Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 125 pagina's
Samenvatting

(GESLAAGD met 17/20!!) Juridische argumentatieleer volledige samenvatting - Prof. Kristof van Assche | UA | 2025/26

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 125 pagina's

Mijn samenvatting is gebaseerd op de powerpoint + grotendeels aangevuld met lesnotities (alles wat de prof er nog aan heeft toegevoegd, zoals bv. voorbeelden, extra uitleg of terugkoppelingen naar eerdere hoofdstukken, staan er in!). Met deze samenvatting alleen kan je zeker slagen voor het examen.

Voorbeeld van de inhoud

Juridische argumentatieleer

Deel I. Redeneren

Hoofdstuk 1: Cognitieve achtergrond


1.1 Mens als dier met sterke cognitieve capaciteiten
 Cognitie: geheel van mentale processen waarmee je informatie
verwerkt
 Cognitieve capaciteiten < evolutionaire wortels
 Manier van denken
 We zijn rationele wezens MAAR we hebben ook een achtegrond
die veel verder terug gaat

 Drievuldig brein (triune brain)

 Oudste laag: reptielachtig brein
 Hersenstam en cerebellum
 Spieren, evenwicht, autonome functies
 Rigide, obsessief, compulsief gedrag
 Tweede laag: oude zoogdierenbrein
 Limbisch brein: amygdala, hippocampus, hypothalamus
 Emoties, motivatie, stressrespons, geur
 + Leren / geheugen via beloning (hippocampus)
  leren is gekoppeld aan emotie (zo leren dieren ook dingen)
 Derde laag: recente zoogdierenbrein
 Neocortex: cognitie
  3 lagen van ons brein die evolutionair tot stand zijn gekomen

 Gevolg van evolutionaire wortels van menselijk redeneren:
 Manipuleerbaarheid (‘nudging’)
 Ook ten goede  mensen de goede kant uitsturen
Voorbeeld: nutri-score op voedsel


1.2 Systeem 1- en Systeem 2-denken
 Wat bepaalt ons gedrag? Onderscheid tussen Systeem 1 en
Systeem 2-denken

Systeem 1 Systeem 2
snel, intuïtief denken traag, analytisch
Automatisch; vaak onbewust; Vereist inspanning en aandacht:
associatief; geleerde patronen ideeën ordenen, nadenken over
wat te doen


1

, Op basis van snelle indrukken  Rekenen, logisch redeneren,
gevaar voor bias! bewuste keuzes

Stuurt meeste van onze Overrulet soms Systeem 1
handelingen en gedrag
Vaardigheden uit reptielen en
limbisch brein


 systeem 1 is cruciaal in dagelijkse leven, we zijn continue bezig
met onmidellijke beslissingen te nemen
MAAR hier zitten veel foute beelden tussen!

 systeem 2: is wat ons echt onderscheid
Mogelijk om na te denken, lange termijnsdenken, bewuste keuzes
maken, impulscontrole, …

 Opgepast: Systeem 1 ≠ emotie; Systeem 2 ≠ rede
 emotie en rede in beide systemen
 Systeem 1: lezen en autorijden: patroonherkenning, taalintuïtie,
routinehandelingen, automatische vaardigheden
 Systeem 2: rationeel omgaan met frustratie: emotie beheersen,
impulscontrole, plannen
 verschil = snelheid en mate van controle en inspanning, niet
“gevoel vs verstand”

 Overgang van Systeem 2 naar Systeem 1
 Inslijting – rol van ervaring
 Keerzijde: curse of knowledge  als kennis vanzelfsprekend is
(geworden), is deze vaak ook moeilijker om over te dragen

 Cognitieve vaardigheden al 300.000 jaar ongewijzigd, maar
behoefte om complexe redeneertaken uit te voeren enorm
toegenomen

 Systeem 1-denken neiging om willekeurige informatie te
verweven tot één “coherent” verhaal

 Cf. complottheorieën; parallel met GenAI: hallucinaties

 Kritisch nadenken: Systeem 2 activeren

 JAL: training in herkennen en vermijden van redeneerfouten

1.3 Het brein als verbandenleggende machine
Reflexen werken op basis van patroonerkenning (vb. vuur associëren met
gevaar)
2

, Systeem 1: spontaan verbanden tussen allerlei soorten
informatie (concepten, gebeurtenissen, stellingen …)

 Voordelen van systeem 1

 Coherent kader: uit losse prikkels en feiten samenhangend,
betekenisvol verhaal

 Efficiëntie: werkt snel en met weinig mentale inspanning →
handig voor routinebeslissingen

 Detecteert sneller mogelijk gevaar en stuurt onmiddellijke
reactie aan

 intuïtie / buikgevoel gericht op veiligheid en dus op herkennen
dreiging

 vb. ”als we luide brul horen, kunnen we er misschien maar
beter van uitgaan dat het een leeuw is, ook al hebben we
technisch gezien onvoldoende informatie om dat met
zekerheid te kunnen concluderen”

 Automatisering van vaardigheden door oefening

 Nadelen van systeem 1

 Nadeel: verbanden zijn regelmatig niet correct. Onjuiste
verbanden en drang naar coherentie

 Vb. “Piet ging skiën. Hij brak een been.”

 Complottheorieën

 Conceptverruiming door verminderde blootstelling: hoe minder
ervaring je hebt met bepaald concept, hoe ruimer je dat concept
gaat definiëren

 Wanneer we minder geconfronteerd worden met een bepaald
concept dan gaan we dit breder inschatten dan dat het effectief is

§ Systeem 2: actieve controle van verbanden



 Systeem 1: Vier centrale verbanden: BELANGRIJK EXAMEN
1. Voorwaardelijke verbanden
2. Via-verbanden (‘metonymieën’)
3. Causale verbanden
4. Als-het-ware-verbanden (‘metaforen’)

1. Voorwaardelijke verbanden

3

,  eerste soort verbanden dat in systeem 1 vaak aan bod komen
 de ene propositie vormt een voorwaarde voor de andere
propositie

Bepaalde zin of uitspraak (‘propositie’) vormt voorwaarde voor andere
propositie

= “als …, dan …”

= als propositie 1 waar is, dan is propositie 2 ook waar

“Als het 16u is, dan begint de les”

2. Via-verbanden (‘metonymie’)

 een ding of entiteit gebruiken (vehikelentiteit) om mentale
toegang te krijgen tot andere entiteit (doelentiteit) die er in onze
ervaring nauw mee verbonden is

 verschil tussen wat er letterlijk gezegd en beweerd wordt

 1 concept wordt gebruikt om een ander concept voor de geest te
houden

 talrijke soorten:

 Deel/Geheel ”Er zijn te veel monden om te voeden”  personen

 Gevolg/Oorzaak “Hij zit vol rimpels”  hij is ouder geworden

 Producent/Product: “Ik lees graag Kafka”  boek van Kafka

 Instituut/Plaats … “Brussel heeft dat weer beslist”  Europese
Unie

Voorbeelden:

 Hij had al twee flessen op voor de middag (2 flessen alcohol)

 Het Witte Huis heeft laten weten dat er geen akkoord is (Technisch
gezien heeft het witte huis niets gezegd (want dit is gewoon een gebouw)  ze
bedoelen dus trump)

 De universiteit heeft het examenreglement aangepast
(examencommissied dus)

 De pers dook meteen op het schandaal (journalisten dus)

 Die Picasso hangt nu in een privécollectie. (schilderij v. picasso)



 Belangrijkste:

 Deel/geheel-metonymie: je legt verband tussen deel en geheel

4

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
31 juli 2026
Aantal pagina's
125
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
$9.49

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
2
Laatst verkocht
-


Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen