Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 10 pages
Summary

Volledige samenvattingen eindexamens 5de jaar

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 10 pages

Samenvattingen 5de middelbaar ASO: *Fysica: interactie 5.2 *Economie: Economix 5 *Biologie: Biogenie 5.2 *geschiedenis: Passages 5

Content preview

Economie: Thema 2: B
Hoofdstuk 1: Wat is toegevoegde waarde?
Instap:
- Bedrijfskolom
 Schematische voorstelling van de ondernemingen die betrokken
zijn bij het maken van een product

1. Grondstoffen
2. Bewerking
3. Afwerking
4. Verkoop

Toegevoegde waarde (TW):
= De prijs die er bijkomt na elke stap in de bedrijfskolom
- Waarde output – waarde input = bijkomende vergoeding

Voorbeeld:
1. €500  TW = €500
2. €875  TW = €375
3. €2375  TW = €1500
4. €3000  TW = €625
Totaal = €3000

1. 500 – 0 = 500
2. 875 – 500 = 375
3. 2375 – 875 = 1500
4. 3000 – 2375 = 625
Totaal = 500 + 375 + 1500 + 625 = 3000

- De totaal toegevoegde waarde is de prijs die de consument betaald

4 productiefactoren:
- Natuur
- Arbeid
- Kapitaal
- Ondernemingsschap




Opdracht 1: toegevoegde waarde afleiden uit de resultatenrekening:

A. Bedrijfsopbrengsten = alle opbrengsten

, B. Omzet = totale waarde van alle verkochte
goederen
C. Niet-recurrente opbrengsten = meevallers
voor onderneming (verkoop bedrijfswagen)
D. Bedrijfskosten = alles kosten
E. Handelsgoederen, grondstoffen=aankopen die
bedoeld zijn om te verkopen/gebruiken
F. Diensten en diverse goederen = aankopen die
niet bedoeld zijn te verkopen
G. Bezoldiging en sociale kosten= lonen en RSZ
H. Afschrijvingen = jaarlijkse overboeking van een deel van
aanschaffingswaarde van vaste activa op een kostenrekening
I. Voorzieningen = jaarlijks geboekte kosten waarvan bedrag nog niet
vast staat
J. Andere bedrijfskosten = kosten die niet onder andere rubrieken kan
staan (accijnsrechten)
K. Niet-recurrente kosten = tegenvallers voor onderneming
(bedrijfswagen kapot)
L. Bedrijfsresultaat = bedrijfsopbrengsten – bedrijfskosten
M. Financiële opbrengsten= recurrente financiële opbrengsten + niet-
recurrente financiële opbrengsten
N. Recurrente financiële opbrengsten = opbrengsten uit financiële
producten (intresten krijgen)
O. Niet-recurrente financiële opbrengsten = meevallers voor een
onderneming (meerwaarde verkoop vaste activa)
P. Financiële kosten = recurrente kosten + niet-recurrente kosten
Q. Recurrente financiële kosten = kosten van financiële producten
(intresten betalen)
R. Niet-recurrente financiële kosten = tegenvallers van een
onderneming (waardevermindering vaste activa)
S. Resultaat van het boekjaar voor belastingen = bedrijfsresultaat +
financiële opbrengsten – financiële kosten

Document information

Study
KSO
School year
5
Uploaded on
June 20, 2021
Number of pages
10
Written in
2020/2021
Type
Summary
$8.78

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
laurecox
5.0
(1)
Sold
1
Followers
1
Items
3
Last sold
4 year ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions