maandag 23 februari 2026 12:37
Nucleïnezuren
Inleiding
Centrale dogma van de cel: transcriptie van DNA naar RNA en dan translatie naar een eiwit
Base + cyclisch monosacharide + fosfaatgroep
VORM • Basen: N-bevattende aromatische structuren
○ 2 purines (zesring): adenine en guanine
○ 3 pyrimidines (koppeling zesring en vijfring): cytosine, thymine (DNA) en uracil (RNA)
• Suikerstructuren:
○ Desoxyribose of desoxyfuranose (DNA)
○ Ribose of ribofuranose (RNA)
Enkel de 2' verandert, want de OH-groep op 3' is essentieel voor koppelen basen
• Fosfaatgroep
Aromatisch= geen ruimte, volledig ingenomen door elektronen!
Base + ribose = nucleoside ( β-N glycosidische binding= binding base op suikergroep)
Elke base kan worden gebonden met desoxyribose en ribose
UITZONDERING: enkel desoxyribose met uracil en ribose met thymine
Nucleoside + fosfaatgroep (op 5') = nucleotide
= basisbestanddeel van DNA en RNA
Biomoleculen Pagina 1
, Deze structuren kunnen tekenen!
ENKEL base steeds anders
VERGEET NIET:
Nucleotide= base + fosfaat + suiker
Fosfodiesterbinding: polymeren van nucleotide door binding tussen:
• C3 van ribosering nucleotide X en fosfaatgroep op C5 van nucleotide X+1
• Dit is geen polypeptideketen, maar een polynucleotidebinding (van DNA)!
3' einde: 3'C waar een vrije OH op staat
+ 5' einde: 5'C waar een vrije fosfaat op staat
DNA
Secundaire structuur van DNA
Watson-Crick-model (KENNEN)
• 2 polynucleotideketens die rond een gemeenschappelijke as draaien tot dubbele helix
• 2 strengen lopen antiparallel (5' naar 3' en 3' naar 5') + vormen elk een rechtsdraaiende helix
• Basen zitten in de kern, suiker- en fosfaatgroepen in de periferie
+ oppervlak van de helix vertoont 2 groeven: een grote en een kleine
• Baseparing via waterstofbruggen
○ T=A
○ C = G (3 waterstofbruggen, hangen harder aan elkaar)
DAAROM de strengen complementair aan elkaar (voorspelbaarheid andere streng)
Eventueel nodig voor PCR (aantal waterstofbruggen voor aanhechtingstemperatuur)
Kleine en grote groeve: DNA- intercalerende producten
→ Producten die in de groeves gaan binden
→ Mutaties
DNA is zeer sterk negatief geladen: fosfaatgroepen hebben een negatieve lading
Glas is positief geladen, dus DNA plakt aan glas!
Andere helicale structuren
B-DNA volgt het Watson-Crick model (rechtsdraaiend)
<=> A-DNA: dehydraterende omstandigheden: rechtsdraaiende helix wordt rechter, breder en platter
+ groeves worden groter
+ waterstofbruggen naar de zijkant geduwd
+ grote holte in kern dubbele helix
MAAR water terug toevoegen, terug B-DNA
<=> Z-DNA: linksdraaiende helix en meer uitgerekt (groeves worden kleiner en dieper)
+ tijdelijke en dynamische structuren
+ regulatorische functie: vaak te vinden in actieve gengebieden, bij transcriptieplaatsen
Biomoleculen Pagina 2