ANDERE BRONNEN EN ALGEMEEN DEEL
Inhoudsopgave
DEEL I. DE VERBINTENIS, SITUERING EN BRONNEN VAN HET
VERBINTENISSENRECHT..................................................................................1
HOOFDSTUK 1. Verbintenis: begrip en indelingen...........................................................1
HOOFDSTUK 2. Situering van het verbintenissenrecht....................................................6
HOOFDSTUK 3. Bronnen van het verbintenissenrecht.....................................................6
DEEL II. VERBINTENIS UIT BUITENCONTRACTUELE AANSPRAKELIJKHEID............9
DEEL III. RECHTMATIG VERTROUWEN ALS AUTONOME BRON VAN
VERBINTENISSEN?........................................................................................10
DEEL IV. EENZIJDIGE BELOFTE OF WILSUITING................................................11
DEEL V. ONVERSCHULDIGDE BETALING..........................................................12
DEEL VI. ONGERECHTVAARDIGDE VERRIJKING................................................13
DEEL VII. ZAAKWAARNEMING........................................................................15
DEEL VIII. RECHTSREGELS VERBONDEN AAN VERBINTENISSEN........................17
HOOFDSTUK 1. Pluraliteit van schuldenaren..................................................................17
§1. Vier categorieën: de basisregel en drie uitzonderingen........................................17
§2. Rechtsgevolgen van de drie uitzonderingscategorieën.........................................20
HOOFDSTUK 2. Overdracht van voorwerpen..................................................................22
§1. Cessie van schuldvordering..................................................................................22
§2. Cessie van schuld................................................................................................. 26
§3. Cessie van contract............................................................................................... 27
HOOFDSTUK 3. Uitdoving van de verbintenis of van de rechtsvordering.......................27
§1. Uitdoving van verbintenis door betaling, al dan niet met subrogatie....................27
§2. Uitdoving van verbintenis door schuldvergelijking................................................32
§3. Uitdoving van verbintenis door schuldvernieuwing...............................................36
§4. Uitdoving van de verbintenis door schuldvermenging..........................................37
§5. Uitdoving van verbintenis door schuldkwijtschelding en door afstand van recht. .37
§6. Uitdoving van de rechtsvordering door bevrijdende verjaring..............................38
HOOFDSTUK 5. Bewijs.................................................................................................... 44
§1. Begrip en aard...................................................................................................... 44
§2. Het gereglementeerd bewijssysteem, de uitzonderingen en het beperkte
toepassingsgebied...................................................................................................... 44
,§3. Bewijslast en bewijsstandaard..............................................................................45
§4. Bewijsmiddelen..................................................................................................... 46
,DEEL I. DE VERBINTENIS, SITUERING EN BRONNEN VAN HET
VERBINTENISSENRECHT
HOOFDSTUK 1. VERBINTENIS: BEGRIP EN INDELINGEN
BEGRIPPEN
Het BW definieert niet elk begrip. Te strikte definities zouden het recht minder flexibel
maken. Daarom behoudt de rechter ruimte om begrippen te interpreteren in functie van
de concrete omstandigheden.
Een CONTRACT, of een overeenkomst, is een wilsovereenkomst tussen twee of meer
personen met de bedoeling rechtsgevolgen te doen ontstaan (art. 5.4 BW).
– Een VERBINTENIS (technische / eigenlijke betekenis) is een rechtsband
(vinculum juris) op grond waarvan een schuldeiser van een schuldenaar, indien
nodig in rechte, de uitvoering van een prestatie mag eisen (art. 5.1 BW).
o 4 essentiële elementen:
1. Prestatie (voorwerp) = wat moet gedaan worden (geven, doen, niet
doen…)
2. Partijen
- Schuldeiser (crediteur)
- Schuldenaar (debiteur)
3. Rechtsband tussen personen
4. Afdwingbaarheid (in rechte)
o Voorbeeld: koopcontract
Er ontstaan meerdere verbintenissen.
Koper (SE) verkoper (SA): eisen om het goed te leveren
Verkoper (SE) koper (SA): betaling eisen
…
(!) Verwar niet het contract met de verbintenissen die UIT het contract
voortvloeien (!)
Tip: maak schema’s als je oefeningen maakt.
– Een VERBINTENIS (oneigenlijke betekenis) is de verplichting (schuld) waartoe
een schuldenaar gehouden is binnen een bepaalde rechtsband.
= perspectief van de SA / passieve zijde van een boekhoudkundige balans
Bijv. “De verkoper heeft de verbintenis om te leveren.”
Bijv. in art. 5.6, tweede lid BW
1
, Boekhoudkundige vergelijking:
• Links → Activa
schuldvorderingen (= persoonlijk recht van de schuldeiser)
• Rechts → Passiva
schulden (= verbintenis in de zin van verplichting)
Voorbeeldvraag: je krijgt een artikel en je moet bij dit artikel zeggen welke betekenis
gebruikt wordt.
Verbintenis vs schuld vs schuldvordering
Begrip Perspectief
Verbintenis De volledige rechtsband
Schuld Vanuit de schuldenaar (passief)
Schuldvordering / persoonlijk recht Vanuit de schuldeiser (actief)
VERBINTENIS VERSUS OBLIEGENHEIT
– Verbintenis
o Afdwingbaar in rechte
o SE kan uitvoering eisen van SA
– Obliegenheid (last)
o Niet afdwingbaar
o Maar: als je niet naleeft verlies je een aanspraak (je recht vervalt)
Bv. de schadebeperkingsplicht (art. 5.238 BW)
Bv. verplichting v/e koper om vordering o.g.v. verborgen gebreken
in te stellen in de vervaltermijn tegen de verkoper (art. 1648 oud
BW)
AFDWINGBAARHEID: 3 CATEGORIEËN
1) Volwaardige verbintenis (civiele verbintenis)
= volledig afdwingbaar in rechte
SE kan voorwerp v/d verbintenis, indien nodig in rechte, afdwingen v/d
SA
2) Morele plicht
= niet juridisch afdwingbaar, enkel sociaal/moreel
3) Natuurlijke verbintenis (art. 5.2 BW)
= niet afdwingbaar in rechte, maar: SA die vrijwillig uitvoert geeft aan dat hij zich
door de verbintenis gebonden acht
Zwakke werking (geen rechtsvordering)
2