verschillen
1: Verzamelen van gegevens
1.1: Soorten gegevens in de PID
Fundamenteel probleem in psychologie (PID)
In de psychologie willen we dingen bestuderen zoals: persoonlijkheid,
intelligentie, gedachten en gevoelens
Probleem: deze zijn niet direct zichtbaar of meetbaar.
Je kan ze niet zomaar “zien” zoals: lengte, haarkleur of gewicht
Ze zitten in het hoofd van mensen.
Waarom is dat een probleem?
Mensen verschillen op veel manieren:
Lichamelijk → lengte, gezondheid
Psychologisch → intelligentie, persoonlijkheid
Maar in de persoonlijkheids- en differentiële psychologie (PID) gaat het vooral
over persoonlijkheid, intelligentie en psychologische eigenschappen.
Die kan je niet rechtstreeks observeren.
Je kan bv. niet letterlijk zien of iemand intelligent is, of iemand liegt en wat
iemand voelt of denkt.
Voorbeeld: leugendetectie
Stel: je wil weten of iemand liegt.
Die persoon weet zelf de waarheid.
Maar wij kunnen niet in zijn hoofd kijken.
Er bestaan methoden zoals:
Leugendetector (polygraaf) → meet hartslag, stress, zweten → maar stress
≠ liegen (je kan ook stress hebben door angst of spanning)
Verhaal omgekeerd laten vertellen → verzonnen verhalen zijn moeilijker
consistent te houden
Toch bestaat er geen perfecte manier om liegen zeker te detecteren.
Dit toont hoe moeilijk het is om psychologische kenmerken te meten.
1
,Oplossing: indirect meten
Omdat we niet rechtstreeks in iemands hoofd kunnen kijken, gebruiken
psychologen methoden om informatie te verzamelen.
In de differentiële psychologie zijn er 4 soorten gegevens.
1.1.1: S-data → Zelfrapportering (wat iemand over zichzelf zegt)
De persoon vertelt zelf hoe hij is of zich voelt.
On- of semigestructureerde zelfrapportering (heel open)
De persoon mag vrij antwoorden.
Voorbeelden:
Interviews met open vragen
Autobiografie
“20 statements test” → 20 keer “Ik ben …” aanvullen
“Mijn leven als een dier”
Vaak gebruikt om iemands identiteit te begrijpen.
Cultureel verschil:
Westerse culturen → “ik ben extravert”
Oosterse culturen → “ik ben lid van mijn familie/groep”
Projectieve technieken
Men toont vage of onduidelijke stimuli en laat de
persoon interpreteren.
Idee: hoe je iets interpreteert zegt iets over jezelf.
Voorbeelden:
Inktvlekken interpreteren (Rorsach)
Verhalen verzinnen bij afbeeldingen
De persoon vertelt een verhaal → onderzoekers leiden daar
persoonlijkheid uit af.
Probleem:
Interpretatie is zeer subjectief
Moeilijk betrouwbaar te meten
Wetenschappelijke waarde en validiteit vaak in twijfel getrokken
Toch nog gebruikt in klinische praktijk (bv. bij patiënten die weinig
vertellen).
2
, Gestructureerde zelfrapportering (vragenlijsten)
Dit is de meest gebruikte methode.
Persoon krijgt vaste uitspraken
Moet aangeven hoe goed die bij hem passen
Meestal via een Likertschaal (bv. 1–7)
Voorbeeld: “Ik ben een gewetensvol persoon.”
Scores van meerdere vragen worden samengevoegd (rekening houden met
de inhoud)
Waarom meerdere vragen? → betrouwbaarder.
Verschillende soorten vragenlijsten
1: Klassieke persoonlijkheidsvragenlijst
Algemene uitspraken over jezelf.
Voorbeeld: “Ik betrap mezelf op dagdromen”
2: Gecontextualiseerde vragenlijst
Gedrag in specifieke situaties.
Voorbeeld: “Heb je angst in donker bos, tandarts, eerste date?”
3: Herhaalde metingen
Gevoelens of gedachten op verschillende momenten meten.
Voorbeelden:
Video van interactie opnemen, daarna bekijken en gevoelens opnieuw
beoordelen = video mediated-recall
Dagboekonderzoek
Experience Sampling Method (ESM)
Experience Sampling Method (ESM)
Smartphone stelt enkele keren per dag vragen: hoe voel je je nu? hoeveel
stress? met wie ben je?
Meet gedrag in dagelijks leven.
Voordeel:
Zeer realistisch beeld (“life as it is
lived”)
Vaak gebruikt in therapie (m-path)
3
, Voordelen en nadelen zelfrapportering
Voordelen
Jij bent de enige met directe toegang tot je gedachten en gevoelens.
Veel informatie snel verzamelen.
Psycholoog Emily Pronin beschreef dit als een fundamenteel verschil:
Over onszelf kennen we de binnenkant
Over anderen zien we enkel hun gedrag.
Nadelen van zelfrapportering
Afhankelijk van motivatie
Mensen vullen soms slordig in als ze geen goesting hebben.
Afhankelijk van zelfinzicht
Sommige mensen begrijpen hun eigen gevoelens slecht (bv. alexithymie).
Vertekening (bias)
Sociale wenselijkheid → jezelf beter voorstellen
Bewust of onbewust liegen
Geheugenfouten.
4