Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 52 pages
Summary

VOLLEDIGE samenvatting immunologie (16/20)

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 52 pages

Behaald resultaat: 18/20. Dit document bevat de volledige samenvatting van het vak immunologie. Het bevat alles wat is gezien in de les en is dus 100% representatief van de lessen. Bevat alles wat je moet kennen voor het examen! Resultaat: 16/20 behaald

Content preview

1. HET IMMUUNSYSTEEM (INTRODUCTIE)

HET IMMUUNSYSTEEM: FUNCTIES

1. Afweer voorzien tegen:
• Virussen, bacteriën, schimmels, parasieten
• Toxines (bv. tetanus toxine)
• Tumoren: tumorsurveillantie
• Afgestorven weefsel (homeostase)
2. Tumorsurveillantie: het immuunsysteem poogt het ontstaan van een kankertumor tegen te gaan.

3. Belangrijk onderscheid maken tussen schadelijk en onschadelijk (tolerantie)

Bv. als je melk drinkt krijg je tal van lichaamsvreemde stoffen binnen, bv. suikers. Hiertegen mag het
immuunsysteem natuurlijk niet optreden. Als dit wel gebeurt krijg je allergie.

Onderscheid tussen lichaamsvreemd en lichaamseigen is een uitdaging door grote diversiteit aan pathogenen:
Virussen Bacteriën Parasieten Schimmels
Grootte 20-400 nm 1-5 µm Protozoa: 10-200 µm 2-300 µm
Metazoa: 1 cm -3 m
Plaats IC (obligaat) EC , IC (bij TBC) IC of EC EC
Verdediging CTL Fagocytose Eosinofielen Fagocytose
NK Complement Complement
Antilichamen Antilichamen
Vb Influenza, rabies, P: malaria Candida
hepatitis, HIV M: spoelworm
IC = intracellulair, EC = extracellulair

• Enorm grote grootte variatie
o Parasieten zijn te groot voor fagocytose
• De plaats waar de pathogeen terecht komt:
o Bv. intracellulair (→ onbereikbaar voor humoraal → cellulair immuunantwoord)
▪ Aangeboren: NK
▪ Verworven: Th1 & CD8+ CTL
o Bv. extracellulair (→ humoraal of cellulair systeem, of beiden)
▪ Aangeboren: complement, collectinen, defensinen …
▪ Verworven: Ig (B-cellen), Th2, Th17
o Virussen en mycobacteriën zitten altijd intracellulair, bacteriën of schimmels extracellulair
➔ NOOD AAN SNEL, VERSPREID, EFFICIËNT EN COMPLEX SYSTEEM

HUMORALE EN CELLULAIRE IMMUNITEIT

Humorale immuniteit van het verworven systeem wordt gedragen door B-lymfocyten: produceren Ig eenmaal ze
geactiveerd zijn en gerijpt zijn tot effectorcellen of plasmacellen

Cellulaire immuniteit van het verworven systeem wordt gedragen door T-lymfocyten: T-helper cellen en CTL.
- CTL induceren apoptose of geprogrammeerde celdood van gastheercellen → replicatie verhinderen.
- T-helpercellen prolifereren na activatie en gaan cytokines produceren: ondersteunende functie: gaan
elementen van aangeboren en verworven systeem ondersteunen.

,Het pathogeen wordt simultaan opgehouden door: barrières, aangeboren en verworven immuunsysteem.

NIET-IMMUNOLOGISCHE BARRIÈRES:
FYSISCH
1. Huid (meerlagige acellulaire hoornlaag), epitheel (éénlagig tenzij mond en vagina: makkelijk gepenetreerd)
- Huid kan worden gepenetreerd door bv. een snede
o Kan aanleiding geven tot lokale ontsteking: Rubor Calor Dolor Tumor Functio Leasa
o Kan ook leiden tot systeemreactie: zwelling, lymfeklierzwelling, koorts…
- Huid geeft ook zweet en sebum
- Huid bevat commensalen: onschadelijke gast-organismen (‘goede bacteriën’)
2. Flow & turbulentie (speeksel, urine, in- en uitademen)
- Conchae → turbulentie van lucht bij inademen: pathogenen tegen mucosa → makkelijker geëlimineerd
- Urine: drinken tegen urineweginfecties want pathogenen bewegen moeilijker stroomopwaarts
- Speeksel bevat lysoymen en commensalen
3. Desquamatie (afschilfering)
- De huid bevat een hoornlaag
4. Trilharen: naar buiten afvoeren van bv. slijm of snot
- Mucociliair transport in de respiratoire tractus
CHEMISCH
1. pH (maag, urine) 2. Vetzuren (huid), proteasen (lysozyme: traanvocht)
BIOLOGISCH
1. Normale flora (kolonisatieresitentie) CAVE gebruik antibiotica
- Flora = zijn niet-pathogene bacteriën die ons beschermen
- Kolonisatieresistentie: bv. in vagina creëren ze een milieu waar andere pathogenen worden vernietigd
2. Scheppen van anaerobe of zure toestand

IMMUNOLOGISCH: HUMORAAL & CELLULAIR
AANGEBOREN (INNATE)
Niet adaptief: bij herinfectie door een pathogeen past het niet aan en reageert het altijd op dezelfde manier

Niet-klonaal: maakt gebruik van beschikbare fagocyterende cellen, K-cellen, mestcellen etc. , er kunnen uit het
beenmerg wel bepaalde cellen gerekruteerd worden.

Niet-specifiek: Deze cellen zullen op niet-specifieke manier bijdragen aan vernietiging van het pathogeen. Een
neutrofiel heeft de capaciteit om talloze pathogenen te herkennen: niet-specifiek
- Cellulair: fagocyten (monocyten, macrofagen, polymorfonucleairen), natural killer cellen, aangeboren
ILC’s, dendritische cellen (mestcellen, eosinofielen)
- Humoraal: CRP, complement, interferonen… Ook lactoferrine, defensinen

ADAPTIEF
Adaptief: bij herinfectie door dezelfde pathogeen komt het steeds efficiënter tot een immuunantwoord

Klonaal: als een pathogeen zich aanbiedt gebeurt snelle proliferatie van geactiveerde B- en T-cellen.

Specifiek: een bepaalde T-cel herkent een bepaald pathogeen via een bepaalde T-cel epitoop.

- Cellulair: T-lymfocyten, B-lymfocyten
- Humoraal: immunoglobulinen (Ig)
COMMUNICATIE TUSSEN DE TWEE!
Aangeboren en adaptief communiceren sterk waardoor het antwoord van het aangeboren IS ook efficiënter gaat
verlopen, doordat het adaptief IS gaat bijdragen tot efficiëntieverhoging van het aangeboren IS

,AANGEBOREN IMMUUNSYSTEEM


CELLULAIR
1. Fagocyten
Kunnen bacteriën opnemen en verteren. Ze zullen ook degranuleren met daarbij het vrijkomen van tal van
componenten die bijdragen aan lokale en algemene symptomen van ontsteking.

2. Natural killer cellen
Vergelijkbaar met cytotoxische T-cellen: zorgen voor apoptose van een geïnfecteerde cel

3. ILC’s
3 subgroepen van. Zijn vergelijkbaar met T-helpercellen maar er zijn veel verschillen, zo hebben ze geen TCR..

4. Dendritische cellen (pathogenen)
Springen in bij verdediging tegen alle pathogenen. Belangrijkste functie is het verzekeren van communicatie tussen
adaptief en verworven immuunsysteem thv primaire immunologische synaps in sec. lymfoïde organen


HUMORAAL
Lactoferrin, defensinen, CRP, complement..: ondersteunende functie: bactericide, bacteriostatisch, opsonisatie…


IMMUUNRESPONS
A: een pathogeen met PAMPS (pathogen associated molecular patterns) wordt herkend
door spelers van het aangeboren IS: bv. APC, macrofaag…

APC herkent PAMPS via PRR (patroon recognition receptor), bv. de toll-like receptor. T- en
B-cellen hebben geen PRR: moeten geactiveerd worden door presentatie van stukjes Ag.

Ze maken een connectie: 1e immunologische synaps: de T-cel epitoop wordt aangeboden
door een APC.

B: DAMPS (damage -AMPS) komen vrij bij bv. epitheelschade. De APC herkent de DAMPS
door andere PRR’s die ook weer cellen activeren, bv. macrofagen. De APC’s geven
bepaalde cytokinen vrij die op de T-cel inwerken.

FAGOCYTEN
= granulocyten (neutrofielen, eosinofielen, niet-basofielen, macrofagen, monocyten (DC)
- Bestrijden van bacteriën
- Onderscheid maken tussen lichaamsvreemd en lichaamseigen (ENE)
o Dmv PAMPS-PRR of DAMPS-PRR
o Lichaamseigen antigenen hebben namelijk geen PAMPS
Effecten:
- Vernietiging (fagocytose / degranulatie)
o Fagocytose bevordert door IFNγ (door NK: aangeboren, en Th1: verworven)
- Inductie van ontsteking (lokaal / algemeen)
- Transport naar secundaire lymfoïde organen
Immature DC fagocyteren met een ander doel: niet om het pathogeen te elimineren. Ze nemen het pathogeen op
om het te verwerken, om dan later in de primaire immunologische synaps te kunnen aanbieden aan T-cellen.

, PRR’S: BELANGRIJKSTE FUNCTIES
Een PRR herkent een PAMP of DAMP, wat leidt tot activatie, wat leidt tot verschillende effecten:




Per cel zijn er versch. PRR’s aanwezig. Dit is niet zo bij T- en B-cellen! De PRR’s kunnen zich op 3 plaatsen bevinden:
1. Bovenaan op het oppervlakte membraan, bv. TLR 4
2. Op de membraan, intracellulair van de endosomen (lysosomen)
3. Cytoplasma
Binding van PRR met DAMP/PAMP leidt tot fagocytose, of sturing van de cel in bep. richting. De opp. receptoren
zorgen voor herkenning van het pathogeen en endocytose. De PRR’s intracellulair, en sommige op het membraan,
hebben een sturende functie (welke cytokinen moeten er geproduceerd worden…): ze herkennen signalen.

Opp. receptoren (TLR4) herkennen PAMPS aan het opp. v/e pathogeen. TLR4 herkent LPS: in gram neg. pathogenen.

TLR’s op membraan v endosoom/lysosoom herkennen nucleïnezuren: als pathogeen is binnengedrongen in AP

FAGOCYTOSE
3 gevolgen:
1. Doden en opruimen van micro-organismen (pathogeen)
2. Ontsteking: degranulatie leidt tot een ontstekingsreactie met lokale en algemene symptomen
o Endotheel van bloedvat moet geactiveerd worden → zo weet IS dat pathogenen aanwezig zijn
o Ontsteking kan dus enkel in gevasculariseerd weefsel
3. Antigeentransport: activatie en sturing van het verworven immuunsysteem


AANGEBOREN IMMUUNSYSTEEM
NATURAL KILLER CELLS
- Bestrijden van virussen (herkennen viraal geïnfecteerde cel)
- Bestrijden tumoraal getransformeerde cellen
Een viraal geïnfecteerde cel toont aan het oppervlak bepaalde veranderingen die worden herkend door NK cellen.
Hetzelfde geldt voor tumoraal getransformeerde cellen.

De activatie is bijzonder strikt en wordt bepaald door een evenwicht van activerende en inhiberende factoren.
Activerende signalen moeten aanwezig zijn én inhiberende signalen moeten wegvallen, dan pas is er activatie.

Ze gaan de cel in apoptose jagen. Dit komt op verschillende manieren: perforines, granzymes, liganden van
apoptose receptoren of vrijstelling van interferon gamma.

Interferon gamma (IFNγ)
- Geproduceerd door NK-cellen, ILC-1 cel, T-helper 1 cel
- Zorgt dat cellen in de buurt van de geïnfecteerde cel beschermd zijn tegen verdere besmetting
- Verhindert verspreiding = paracriene functie
- Zorgt ook voor activatie van macrofagen (door reciprook IL-12)

Connected book
 image
G.T. Rijkers, F.G.M. Kroese Leerboek immunologie
Publisher: oktober 2016 ISBN: 9789036802574 Edition: 2

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Unknown
Uploaded on
June 24, 2021
Number of pages
52
Written in
2019/2020
Type
Summary
$12.44
Purchased by 17 students

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Bi0med
4.2
(61)
Sold
566
Followers
201
Items
90
Last sold
2 days ago

Reviews from verified buyers



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions