Feitenkennis
● De verschillende factoren die een invloed hebben op de verwering:
Verwering is de afbraak van gesteenten aan of nabij het aardoppervlak. De snelheid
en het type worden beïnvloed door:
○ Klimaat: Temperatuur en neerslag zijn de belangrijkste controles.
■ Temperatuur: Elke 10°C stijging verdubbelt ongeveer de chemische
verweringssnelheid.
■ Neerslag: Water is essentieel voor chemische reacties en uitloging.
○ Samenstelling van het gesteente:
■ Type mineralen: Mineralen gevormd bij hoge temperatuur/druk (zoals
olivijn) zijn het minst stabiel aan het oppervlak.
■ Aanwezigheid van reactieve mineralen: Pyriet (FeS₂) en calciet
(CaCO₃) verweren snel.
■ Oppervlakte: Fysische verwering (fragmentatie) vergroot het
reactieoppervlak en versnelt de chemische verwering.
■ Topografie: Op steile hellingen is bodemerosie vaak sneller dan
bodemvorming.
■ Vegetatie en organismen:
● Plantenwortels veroorzaken fysische verwering.
● Afbraak van organisch materiaal verhoogt de CO₂-concentratie
in de bodem, wat leidt tot de vorming van koolzuur (H₂CO₃) en
een lagere pH, wat chemische verwering versnelt.
● Gravende organismen mengen de bodem.
● De verweringsreacties die expliciet aan bod zijn gekomen. In eerste instantie
weten welke mineralen onder welke condities verweren tot welke
reactieproducten:
Zie klein blaadje!
● Opbouw van het bodemprofiel:
○ Een typisch bodemprofiel in een gematigd klimaat bestaat uit horizonten
(lagen):
○ O-horizont: Organisch materiaal (bladval, humus).
○ A-horizont: Mengsel van organisch materiaal en minerale deeltjes. Zone van
uitloging, waar ionen en fijne deeltjes worden weggespoeld.
○ E-horizont: Zone van intense uitloging (lichtgekleurd).
○ B-horizont: Zone van accumulatie, waar uitgeloogde materialen (klei,
ijzeroxiden, calciumcarbonaat) neerslaan en nieuwe mineralen vormen.
○ C-horizont: Gedeeltelijk verweerd moedergesteente.
○ R-horizont: Onverweerd massief gesteente.