LeDoux: ‘een geest zonder emoties is geen geest’
Emotie
- Zorgt voor pit in onze ervaringen
- Maakt ze kleurrijker en smaakvoller
- Zowel aangenaam als onaangenaam…
• Emoties tonen aan hoe zeer lichaam en geest verstrengeld z
• Emotie:
= n makkelijk om te bestuderen
• Belevingsaspect = relevant : hoe iets voelt (innerlijke gevoel
dat je opgewekt, boos, bang bent)
= weten we alleen door aan mensen te vragen
Die emoties w gekenmerkt door lichaamreacties
Bv versnelde hartslag
Sommige hebben expressieve betekenis: Andere merken
meteen aan je gezicht of lichaamshouding als je kwaad bent
De plaats van emoties i/h gedrag
• Emoties: welke plaats in geheel van affecten?
• Affect = aantal processen i.v.m. manier waarop individu confrontatie
aangaat tussen situatie en actuele behoeftetoestand
Vb. Als je iets krijgt wat je verlangt voel je je blij
• Affecten = nauw verbonden met behoeften : beide w omschreven
als dynamisch – affectieve component v gedrag
Emoties gevoelens en stemmingen
= 3 soorten affecten die v elkaar verschillen maar ook overlappen
Emoties:
= sterkste v/de 3 + meest duidelijkste vorm v affecten
, - Intense + kortdurende reacties gericht op object/gebeurtenis
- Specifieke reacties op relevante gebeurtenissen
- Waarneembare lichaamsreacties en actiebereidheid
Gevoelens:
= meer vanbinnen + minder intens als emoties (deelaspect v emoties)
- Missen waarneembare lichaamsreacties en actiebereidheid (want
minder intens)
Stemmingen:
= vagere gemoedstoestanden die langer aanhouden
= uitloper v voorbije emoties, g uitlokkende gebeurtenis/oorzaak
K ook endogeen ontstaan: bv door vermoeidheid of ziekte
Op het snijpunt tussen cognitie en motivatie
Emotie
• Vormen reactie op het ervaren (via waarneming, herinnering,
fantasie of gedachten) dat een behoefte al dan niet bevredigd is
Emoties liggen op contact punt tss cognitie en
motivatie
• Emoties k zelf invloed hebben op hoe we een situatie cognitief
ervaren
Emoties en cognitie
Al de affecten die we als mens k ervaren z te positioneren onder:
Onderscheid tss lust en onlust
= bewegen op continuüm: loopt v uitgesproken aangename tot
onaangename gemoedstoestanden
Daarin zit onderscheid tss:
- Cognitieve processen: beperkt zich tot kennisnemen v iets, zonder
gevoelsmatige bijbetekenis