DEEL 1 Wat is dat, filosofie? (les 1)
1. Hoe is filosofie
Filosofie
Afgeleid uit de Griekse woorden Filein (begeren) van Sofia (wijsheid)
Filosofie als an-archie: zonder vaste vertrekpunten, dus ook geen strikte definitie
Denkkaders aanreiken om de meeste fundamentele vraagstrekken over mensen
wereld beter te begrijpen
Martin Heidegger: “De uitdrukkelijke als taak aanvaarde en zich vervolgens ontplooide
beantwoording die aan de toe-spraak van het Zijn en van het Zijnde bentwoordt, dat is
filosofie.”
- Zijn (Sein) verwijst voor Heidegger naar de grondslag of het geheel van wat mogelijk
maakt dat dingen kunnen zijn, dat wil zeggen dat ze kunnen verschijnen of bestaan in
welke vorm dan ook. Het Zijn is niet zomaar een ding of een object in de wereld,
maar eerder het raamwerk of de horizon waarbinnen alles kan bestaan en
verschijnen. Het is de basis van de werkelijkheid en stelt de wereld als zodanig
mogelijk.
- Zijnde (Seiende) daarentegen slaat op al het specifieke wat bestaat binnen dat kader
van het Zijn: een persoon, een object, een boom, een steen, enzovoort. Het Zijnde
verwijst naar dat wat binnenin de horizon van het Zijn zichtbaar of kenbaar is
Filosofie is ontstaan tijdens de tijd van de Grieken. Mensen wouden zaken op een rationele
manier verklaren. Bv: waarom komt de zon op? Waarom worden sommige mensen ziek?..
fundamentele vraagstukken beantwoorden.
Tijdens de tijd van de Oude Grieken ging het vooral over de vragen: Hoe zit de wereld in
elkaar en hoe zin ons lichaam in elkaar?
1.1 Toogfilosofie en andere misverstanden
Ethiek = Een discipline die richtlijnen voorschrijft voor het menselijk handelen. Dit is een
onderdeel van de filosofie.
Indien medische filosofie niet in eerste instantie gericht is op experimenteel getoetste
waarheden, dan is dat het gevolg van het feit dat de problemen waarover het zich buigt, niet
experimenteel te toetsen zijn. Dat betekent nog niet dat we ons daarom begeven op het
terrein van wat Plato noemde ‘endoxia’, het hebben van een opinie of een mening. Endoxia
is iets anders dan filosofia, het streven naar de waarheid. We moeten een onderscheid
maken tussen subjectief en subjectivistisch:
- Subjectivistisch = verwijst naar iets dat puur en alleen gebaseerd is op een
persoonlijke mening of voorkeur en dus volledig afhankelijk is van iemands
gevoelens, ideeën of smaak. Het kan dus niet objectief geverifieerd worden en is
persoonlijk. Bijvoorbeeld, als iemand zegt “ik hou van chocolade,” dan is dat
subjectivistisch. Het is een uitspraak die alleen geldt voor die persoon, omdat het
puur op hun eigen voorkeuren is gebaseerd.
- Subjectief = in deze context betekent dat iets niet volledig objectief of experimenteel
te meten is, maar het is wel gebaseerd op iets werkelijk en ervaarbaar, en dus niet
willekeurig of puur persoonlijk. Bij medische filosofie, bijvoorbeeld, kun je dit zien
wanneer een behandeling goed werkt voor één patiënt maar niet voor een ander. Dit
is subjectief in de zin dat het afhangt van de persoonlijke kenmerken van de patiënt,
maar het is niet willekeurig zoals een subjectivistische voorkeur zou zijn. Het gaat om
specifieke factoren bij een patiënt die het effect van de behandeling beïnvloeden, en
die factoren hebben dus wel een objectieve basis.
1
, 1.2 Kernelementen van de filosofie
Terwijl de meeste mensen in de loop van hun leven de ‘kinderlijke’ verwondering (stellen zich
veel vragen) verloren zijn, is de filosofie in staat om met een verwonderlijke blik naar de
wereld te kijken en zich daarover vragen te stellen.
Verwondering is een noodzakelijke maar geen voldoende voorwaarde om tot filosoferen over
te gaan. We kunnen het beschouwen als een startpunt van filosofie. De wijze waarop wordt
omgegaan met die verwondering, dat is hoe filosofie is. Filosoferen betekent niet zozeer
een onschuldige, oorspronkelijke blik (kindertijd) behouden, maar juist een extra bril
opzetten.
De filosofie kan zich vandaag niet langer baseren op een alomvattende verklaring die
vertrekt vanuit een oer-oorzaak of een God. Onze tijd is namelijk gekenmerkt door een
afwezigheid van een God of een eerste oorzaak.
1.2.1 Aporetisch
Iedereen houdt zich op een bepaalde manier bezig met filosofie om zichzelf grote vragen
over het leven duidelijk te maken, en veel van die vragen gaan over het meest fundamentele
niveau van de werkelijkheid, ook wel het "zijnsniveau" genoemd. Dit betekent dat mensen
zich soms afvragen wat het echt betekent dat dingen bestaan, wat het betekent om mens te
zijn, of wat de kern van de werkelijkheid is. Zulke vragen raken aan ontologie, wat in de
filosofie het nadenken is over het bestaan zelf, over wat het betekent dat er dingen zijn.
De kern van filosofie is een probleem helemaal uitpluizen en de logica ervan volgen totdat je
vastloopt bij een aporie—een punt waarop het probleem geen duidelijke oplossing heeft.
Filosoferen betekent dus dat je doorgaat met denken tot je deze aporie bereikt, en daarna
verder zoekt in een andere richting.
Filosofen zoeken met andere woorden vaak problemen op, eerder dan dat ze altijd kant- en-
klare oplossingen aanreiken. Ze houden dus eerder halt bij dit soort van oplossingen, ze
stellen er vragen bij, ze wringen en wroeten eraan tot ze een mankement hebben ontdekt.
Op zoek gaan naar een Aporie (zonder doorgang) = Zoeken naar een aporie betekent dat
je zo diep nadenkt over een probleem dat je uiteindelijk op een punt komt waar je vastloopt,
een soort "doodlopende weg" in het denken. Het is het moment waarop je geen duidelijk
antwoord meer hebt en niet verder kunt met de bestaande ideeën of logica. Het doel is niet
meteen een oplossing te vinden, maar juist die grens te bereiken en dan vanuit een nieuwe
invalshoek verder te zoeken.
1.2.2 Fundamenteel nadenken
Filosofie vertrekt vanuit verwondering over de wereld en onze plaats erin. Bv: Loopt het hier
zoals het moet, hoe zit de wereld in elkaar? Wat is een goeie samenleving,.. zijn relevant
omdat ze meehelpen bepalen van wat we in ons leven aanvangen en op welke manier we
aan kennis opbouw kunnen doen.
Deze fundamentele vraagstukken hebben geen vastgelijnd onderzoeksobject, eerder
specifieke methode van denken en redeneren.
Moeilijke vraagstukken komen vandaag vooral uit de medische wereld: bv. Genetische
manipulatie, prenatale screenings,.. Dit heeft vooral te maken met de technologische
vooruitgang dat we in de medische wereld zien.
2
, 1.2.3 Methodisch twijfelen
René Descartes (17eeuw) = Filosoof die twijfel als filosofische methode heeft uitgevonden.
Twijfel was volgens hem de basis van filosofie en het fundament van wetenschap.
Doel van twijfel = Het bereiken van de waarheid
Het gaat over het kritische vragen stellen bij zekerheden bv. Bij je eigen overtuigingen, of
bepaalde theorieën. Als we elke element van een theorie op geldigheid toetsten, en het blijkt
de kloppen dan pas kan je het als de waarheid aannemen.
Socrates = hoe langer hij over bepaalde zaken nadacht, hoe minder hij pretendeerde dat hij
er iets van af wist hoe meer je een probleem bestudeert, hoe meer je de complexiteit
ervan ontdekt,
Friedrick Hegel: ‘De list van de Rede’ = We denken dat wat iets achter ons hebben gelaten
maar via achterpoortjes komt het terug binnen.
1.2.4 Systematisch en logisch redeneren
Belangrijk om:
Logische en stap per stap nadenken
Systematisch een redenering opbouwen
Zin voor synthese en overzichtelijke analyse
Aan jezelf hoge eisen stellen: zelfkritiek
1.3 Leren afwegen van principes en standpunten
Bij filosofie is het belangrijk om te leren bepaalde principes tegen elkaar af te wegen. Het is
vaak zo het geval dat het niet per se antwoord A of B is in de filosofie.
Bv: Wat is het belangrijkste om tot een goeie gezondheid te komen? Héél veel
antwoordmogelijkheden.
Bv: Patiënt komt regelmatig langs met verschillende blauweplekken, wat moet ik
doen?
1.3.1 Paradox
Paradox = Twee tegengestelde ‘waarheden/uitspraken’ die niet tegelijk waar kunnen zijn. Bv.
Het regent hier en het regent hier niet.
Logische redenering kan leiden tot onoplosbare paradox:
- Uitspraak A = uitspraak B is een leugen
- Uitspraak B = Uitspraak A is waar
1.3.2 Feiten en opinie
We maken een onderscheid tussen drie soorten waarheden
- Objectief = bv. Zwaartekracht
- Subjectivistisch = bv. Ik vind blauw mooi
- Subjectief = Niet alles is experimenteel verifieerbaar, maar daarom niet willekeurig.
Bijvoorbeeld behandeling A werkt zeer goed voor patiënt B maar werkt niet voor
patiënt C
1.4 En dan?
Filosofie is gaan relativisme, maar zoeken naar waarheid en daarom aan alles twijfelen.
Filosofie is moeilijk omdat:
1. Je soms met minder eindigt: Bv: eerst denk je dat iets klopt, dan begin je te
twijfelen en denk je dat het niet meer klopt en hoe kom je dan aan nieuwe kennis?
2. Je nooit blijvend zeker bent van de waarheid
3
, - Maar: Is dat niet zo met vele wetenschappen? Meeste wetenschappen worden na
zoveel jaar aangepast, veranderd, aangevuld,..
DEEL 2: INLEIDING TOT DE MEDISCHE FILOSOFIE
3 grote periodes:
- Oudheid (Grieken/Romeinen)
- Feodaliteit
- Moderne samenleving
Anekdote = Wanneer bij de oude Grieken een zieke maar niet gezond wilde worden,
verzamelde zijn familie zich voor de huisdeur, om de voorbijgangers over het hardnekkige
geval te ondervragen. Iedereen schreef dan een onfeilbaar geneesmiddel voor, dat de zieke
weer in een oogwenk op de been brengen zou; maar die raadgevingen waren zo talrijk en zo
verschillend, dat het iemand zwaar viel een keus daaruit te doen. De sage vermeldt dat
Hippocrates, de beroemde geneesheer van de Oudheid, de heelkunde van zijn tijd geleerd
heeft door naar deze gelegenheidsartsen te luisteren.
2. De Grieken, of wie anders?
2.1 Inleiding
Historisch gezien in de filosofie ontstaan tijdens de tijd van de Grieken. Filosofie stond er
letterlijk voor het begeren van de wijsheid en het verlangen naar de waarheid.
Nu bestaat er veel discussie over ‘de waarheid’ en als deze wel bestaat. In Athene
werd er wel van uitgegaan dat de waarheid bereikbaar was.
Stad/polis = De maatschappelijke context waar de filosofie volledig tot bloei is gekomen.
De Griekse periode was een periode waar er veel wetenschap ontstond. dit allemaal om de
kunnen uitleggen wat er in de wereld gebeurd.
- Athene 5e VC = Gezondheid werd een thema waarover er werd gediscussieerd in de
hoop om tot een best mogelijk antwoord te komen
2.2 De Griekse polis en het medisch-filosofische denken
2.2.1 De maatschappelijk ontstaanscontext van de wijsbegeerte
Met de opkomst van de polis ontstaat in de 5de eeuw VC een nieuwe sociale ruimte, die
plaats maakt voor discussie. Daarnaast ontstond ook de Logos = Het rationeel en
wetenschappelijk beargumenteren van een standpunt en het debat die daaruit volgde.
- Combinatie van de twee (Logos, zelf verklaringen willen vinden en niet enkel uitgaan
van wat bv. Zeus zei) (Polis, een plaats om deze gesprekken samen effectief uit te
voeren) heeft gezorgd voor het ontstaan van verschillende wetenschappen.
Een agora was in het oude Griekenland het centrale plein van een stad, waar mensen
samenkwamen voor verschillende doeleinden.
De polis vraagt om een leven dat helemaal in het openbaar plaatsvindt: iedereen kan zien
hoe politieke beslissingen worden genomen. De Griekse cultuur opent zich zo voor het eerst
voor de demos, het volk, waardoor tradities en regels publiek worden en daardoor
bespreekbaar en vatbaar voor kritiek.
- Volk (demos) regeert over zichzelf (kratein) = Democratie
4
1. Hoe is filosofie
Filosofie
Afgeleid uit de Griekse woorden Filein (begeren) van Sofia (wijsheid)
Filosofie als an-archie: zonder vaste vertrekpunten, dus ook geen strikte definitie
Denkkaders aanreiken om de meeste fundamentele vraagstrekken over mensen
wereld beter te begrijpen
Martin Heidegger: “De uitdrukkelijke als taak aanvaarde en zich vervolgens ontplooide
beantwoording die aan de toe-spraak van het Zijn en van het Zijnde bentwoordt, dat is
filosofie.”
- Zijn (Sein) verwijst voor Heidegger naar de grondslag of het geheel van wat mogelijk
maakt dat dingen kunnen zijn, dat wil zeggen dat ze kunnen verschijnen of bestaan in
welke vorm dan ook. Het Zijn is niet zomaar een ding of een object in de wereld,
maar eerder het raamwerk of de horizon waarbinnen alles kan bestaan en
verschijnen. Het is de basis van de werkelijkheid en stelt de wereld als zodanig
mogelijk.
- Zijnde (Seiende) daarentegen slaat op al het specifieke wat bestaat binnen dat kader
van het Zijn: een persoon, een object, een boom, een steen, enzovoort. Het Zijnde
verwijst naar dat wat binnenin de horizon van het Zijn zichtbaar of kenbaar is
Filosofie is ontstaan tijdens de tijd van de Grieken. Mensen wouden zaken op een rationele
manier verklaren. Bv: waarom komt de zon op? Waarom worden sommige mensen ziek?..
fundamentele vraagstukken beantwoorden.
Tijdens de tijd van de Oude Grieken ging het vooral over de vragen: Hoe zit de wereld in
elkaar en hoe zin ons lichaam in elkaar?
1.1 Toogfilosofie en andere misverstanden
Ethiek = Een discipline die richtlijnen voorschrijft voor het menselijk handelen. Dit is een
onderdeel van de filosofie.
Indien medische filosofie niet in eerste instantie gericht is op experimenteel getoetste
waarheden, dan is dat het gevolg van het feit dat de problemen waarover het zich buigt, niet
experimenteel te toetsen zijn. Dat betekent nog niet dat we ons daarom begeven op het
terrein van wat Plato noemde ‘endoxia’, het hebben van een opinie of een mening. Endoxia
is iets anders dan filosofia, het streven naar de waarheid. We moeten een onderscheid
maken tussen subjectief en subjectivistisch:
- Subjectivistisch = verwijst naar iets dat puur en alleen gebaseerd is op een
persoonlijke mening of voorkeur en dus volledig afhankelijk is van iemands
gevoelens, ideeën of smaak. Het kan dus niet objectief geverifieerd worden en is
persoonlijk. Bijvoorbeeld, als iemand zegt “ik hou van chocolade,” dan is dat
subjectivistisch. Het is een uitspraak die alleen geldt voor die persoon, omdat het
puur op hun eigen voorkeuren is gebaseerd.
- Subjectief = in deze context betekent dat iets niet volledig objectief of experimenteel
te meten is, maar het is wel gebaseerd op iets werkelijk en ervaarbaar, en dus niet
willekeurig of puur persoonlijk. Bij medische filosofie, bijvoorbeeld, kun je dit zien
wanneer een behandeling goed werkt voor één patiënt maar niet voor een ander. Dit
is subjectief in de zin dat het afhangt van de persoonlijke kenmerken van de patiënt,
maar het is niet willekeurig zoals een subjectivistische voorkeur zou zijn. Het gaat om
specifieke factoren bij een patiënt die het effect van de behandeling beïnvloeden, en
die factoren hebben dus wel een objectieve basis.
1
, 1.2 Kernelementen van de filosofie
Terwijl de meeste mensen in de loop van hun leven de ‘kinderlijke’ verwondering (stellen zich
veel vragen) verloren zijn, is de filosofie in staat om met een verwonderlijke blik naar de
wereld te kijken en zich daarover vragen te stellen.
Verwondering is een noodzakelijke maar geen voldoende voorwaarde om tot filosoferen over
te gaan. We kunnen het beschouwen als een startpunt van filosofie. De wijze waarop wordt
omgegaan met die verwondering, dat is hoe filosofie is. Filosoferen betekent niet zozeer
een onschuldige, oorspronkelijke blik (kindertijd) behouden, maar juist een extra bril
opzetten.
De filosofie kan zich vandaag niet langer baseren op een alomvattende verklaring die
vertrekt vanuit een oer-oorzaak of een God. Onze tijd is namelijk gekenmerkt door een
afwezigheid van een God of een eerste oorzaak.
1.2.1 Aporetisch
Iedereen houdt zich op een bepaalde manier bezig met filosofie om zichzelf grote vragen
over het leven duidelijk te maken, en veel van die vragen gaan over het meest fundamentele
niveau van de werkelijkheid, ook wel het "zijnsniveau" genoemd. Dit betekent dat mensen
zich soms afvragen wat het echt betekent dat dingen bestaan, wat het betekent om mens te
zijn, of wat de kern van de werkelijkheid is. Zulke vragen raken aan ontologie, wat in de
filosofie het nadenken is over het bestaan zelf, over wat het betekent dat er dingen zijn.
De kern van filosofie is een probleem helemaal uitpluizen en de logica ervan volgen totdat je
vastloopt bij een aporie—een punt waarop het probleem geen duidelijke oplossing heeft.
Filosoferen betekent dus dat je doorgaat met denken tot je deze aporie bereikt, en daarna
verder zoekt in een andere richting.
Filosofen zoeken met andere woorden vaak problemen op, eerder dan dat ze altijd kant- en-
klare oplossingen aanreiken. Ze houden dus eerder halt bij dit soort van oplossingen, ze
stellen er vragen bij, ze wringen en wroeten eraan tot ze een mankement hebben ontdekt.
Op zoek gaan naar een Aporie (zonder doorgang) = Zoeken naar een aporie betekent dat
je zo diep nadenkt over een probleem dat je uiteindelijk op een punt komt waar je vastloopt,
een soort "doodlopende weg" in het denken. Het is het moment waarop je geen duidelijk
antwoord meer hebt en niet verder kunt met de bestaande ideeën of logica. Het doel is niet
meteen een oplossing te vinden, maar juist die grens te bereiken en dan vanuit een nieuwe
invalshoek verder te zoeken.
1.2.2 Fundamenteel nadenken
Filosofie vertrekt vanuit verwondering over de wereld en onze plaats erin. Bv: Loopt het hier
zoals het moet, hoe zit de wereld in elkaar? Wat is een goeie samenleving,.. zijn relevant
omdat ze meehelpen bepalen van wat we in ons leven aanvangen en op welke manier we
aan kennis opbouw kunnen doen.
Deze fundamentele vraagstukken hebben geen vastgelijnd onderzoeksobject, eerder
specifieke methode van denken en redeneren.
Moeilijke vraagstukken komen vandaag vooral uit de medische wereld: bv. Genetische
manipulatie, prenatale screenings,.. Dit heeft vooral te maken met de technologische
vooruitgang dat we in de medische wereld zien.
2
, 1.2.3 Methodisch twijfelen
René Descartes (17eeuw) = Filosoof die twijfel als filosofische methode heeft uitgevonden.
Twijfel was volgens hem de basis van filosofie en het fundament van wetenschap.
Doel van twijfel = Het bereiken van de waarheid
Het gaat over het kritische vragen stellen bij zekerheden bv. Bij je eigen overtuigingen, of
bepaalde theorieën. Als we elke element van een theorie op geldigheid toetsten, en het blijkt
de kloppen dan pas kan je het als de waarheid aannemen.
Socrates = hoe langer hij over bepaalde zaken nadacht, hoe minder hij pretendeerde dat hij
er iets van af wist hoe meer je een probleem bestudeert, hoe meer je de complexiteit
ervan ontdekt,
Friedrick Hegel: ‘De list van de Rede’ = We denken dat wat iets achter ons hebben gelaten
maar via achterpoortjes komt het terug binnen.
1.2.4 Systematisch en logisch redeneren
Belangrijk om:
Logische en stap per stap nadenken
Systematisch een redenering opbouwen
Zin voor synthese en overzichtelijke analyse
Aan jezelf hoge eisen stellen: zelfkritiek
1.3 Leren afwegen van principes en standpunten
Bij filosofie is het belangrijk om te leren bepaalde principes tegen elkaar af te wegen. Het is
vaak zo het geval dat het niet per se antwoord A of B is in de filosofie.
Bv: Wat is het belangrijkste om tot een goeie gezondheid te komen? Héél veel
antwoordmogelijkheden.
Bv: Patiënt komt regelmatig langs met verschillende blauweplekken, wat moet ik
doen?
1.3.1 Paradox
Paradox = Twee tegengestelde ‘waarheden/uitspraken’ die niet tegelijk waar kunnen zijn. Bv.
Het regent hier en het regent hier niet.
Logische redenering kan leiden tot onoplosbare paradox:
- Uitspraak A = uitspraak B is een leugen
- Uitspraak B = Uitspraak A is waar
1.3.2 Feiten en opinie
We maken een onderscheid tussen drie soorten waarheden
- Objectief = bv. Zwaartekracht
- Subjectivistisch = bv. Ik vind blauw mooi
- Subjectief = Niet alles is experimenteel verifieerbaar, maar daarom niet willekeurig.
Bijvoorbeeld behandeling A werkt zeer goed voor patiënt B maar werkt niet voor
patiënt C
1.4 En dan?
Filosofie is gaan relativisme, maar zoeken naar waarheid en daarom aan alles twijfelen.
Filosofie is moeilijk omdat:
1. Je soms met minder eindigt: Bv: eerst denk je dat iets klopt, dan begin je te
twijfelen en denk je dat het niet meer klopt en hoe kom je dan aan nieuwe kennis?
2. Je nooit blijvend zeker bent van de waarheid
3
, - Maar: Is dat niet zo met vele wetenschappen? Meeste wetenschappen worden na
zoveel jaar aangepast, veranderd, aangevuld,..
DEEL 2: INLEIDING TOT DE MEDISCHE FILOSOFIE
3 grote periodes:
- Oudheid (Grieken/Romeinen)
- Feodaliteit
- Moderne samenleving
Anekdote = Wanneer bij de oude Grieken een zieke maar niet gezond wilde worden,
verzamelde zijn familie zich voor de huisdeur, om de voorbijgangers over het hardnekkige
geval te ondervragen. Iedereen schreef dan een onfeilbaar geneesmiddel voor, dat de zieke
weer in een oogwenk op de been brengen zou; maar die raadgevingen waren zo talrijk en zo
verschillend, dat het iemand zwaar viel een keus daaruit te doen. De sage vermeldt dat
Hippocrates, de beroemde geneesheer van de Oudheid, de heelkunde van zijn tijd geleerd
heeft door naar deze gelegenheidsartsen te luisteren.
2. De Grieken, of wie anders?
2.1 Inleiding
Historisch gezien in de filosofie ontstaan tijdens de tijd van de Grieken. Filosofie stond er
letterlijk voor het begeren van de wijsheid en het verlangen naar de waarheid.
Nu bestaat er veel discussie over ‘de waarheid’ en als deze wel bestaat. In Athene
werd er wel van uitgegaan dat de waarheid bereikbaar was.
Stad/polis = De maatschappelijke context waar de filosofie volledig tot bloei is gekomen.
De Griekse periode was een periode waar er veel wetenschap ontstond. dit allemaal om de
kunnen uitleggen wat er in de wereld gebeurd.
- Athene 5e VC = Gezondheid werd een thema waarover er werd gediscussieerd in de
hoop om tot een best mogelijk antwoord te komen
2.2 De Griekse polis en het medisch-filosofische denken
2.2.1 De maatschappelijk ontstaanscontext van de wijsbegeerte
Met de opkomst van de polis ontstaat in de 5de eeuw VC een nieuwe sociale ruimte, die
plaats maakt voor discussie. Daarnaast ontstond ook de Logos = Het rationeel en
wetenschappelijk beargumenteren van een standpunt en het debat die daaruit volgde.
- Combinatie van de twee (Logos, zelf verklaringen willen vinden en niet enkel uitgaan
van wat bv. Zeus zei) (Polis, een plaats om deze gesprekken samen effectief uit te
voeren) heeft gezorgd voor het ontstaan van verschillende wetenschappen.
Een agora was in het oude Griekenland het centrale plein van een stad, waar mensen
samenkwamen voor verschillende doeleinden.
De polis vraagt om een leven dat helemaal in het openbaar plaatsvindt: iedereen kan zien
hoe politieke beslissingen worden genomen. De Griekse cultuur opent zich zo voor het eerst
voor de demos, het volk, waardoor tradities en regels publiek worden en daardoor
bespreekbaar en vatbaar voor kritiek.
- Volk (demos) regeert over zichzelf (kratein) = Democratie
4