DEEL 1 : PUBLIEKRECHT IN PERSPECTIEF
HOOFDSTUK 1: HET BESTUUR: BASISBEGRIPPEN EN CENTRALE THEMA’S
1. BEGRIP EN EVOLUTIE VAN HET BESTUUR
“C’est une expérience éternelle que tout homme qui a du pouvoir est porté à en abuser (…).
Pour qu’on ne puisse pas abuser du pouvoir, if faut que, par la disposition des choses, le
pouvoir arrête le pouvoir.” Montesquieu, De L’esprit des Lois (1748)
- Verenigen van alle macht in 1 hand à gevaarlijk , hij kwam op de conclusie dat de 18e
eeuwse britse constitutie superieur was , er was sprake van een parlementair stelsel ,
geen echte scheiding tussen regering , parlement
Vreedzame handel , gevolgen van het slecht bewind
( corruptie , oorlog , geweld,…)
Het ideaal beeld , hoe een goed bestuur er moet
uitzien , kerkelijke deugden staan centraal à het
gaat over wereldse deugden ( in dit beeld)
Links ( RM) , onderaan ( WM)
Koort à langs de 12 burgers naar het goed bewind à
ze houden elkaar in evenwicht , waaraan moet het
goed bestuur beantwoorden ? , rechts van de afbeelding à matigheid ( = temperentia) , het bestuur
moet redelijk zijn )
1. TRIAS POLITICA
1
, = horizontale machtenscheiding
- Wetgevende = opstellen algemene regels
- Uitvoerende = regels te doen naleven
- Rechterlijke = beslechten ven geschillen omtrent de
toepassing van die regels
Absolute machtenscheiding = 3 Checks and balances = Evenwicht
overheidsfuncties kunnen zuiver tussen de machten , doel is het
afgebakend worden en moeten elk voorkomen van machtconcentraties,
afzonderlijk aan 3 volledig systeem waar de vss machten elkaar
onafhankelijke organen worden onderling controleren , waarbij ze
toebedeeld wederzijds participeren bij de
uitoefening van elkaars functies
- Amerikaans model = presidentieel regime , WM en UM afzonderlijk van elkaar verkozen
organen , de president en het congres , president kan zijn veto uitoefenen. Voor een
wetsvoorstel , kan worden overgestemd worden door 2 /3e van het huis van afgevaardigde
en de senaat
Afdeling 3 het bestuur
BESTUURSBEGRIP: IMPACT HORIZONTALE MACHTENSCHEIDING
• Bestuur = organen en instellingen van de uitvoerende macht
– Nuancering: ook lokale besturen de lokale besturen die ook bestuurshandelingen
nemen
– Jurisdictioneel dualisme : het naast elkaar bestaan van vss types rechtscolleges ( FR)
– Jurisdictioneel monisme : het verbod van rechterlijke grondwettigheidscontrole van
wetten ( eng)
• Maar meer dan ‘uitvoerende’ taken:
– bepaalde bestuurlijke handelingen hebben een materieel wetgevende inhoud ( =
algemeen bindende normen die uitgevaardigd worden door een bevoegd overheid
) bv. Gemeentereglement
– bestuurlijke rechtscolleges oefenen een rechtsprekende functie uit en zijn geen
besturen bv. Raad van State , die recht spreekt is geen bestuursinstantie maar
rechters
– Ook wetgevende en rechterlijke macht nemen bestuurlijke beslissingen bv. gunning
overheidsopdracht, aanwerving personeel, aantal
2
,KRITIEK OP BUREAUCRATIEMODEL
• Bureaucratiemodel van Max Weber (1864-1920) , zo zou een moderne administratie
moeten werken
– primaat van de politiek à administratie moet ten dienste zijn van de politiek
– administratie voert instructies uit als willoze machine à moet willekeurig zijn , elke
burger op dezelfde manier worden behandeld
– onderworpen aan formele regels en procedures
– gekenmerkt door een depersonalisering van onderlinge verhoudingen
– en een strikte hiërarchie
– primair doel : overheidsmacht aan banden leggen en machtsmisbruik tegen te gaan
en zo de vrijheid van de burger waarborgen
• Gewijzigde perceptie van bureaucratie: log, duur, niet flexibel, gebruiksonvriendelijk, …
• “Government is not the solution of the problem; government is the problem”
- De overheid is belangrijk Ronald Reagan, 20 januari 1981
EVOLUTIE VAN HET BESTUUR
• Overheidsapparaat is steeds verder uitgebouwd, in meest uiteenlopende aangelegenheden
- Openbaar vervoer, gezondheidszorg, burgerlijke stand, sociale zekerheid, cultuur, radio
en televisie, onderwijs, …
- In de welvaartstaat kunnen we zeggen dat we heel veel verwachten van de overheid
• Opkomst van nieuwe organisatievormen en werkmethodes:
- modernisering naar het beeld van het private ondernemerschap
- Verzelfstandiging door beroep op gespecialiseerde diensten en instellingen (zie hierna:
functionele decentralisatie) , zekere autonomie ten aanzien van het centrale gezag (
deconcentratie en decentralisatie worden samengebracht)
à evolutie van de 20e eeuw nieuwe organisatie van de OH , ook een verzelfstandiging ven
het bestuur à waarbij de OH beroep doet op verzelfstandigde besturen ( NMBS, Vrt ,…) à
3
, OH ondernemingen die binnen een bepaald domein beslissingen nemen en een grote
mate van autonomie krijgen t.o.v. het centraal bestuur
- Functionele decentralisatie
- kerntakendebat en privatisering van overheidstaken
à we evolueren we naar een regulerende overheid , leidt tot meer regelgeving , die
sturend werkt , bijna elke OH taak is in handen van een private handen
à kerntaak , zorgt dat wat dat algemeen belang is , dat dat wordt gerespecteerd à van
een bureaucratisch bestuur die onder leiding staat van een private onderneming
à bv : bankencrisis
BESTUREN IN DE GELAAGDE RECHTSORDE
VERTICALE MACHTENSCHEIDING
• gelaagde rechtsorde: burger maakt deel uit van
verschillende overheidsniveaus , het recht dat bij ons van
toepassing is , kan niet worden herleid tot 1 overheid of
beslissingsstructuur
• = verticale machtenscheiding
• Technieken van federale machtenscheiding: federalisme
(autonoom)/ decentralisatie (ondergeschikt)
FEDERALISME EN DECENTRALISATIE
• Federalisme: spreiding van bevoegdheden tussen verschillende autonome rechtsordes
• Decentralisatie: centrale overheid kent taken toe aan ondergeschikte (lokale) besturen ,
toezicht van die centrale OH
– eigen rechtspersoonlijkheid, insteling kan in rechten optreden , maar niet volledig
autonoom is
– bestuurlijk (i.p.v. hiërarchisch) toezicht
– constitutioneel pluralisme
4