Leerdoelen:
1. Wat is coöperatief leren?
Slavin (boekhoofdstuk):
Definitie: vorm van lesgeven waarbij kinderen in kleine groepjes worden ingedeeld. Ze
werken samen om te leren
2 vormen:
- Gestructureerd teamleren
- Informeel groepsleren terugzoeken
Gestructureerd: gaat om leerproduct als uitkomst
Te koppelen aan formeel coöperatief leren
Informeel: gaat om groepsproces
Niet te koppelen aan de vormen van Johnson & Johnson
O’Donnell in Alexander:
Definitie peer learning
Johnson & Johnson:
3 vormen:
- Formeel coöperatief leren: leerlingen werken in groepjes om een gezamenlijk leerdoel
te behalen over een langere tijd huidige practicum waarbij je in 5 weken een
groesopdracht af moet maken
- Informele coöperatieve setting: maar enkele minuten of een lesuur in groepjes in
break-outrooms bij bijv. college
- Coöperatieve basisgroepssetting: langdurige groepen les in een grotere groep
onderwijsgroepen waarmee je langere periode samenwerkt
Verschillen:
Tijdsduur
Bij formeel staat de context al vast, bij informeel niet
Conclusie leerdoel: leren en samenwerken in groepen, leraar stuurt aan maar leerlingen
ondersteunen elkaar vooral. Samenwerken & leerproces staan centraal. Er is variatie in duur
en groepsgrootte/toepassing
2. Wat is de meerwaarde van coöperatief leren (t.o.v. traditionele onderwijsvormen)?
O’Donnell in Alexander:
5 theoretische perspectieven:
- Sociaal motivationeel perspectief = Gebruik van beloning om positieve
afhankelijkheid tussen groepsleden te bereiken positieve afhankelijkheid = doordat
je in een groep werkt, bereik je als groep succes als de rest ook succes heeft (i.t.t.
individueel: bijv. bij een wedstrijd kan er maar 1 iemand winnen en dus succes
hebben, als diegene wint, heeft de rest dus al geen succes meer)
- Sociale cohesie perspectief = Ook gebaseerd op positieve afhankelijkheid tussen
groepsleden. De bron voor deze afhankelijkheid is de zorg over elkaar bij de
groepsleden.
- Cognitief perspectief
1. Wat is coöperatief leren?
Slavin (boekhoofdstuk):
Definitie: vorm van lesgeven waarbij kinderen in kleine groepjes worden ingedeeld. Ze
werken samen om te leren
2 vormen:
- Gestructureerd teamleren
- Informeel groepsleren terugzoeken
Gestructureerd: gaat om leerproduct als uitkomst
Te koppelen aan formeel coöperatief leren
Informeel: gaat om groepsproces
Niet te koppelen aan de vormen van Johnson & Johnson
O’Donnell in Alexander:
Definitie peer learning
Johnson & Johnson:
3 vormen:
- Formeel coöperatief leren: leerlingen werken in groepjes om een gezamenlijk leerdoel
te behalen over een langere tijd huidige practicum waarbij je in 5 weken een
groesopdracht af moet maken
- Informele coöperatieve setting: maar enkele minuten of een lesuur in groepjes in
break-outrooms bij bijv. college
- Coöperatieve basisgroepssetting: langdurige groepen les in een grotere groep
onderwijsgroepen waarmee je langere periode samenwerkt
Verschillen:
Tijdsduur
Bij formeel staat de context al vast, bij informeel niet
Conclusie leerdoel: leren en samenwerken in groepen, leraar stuurt aan maar leerlingen
ondersteunen elkaar vooral. Samenwerken & leerproces staan centraal. Er is variatie in duur
en groepsgrootte/toepassing
2. Wat is de meerwaarde van coöperatief leren (t.o.v. traditionele onderwijsvormen)?
O’Donnell in Alexander:
5 theoretische perspectieven:
- Sociaal motivationeel perspectief = Gebruik van beloning om positieve
afhankelijkheid tussen groepsleden te bereiken positieve afhankelijkheid = doordat
je in een groep werkt, bereik je als groep succes als de rest ook succes heeft (i.t.t.
individueel: bijv. bij een wedstrijd kan er maar 1 iemand winnen en dus succes
hebben, als diegene wint, heeft de rest dus al geen succes meer)
- Sociale cohesie perspectief = Ook gebaseerd op positieve afhankelijkheid tussen
groepsleden. De bron voor deze afhankelijkheid is de zorg over elkaar bij de
groepsleden.
- Cognitief perspectief