van de mogelijkheden: speeksel,
water adsorberend, haren, bloed, sperma, huidschilfers,
I. Verzilting uitwerpselen en vingerafdrukken,
J. OH- en H+ ionen uiterlijke kenmerken
K. Anaerobe bacteriën W. Primer
L. Juist X. Hypervariabel gebied of Short Tadem
M. Adsorptie Repeats
N. Kookpunt, smeltpunt, oplosbaarheid Y. Autosomen
Z. Wet van Hardy Weinberg
Vingerafdrukken:
2. 4 punten. Per goed antwoord 1 punt.
tijdens het vastpakken van een voorwerp wordt er een laagje huidvet op het
voorwerp achtergelaten
er ontstaat een vingerafdruk doordat de papillairlijnen een zachte ondergrond
indrukken zoals in zachte klei
bij een stoffige of vuile ondergrond wordt een deel van het stof of vuil, als
vingerafdruk, weggenomen
een metalen ondergrond kan geëtst worden door zuren aanwezig in het huidvet
een vuile of met bloed besmeurde vinger kan een afdruk achterlaten op een voorwerp
de in het huidvet aanwezige aminozuren kunnen in een ondergrond zoals papier
trekken
3. 4 punten. 2 punten voor de hoofdpatronen en 2 punten voor de tipica.
De hoofdpatronen: B: kern en D: delta en
de typica: A: bifurcatie, C: beginnende of eindigende papillairlijn, E: oog
Vingerprint nemen:
geschikt fijn poeder op kwastje doen
met kwastje met poeder voorzichtig over vingerspoor strijken, tot het vingerspoor
zichtbaar wordt
resultaat fotograferen, met loep bekijken of met cellotape afnemen.
4. 3 punten: per goede stap 1 punt
geschikt fijn poeder op kwastje doen
met kwastje met poeder voorzichtig over vingerspoor strijken, tot het vingerspoor
zichtbaar wordt
resultaat fotograferen, met loep bekijken of met cellotape afnemen.
Bodemonderzoek:
5. 2punten. Per goed antwoord 1 punt
De eenheid van soortelijke geleidbaarheid is S(iemens)/m. (s/m)
1 S/m is de soortelijke geleidbaarheid van een stof als deze zich bevindt tussen twee
elektroden met elk een oppervlak van 1 m2 en een onderlinge afstand van 1 m is: 1
S/m = (1 S). (1 m)/ 1 m2).
Voetsporen van de dader:
HAVO 4 schooljaar 1819 -1- Lees verder
1. Forensisch Onderzoek van A t/m Z 25 pnt 1f = - 1 pnt
A. Uniek, verandert niet in de loop der O. Methanol vormt waterstofbruggen en
jaren ether niet
B. Papillairlijnen P. Atoom
C. Zouten en vetten Q. NA+ - en Cl- ionen
D. Empirsch R. Hydratatie
E. Delta S. Loopvloeistof
F. Tipica T. adsorptie en oplosbaarheid
G. Dactyloscopische punten U. Endotherm proces
H. pH, geleidbaarheid, V. 4 van de mogelijkheden: speeksel,
water adsorberend, haren, bloed, sperma, huidschilfers,
I. Verzilting uitwerpselen en vingerafdrukken,
J. OH- en H+ ionen uiterlijke kenmerken
K. Anaerobe bacteriën W. Primer
L. Juist X. Hypervariabel gebied of Short Tadem
M. Adsorptie Repeats
N. Kookpunt, smeltpunt, oplosbaarheid Y. Autosomen
Z. Wet van Hardy Weinberg
Vingerafdrukken:
2. 4 punten. Per goed antwoord 1 punt.
tijdens het vastpakken van een voorwerp wordt er een laagje huidvet op het
voorwerp achtergelaten
er ontstaat een vingerafdruk doordat de papillairlijnen een zachte ondergrond
indrukken zoals in zachte klei
bij een stoffige of vuile ondergrond wordt een deel van het stof of vuil, als
vingerafdruk, weggenomen
een metalen ondergrond kan geëtst worden door zuren aanwezig in het huidvet
een vuile of met bloed besmeurde vinger kan een afdruk achterlaten op een voorwerp
de in het huidvet aanwezige aminozuren kunnen in een ondergrond zoals papier
trekken
3. 4 punten. 2 punten voor de hoofdpatronen en 2 punten voor de tipica.
De hoofdpatronen: B: kern en D: delta en
de typica: A: bifurcatie, C: beginnende of eindigende papillairlijn, E: oog
Vingerprint nemen:
geschikt fijn poeder op kwastje doen
met kwastje met poeder voorzichtig over vingerspoor strijken, tot het vingerspoor
zichtbaar wordt
resultaat fotograferen, met loep bekijken of met cellotape afnemen.
4. 3 punten: per goede stap 1 punt
geschikt fijn poeder op kwastje doen
met kwastje met poeder voorzichtig over vingerspoor strijken, tot het vingerspoor
zichtbaar wordt
resultaat fotograferen, met loep bekijken of met cellotape afnemen.
Bodemonderzoek:
5. 2punten. Per goed antwoord 1 punt
De eenheid van soortelijke geleidbaarheid is S(iemens)/m. (s/m)
1 S/m is de soortelijke geleidbaarheid van een stof als deze zich bevindt tussen twee
elektroden met elk een oppervlak van 1 m2 en een onderlinge afstand van 1 m is: 1
S/m = (1 S). (1 m)/ 1 m2).
Voetsporen van de dader:
HAVO 4 schooljaar 1819 -1- Lees verder