Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 31 pagina's
Samenvatting

Risicomanagement samenvatting LOI

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 31 pagina's

Dit is een uitgebreide samenvatting van het vak Risicomanagement aan de LOI. De samenvatting bevat hoofdstuk 1 t/m 11 van het boek Risicomanagement geschreven door Sonja Janicijevic en Paul Claes. Daarnaast bevat de samenvatting nog een extra hoofdstuk van de extra leerstof van de LOI over financieel risicomanagement.

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting Risicomanagement
Gebaseerd op Janicijevic & Claes | Examenindicatoren 1.1 t/m 1.8 | Hoofdstuk 1 t/m
11



Examenindicatoren
 1.1 Kent de verschillende methoden van risicomanagement, zoals COSO ERM.
 1.2 Onderscheidt verschillende risico’s in de bedrijfscontext.
 1.3 Beschrijft het risicomanagementproces van de organisatie.
 1.4 Schat de risicoperceptie van beslissers in en past de communicatie daarop
aan.
 1.5 Voert een risicoanalyse uit om risico’s te identificeren en te classificeren op
kans en impact.
 1.6 Stelt een integraal risicobehandelingsplan op (actieplan).
 1.7 Stelt een integrale aanpak op voor geïdentificeerde risico’s binnen de
organisatiecontext.
 1.8 Herkent specifieke financiële risico’s (werkkapitaal, debiteuren, valuta,
derivaten) en stelt maatregelen op anders dan verzekeringen.


Hoofdstuk 1 - Risico’s en risicomanagement: introductie en ontwikkeling
Examenindicatoren: 1.1 | 1.3
Risicomanagement is in de jaren 60 van de vorige eeuw ontstaan als antwoord op
toenemende onzekerheid en complexiteit. De behoefte aan zekerheid is een
fundamentele menselijke behoefte (Maslow). Oorspronkelijk lag de focus op
verzekerbare, statische risico’s. In de jaren 90 ontstond de term Enterprise Risk
Management (ERM): het integraal managen van alle risico’s die de doelstellingen en
prestaties van een organisatie bedreigen. De wereld van vandaag wordt
gekenmerkt als een VUCA-wereld (Volatile, Unpredictable, Complex, Ambiguous).


Kernbegrippen:
 Enterprise Risk Management (ERM): Combinatie van het management van
alle risico’s die de doelstellingen en prestaties van een organisatie kunnen
bedreigen, zowel strategische, financiële en marktrisico’s als de traditionele
verzekerbare risico’s. ERM draagt bij aan de aansturing van de organisatie en is
een onderdeel van goed bestuur (corporate governance).
 Risico: Een onzekere gebeurtenis met een kans op een positieve of negatieve
uitkomst. De negatieve uitkomst wijst op gevaar (onzekerheid over uitkomst) en
schade of verlies (negatieve uitkomst).
 Resilience: Het vermogen van organisaties om te anticiperen, voorbereid te
zijn, te acteren en zich aan te passen op zowel plotselinge als geleidelijke
veranderingen.
 GRC (Governance, Risk and Compliance): Samenhangende benadering
gericht op langetermijnwaardecreatie waarbij governance, risicomanagement en
naleving van regelgeving worden geïntegreerd.
 VUCA-wereld: Volatile (volatiel) - Unpredictable (onvoorspelbaar) - Complex -
Ambiguous (ambigu). De context waarbinnen modern risicomanagement
plaatsvindt.
Redenen voor risicomanagement:

, Structuur geven aan de bescherming van continuïteit en realisatie van
doelstellingen.
 Bescherming van mensen en hun belangen: werknemers, omwonenden,
afnemers en andere betrokkenen.
Three lines of defence:
 1e lijn - Bestuur en management: verantwoordelijk voor de aansturing van
de organisatie en de dagelijkse bedrijfsprocessen.
 2e lijn - Staffuncties (o.a. risicomanager, compliance officer):
ondersteunen de eerste lijn met expertise, advies en het faciliteren van
risicomanagementprocessen.
 3e lijn - Interne audit: controleert onafhankelijk de naleving van afspraken,
richtlijnen en de effectiviteit van de eerste en tweede lijn.

Methoden van risicomanagement (indicator 1.1):
 Sarbanes-Oxley (SOX): Verplicht beursgenoteerde ondernemingen tot het
inrichten van risicomanagement en interne controle. Aanleiding voor COSO ERM.
 COSO ERM: Het meest gebruikte raamwerk voor Enterprise Risk Management.
Bevat vier pijlers: (1) definitie van risicomanagement, (2) structuur voor de
inrichting, (3) gemeenschappelijke uitgangspunten en (4) gemeenschappelijke
taal. Ontstaan naar aanleiding van de Sarbanes-Oxley-wet.
 ISO 31000: Internationale paraplu-richtlijn; overkoepelend kader over alle
managementdisciplines gericht op risicobeheersing. Gepubliceerd in 2009. Geeft
richtlijnen voor principes, het kader en het proces van risicomanagement.
 IFRS: Internationale financiële verslagleggingseisen met directe implicaties voor
het omgaan met risico’s, zoals het aanleggen van reserves voor toekomstige
schadegevallen.
 Integrated Reporting Framework (IRF): Integrale benadering van
rapportage met aandacht voor toekomst, strategie en waardecreatie op lange
termijn.
 GRI-standards: Standaarden voor maatschappelijk verantwoord ondernemen
(MVO), ontwikkeld door de Global Reporting Initiative.
 Basel-akkoorden: Internationale kapitaalvereisten voor banken ter bevordering
van financiële stabiliteit (Basel I, II en III).
 Solvency-II: Europese richtlijn voor verzekeraars met drie pilaren: (1) financiële
kwantitatieve eisen, (2) governance en risicomanagement (ORSA) en (3)
rapportage en transparantie.
 Corporate governance code: Stelsel van regels en omgangsvormen voor
goed bestuur, goed toezicht en verdeling van taken, verantwoordelijkheden en
bevoegdheden (TVB). Bestuurders en commissarissen leggen verantwoording af
aan stakeholders.


Beroepsorganisaties:
 RIMS (Risk and Insurance Management Society) - Verenigde Staten
 NARIM (Nederlandse Associatie van Risk en Insurance Managers) - Nederland
 FERMA (Federation of European Risk Management Associations) - Europa

Functies van standaarden (FERMA/ERMS en ISO 31000) - examenrelevant:
 Ze bieden een gemeenschappelijke taal en structuur voor risicomanagement
binnen en tussen organisaties.

, Ze fungeren als referentiekader voor het inrichten, beoordelen en verbeteren
van het risicomanagementproces.




Hoofdstuk 2 - Risico’s nader beschouwd
Examenindicator: 1.2
Definitie risico (COSO): De mogelijkheid dat een gebeurtenis zich voordoet die een
negatief effect heeft, waardecreatie verhindert of bestaande waarden uitholt.
Tegelijkertijd wordt rekening gehouden met kansen: gebeurtenissen met een
positief effect die bijdragen aan het realiseren van doelstellingen.
Basisformule: Risico = kans x gevolg. De kans is een getal tussen 0 en 1; het gevolg
is de financiële waarde van de mogelijke schade.


Dynamische versus statische risico’s:
 Dynamisch risico: Kans op zowel winst als verlies; het klassieke
ondernemersrisico. Treedt op bij investeren, innoveren en ondernemen. Niet
verzekerbaar. De risicomanager heeft hier een faciliterende en adviserende rol
bij strategische keuzes en helpt bij de risico-rendement afweging.
 Statisch risico: Uitsluitend kans op verlies (zuiver risico). Er is geen
mogelijkheid op voordeel. In principe verzekerbaar. De risicomanager is de
inhoudelijke expert en neemt het voortouw, hij richt zich op preventie,
overdracht en financiering van deze risico’s.


Traditionele versus emerging risks:
 Traditionele risico’s: Bekend en redelijk kwantificeerbaar op basis van
historische data en waar organisaties rekening mee houden. Voorbeelden:
ziekteverzuim, materiele schade aan gebouwen en installaties, tijdelijk
personeelsverloop.
 Emerging risks: Nieuw of in een nieuwe context herrijzend risico waarvoor nog
weinig historische data beschikbaar is. Lastiger te voorspellen, minder ervaring
met deze risico’s en gevolgen lastiger in te schatten. Voorbeelden: COVID-19,
cyberrisico’s, klimaatverandering.


Indeling naar soort (Kaplan):
 Te voorkomen risico’s: Interne operationele risico’s die beheersbaar zijn met
maatregelen.
 Strategische risico’s: Samenhangend met de gekozen strategie van de
organisatie.
 Externe risico’s: Niet te voorkomen; komen van buiten de organisatie.
Vereisen alertheid, tijdige identificatie en voorbereiding.


Verfijning indeling risico’s:
 Interne risico’s
o Activiteiten => strategie, juridische gevolgen rechtsvorm, continuïteit,
kwaliteit, fraude.

, o Middelen => materiele risico’s, veiligheid, financiële risico’s
o Mensen => veiligheid, kritische kennis, capaciteit
 Externe risico’s
o Economie, mart, politiek, wet- en regelgeving, natuur, sociale
ontwikkelingen, maatschappij.
Interne financiële risico’s zijn onnauwkeurigheden in de administratie of fraude.
Externe financiële risico’s zijn schommelingen in de valutamarkt of prijzen van
grondstoffen.




Risico’s per bedrijfsfunctie (indicator 1.2):
 Financieel: liquiditeitsrisico, kredietrisico, valutarisico, renterisico,
beleggingsrisico.
 Operationeel: productiestoringen, ICT-falen, logistieke verstoringen,
kwaliteitsfouten in het productieproces.
 Strategisch: concurrentiewijzigingen, marktveranderingen, fusie- en
overnamerisico’s, technologische disruptie.
 Compliance: overtreding van wet- en regelgeving, belastingrisico’s, toezicht
risico’s.
 Reputatie: negatieve publiciteit, productaansprakelijkheid, social media-crises.
Reputatierisico is de afgelopen jaren sterk toegenomen in belang door sociale
media, transparantie-eisen en de snelheid waarmee negatieve informatie zich
verspreidt. Een reputatieschade kan directe financiële gevolgen hebben
(omzetverlies, koersdaling) en is moeilijk te herstellen.
 HR: ziekteverzuim, kennisuitstroom, personeelstekorten, ongewenst gedrag op
de werkvloer.
 Extern: macro-economische schokken, politieke instabiliteit, klimaatrisico’s,
natuurrampen.


Aansprakelijkheidsrisico’s:
 Werkgeversaansprakelijkheid: aansprakelijkheid voor schade aan medewerkers
tijdens of door het werk.
 Productaansprakelijkheid: aansprakelijkheid voor schade die producten
veroorzaken bij afnemers of derden.
 Milieuaansprakelijkheid: aansprakelijkheid voor schade aan het milieu door
bedrijfsactiviteiten.


Risicomatrix - vier kwadranten (kans x impact):
 Kleine kans/ kleine schade: Accepteren en monitoren; betalen uit lopende
middelen.
 Kleine kans/ grote schade: Bijzondere aandacht; bij voorkeur overdragen
(verzekeren).
 Grote kans/ kleine schade: Preventieve maatregelen nemen; verzekeren niet
zinvol.
 Grote kans/ grote schade: Goede preventie is de enige optie; verzekeren bijna
onmogelijk en vermijden heeft de voorkeur.

Gekoppeld boek
 image
Paul Claes, Sonja Janicijevic Risicomanagement
Uitgever: Onbekend ISBN: 9789001738457 Druk: 7

Documentinformatie

Studie
Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
27 juli 2026
Aantal pagina's
31
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
$7.11

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Verkocht
24
Volgers
0
Items
14
Laatst verkocht
4 weken geleden


Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen