Elektriciteit
Examenvragen en kernleerstof, geordend per hoofdstuk
Universiteit Gent
1ste bachelor Industrieel Ingenieur
Echte en gereconstrueerde examenvragen met correcte antwoorden
Examenvragen 2019 - 2026
Gebaseerd op 34.113 uitgelezen Discord-berichten + de gepinde examens en testen
Theorie-onderbouw: samenvatting, formularium en bewijzen
Examenfocus Elektriciteit -Industrieel Ingenieur 1B (UGent) · p.
,Hoe je dit document gebruikt
Dit is een examenvragen-document. De kern zijn de echte en gereconstrueerde examenvragen met correcte
antwoorden, geordend per hoofdstuk. De theorie is bewust beknopt (±20%): net genoeg om de vragen te begrijpen
en op te lossen. Alles wat je nodig hebt om te scoren op het theorie- én het oefeningen-examen van Elektriciteit
staat hierin.
Twee examens - heel verschillend van vorm
Elektriciteit wordt op twee momenten geëxamineerd. Ken het onderscheid, want de voorbereiding verschilt sterk.
THEORIE
1. Theorie-examen (voormiddag) - GESLOTEN BOEK
Geen formularium, geen rekenmachine, geen GSM, geen eigen kladpapier. Je antwoordt op de ontvangen
bundel. Bevat: enkele OPEN vraagjes (kleine reken-/redeneeroefeningen waarbij je theorie/formules moet
toepassen) + een reeks MEERKEUZEVRAGEN (±15, GEEN giscorrectie). Puntenverdeling (Luc, letterlijk): elke open
vraag staat op 10 punten, de meerkeuze samen ook op 10.
● Alle hoofdstukken (H1 t.e.m. H7) kunnen bevraagd worden op het theorie-examen.
2. Oefeningen-examen (namiddag = "test 2") - OPEN BOEK
Mét formularium én rekenmachine. Bevat grotere uitgewerkte oefeningen op H4-H7 (magnetostatica,
magnetische ketens, inductie, wisselstroom) plus de condensatoren van H1. H2-H3 (behalve condensatoren)
worden hier niet als oefening gevraagd, maar je hebt de technieken van H3 (netwerken oplossen,
Thévenin/Norton) wél nodig binnen H7.
TIP
Luc HERGEBRUIKT zijn meerkeuzevragen quasi letterlijk. Studenten melden jaar na jaar "6 van de 8" tot "17 van
de vragen kon ik overschrijven van de voorbeeldexamens". De MC-set in dit document (Deel A) is exact die
herbruikte set, mét de door de prof zelf omcirkelde/uitgewerkte antwoorden. Leer die grondig: dat zijn quasi-
gratis punten.
Sinds ± 3 jaar vraagt Luc GEEN grote theorie-afleidingen, bewijzen of pure definities meer op het theorie-
examen. De open vragen zijn kleine toepassingen. De grote open theorievragen uit 2019/2020 (DC-motor
uitleggen, formules afleiden) staan hier volledigheidshalve in, maar zijn nu minder waarschijnlijk.
Vaste terugkerende bouwstenen (meermaals bevestigd in de post-examen-discussies): minstens één vraag op de
knooppuntwet, één op Thévenin/Norton, vaak één op een spoel/inductie, en enkele eenheden-omzettingsvragen
(Coulomb = A·s, enz.). Wie de eenheden-omzettingen vlot kan, pakt die MC-punten blind.
Legende van de kaders
RODE kaders = VRAAG (examenvraag). GROENE kaders = ANTWOORD / modelantwoord. BLAUWE kaders = THEORIE.
GELE kaders = TIP. Rood-omrande VALKUIL-kaders = klassieke instinkers. OEFENVRAAG-boxen (achteraan elk
hoofdstuk) zijn zelfgemaakte extra oefenvragen ter aanvulling -duidelijk als zodanig gelabeld, ná alle echte vragen.
Examenfocus Elektriciteit -Industrieel Ingenieur 1B (UGent) · p.
,Examenfrequentie & prioriteiten per thema
Frequentie = hoe vaak het thema opdook in de uitgelezen examens, testen en de voorbeeld-MC-set (2019, 2020 en
de herbruikte set). Gebruik dit als studievolgorde.
Thema Examenfrequentie Prioriteit Waarover de vragen gaan
Zeq herrekenen,
effectiefwaarde+fasehoek van stroom,
Wisselstroom (H7): impedantie, ██████████
MUST KNOW reactief/actief vermogen, freq
fasoren, vermogen (P/Q/S) zeer vaak
halveren/verdubbelen,
spoel/condensator schrappen bij DC
knooppunt- & luswet,
Gelijkstroomkringen (H3): █████████░ lus-/knoopspanningsmethode,
MUST KNOW
Kirchhoff, Thévenin/Norton zeer vaak Thévenin E0 & Rth, Norton Ik,
Wheatstone-brug (tak met I=0)
Biot-Savart/Ampère op geleiders &
Magnetostatica (H4): B/H-velden, █████████░ solenoïde, Lorentz-/Laplacekracht
MUST KNOW
kracht, zelfinductie zeer vaak (rechterhand), zelfinductie
solenoïde/toroïde, eenheid van L
som van potentialen, E=0/V=0-
Elektrostatica (H1): potentiaal, ████████░░ configuraties, Gauss, condensatoren
MUST KNOW
veld, condensatoren vaak serie/parallel, energie, doorslag,
eenheid flux/capaciteit
reluctantie R=l/(µA), Fm=N·I,
Magnetische ketens (H5): ███████░░░ luchtspleten, grootste veldsterkte,
Hoge prio
reluctantie, wet van Hopkinson vaak eenheid
reluctantie/permeabiliteit/permeantie
inductie 1e/2e soort, e=-dΨ/dt, trafo
Elektromagn. inductie (H6): ██████░░░░
Hoge prio bij schakelen (b/t/e-stromen), RL- en
Faraday, overgangsverschijnselen vaak
RC-overgang, tijdsconstante
R=ρl/S, temperatuursafhankelijkheid,
Elektrische stroom & geleiding █████░░░░░
Middelgroot stroomdichtheid J,
(H2): weerstand, temp regelmatig
warmteontwikkeling, eenheden
eenheid van C, flux, L, reluctantie,
Eenheden-omzettingen (SI, over ██████░░░░
Hoge prio permeabiliteit, permeantie uitdrukken
alle hoofdstukken) vaak
in kg·m·A·s
TIP
De vier MUST-KNOW-thema's (H7, H3, H4, H1) leveren samen het grootste deel van de punten. Als je tijd tekort
komt: beheers eerst wisselstroom + Thévenin/Norton + de herbruikte MC-set.
Examenfocus Elektriciteit -Industrieel Ingenieur 1B (UGent) · p.
, Beknopte theorie per hoofdstuk
Alleen de kern die je nodig hebt om de examenvragen te begrijpen en op te lossen. Formules staan met eenheden;
ε₀ = 8,854·10⁻¹² F/m, µ₀ = 4π·10⁻⁷ H/m. Op het theorie-examen krijg je géén formularium -deze formules moet je dus
kunnen reproduceren of afleiden.
H1 -Elektrostatica
THEORIE
Kracht en veld
Wet van Coulomb: F = (1/4πε)·(Q₁Q₂/r²)·1ᵣ (N). Een lading Q wekt een veld E = (1/4πε)·(Q/r²)·1ᵣ (N/C = V/m).
Kracht op lading q: F = qE.
Elektrostatische potentiaal van een puntlading: V = Q/(4πεr) (V). De potentiaal in een punt is de SOM van de
bijdragen van alle ladingen (scalair optellen). Arbeid door het veld om q van A naar B te brengen: W = q·(V_A −
V_B). De arbeid die JIJ moet leveren is het tegengestelde.
Flux & Gauss
Elektrische flux door een gesloten oppervlak = de ingesloten lading: Φ = Q_ingesloten (eenheid van flux = C =
A·s). Stelling van Gauss levert E voor symmetrische ladingsverdelingen: geladen vlakke plaat E = σ/(2ε); geladen
boloppervlak (buiten) E = Q/(4πεr²), binnen = 0; rechtlijnige geleider E = λ/(2πεr).
In een geleider in evenwicht: E = 0 binnenin, alle lading zit op het oppervlak (kooi van Faraday = elektrostatische
afscherming).
Condensatoren
Vlakke condensator: C = εA/d (F). Cilindrische condensator: C = 2πεl / ln(b/a). Energie: W = ½CV² = ½QV =
Q²/(2C).
Serie: 1/C_eq = Σ 1/Cᵢ, alle condensatoren dragen DEZELFDE lading Q, de spanning verdeelt zich (grootste
spanning over de kleinste C → doorslaggevaar). Parallel: C_eq = Σ Cᵢ, alle dezelfde SPANNING.
Instinker: "condensatoren in serie → zelfde lading", "in parallel → zelfde spanning". Verwissel dit nooit.
H2 -Elektrische stroom en geleiding
THEORIE
Wet van Ohm: U = R·I. Wet van Pouillet: R = ρl/S = l/(γS), met ρ de soortelijke weerstand en γ = 1/ρ de soortelijke
geleidbaarheid (γ in 1/(Ω·m)).
Soortelijke weerstand is lineair temperatuursafhankelijk: ρ(T) = ρ₀·(1 + α·ΔT). Bij metalen α > 0 (weerstand stijgt
met T); bij sommige materialen α < 0.
Stroomdichtheid J = I/S (A/m²); voor een cirkelvormige geleider S = πr². Verband met veld: J = γE, dus E = J/γ
binnen de geleider. Verbruikt vermogen: P = U·I = R·I² = U²/R (W).
Bij vaste stroom door in serie geplaatste weerstanden: dunnere doorsnede → grotere R → grotere E en grootste
warmteontwikkeling.
H3 -Gelijkstroomkringen
THEORIE
Examenfocus Elektriciteit -Industrieel Ingenieur 1B (UGent) · p.