Normaliter vangt een proces aan met een dagvaarding (2 betekenissen).
-Oproeping om voor de rechter te verschijnen
-Exploot waarin na te lezen valt welke vordering er is ingesteld
Dagvaardingsprocedure 78 lid 1 Rv.
-Vereisten staan in art. 111 Rv.
-Vereisten voor exploten staan in art. 45 e.v. Rv.
1. De dagvaarding
2. De conclusie van antwoord
3. De comparitie na antwoord
4. De conclusie van repliek
5. De conclusie van dupliek
6. Het horen van getuigen
De gronden van de eis
Hiertoe behoren de substantieringsplicht en de bewijsaandraagplicht art. 111 lid 3 Rv.
Substantieringplicht: Welke verweren de gedaagde heeft gevoerd voorafgaande aan
de dagvaarding. Het dwingt om meteen tot de kern te komen.
Bewijsaandraagplicht: Eiser moet bewijs opnemen voor de weerlegging van de
verweren van de gedaagde.
Uitgangspunt is dat er een week tussen de dagvaarding en het proces zitten 114 jo.
119 rv – termijn vangt aan op de dag nadat het exploot aan de gedaagde – is
betekend.
De conclusie van antwoord
Dit is het processtuk waarin de gedaagde uitlegt wat zijn visie op het verhaal is. In de
CvA – komt het beginsel van concentratie van verweer aan de orde 128 lid 3 Rv.
Exceptief verweer: zijn verweermiddelen die ertoe strekken dat de rechter – vanwege
processuele vormen – niet tot de beoordeling van rechtsbetrekking in geschil kan
komen. Dan volgt er geen inhoudelijk oordeel - moet in CvA opgenomen zijn.
Principaal verweer: alle verweren die niet exceptief zijn
De comparitie na antwoord
Ook wel de mondeling behandeling, art. 131 rv.
Casus:
Mara schakelt makelaar Ruut Sticht in voor de aankoop van een appartement.
Tijdens de bezichtiging zijn vochtsporen zichtbaar, maar de verkoper verzekert dat de
lekkage is gerepareerd en belooft de vochtplekken te verwijderen. Mara koopt het
appartement, maar na eigendomsoverdracht blijkt uit een bouwtechnisch onderzoek
dat de lekkage niet is gerepareerd en er zijn diverse reparaties nodig.
, De verkoper biedt geen verhaal, dus Mara richt zich op Sticht en dagvaardt hem voor
nalatigheid, eisend €100.000.
Sticht schakelt een advocaat in. De advocaat zegt na bestudering dat de vermelding
omtrent komen met advocaat ontbreekt. En adviseert geheel niet te verschijnen.
(1)Wat zal de rechter beslissen als hij constateert dat zich geen advocaat stelt voor
Sticht, en welk procesrechtelijk beginsel ligt daaraan ten grondslag?
Ant: Art. 111 lid 2, aanhef en sub h Rv – niet in acht genomen. Zaak kent verplichte
procesvertegenwoordiging. In beginsel leidt dit gebrek tot nietigheid art. 120 lid 1 Rv.
Op grond van art. 121 lid 1 Rv – zal de rechter – geen verstek verlenen vanwege de
nietigheid. 121 lid 2 Rv, rechter zal een nieuwe dag bepalen en gelasten dat de
gedaagde tegen die dag zal worden opgeroepen met herstel van het gebrek.
Het beginsel van hoor en wederhoor en toegang tot de rechter.
(2) Advocaat González vertegenwoordigt Sticht en dient tijdig een conclusie van
antwoord in, waarin hij elke aansprakelijkheid afwijst. Sticht beweert dat hij Mara had
geadviseerd een bouwtechnisch rapport te laten opmaken. Mara ontkent dit en
beschuldigt Sticht van wanprestatie. De rechter kondigt een vonnis met een
bewijsopdracht aan en overweegt hoe de bewijslast te verdelen?
Ant: Art. 150 Rv. Diegene die zich … bewijs van die feiten. Mara vordert
schadevergoeding (rechtsgevolg) – op haar rust dan de bewijslast. Echter, de
makelaar betwist dat hij tekort is geschoten, doordat hij stelt dat Mara heeft
afgeraden aan de overdracht mee te werken, oftewel hij beroept zich niet op een
rechtsgevolg. Zijn verweer is ter betwisting. Het daarvan te leveren bewijs is dus te
beschouwen als tegenbewijs HR Ongeval St. Oedenrode.
(3). Rechtbank wijst enige tijd later vonnis. In het dictum wordt aan een van de
partijen een bewijsopdracht gegeven en verder niets. Mara vordering niet
toegewezen. Zij heeft het gevorderde bedrag van €100.000 hard nodig om de
reparaties te kunnen laten verrichten en wil zo snel mogelijk hoger beroep instellen.
Wanneer is dit mogelijk?
Ant: Dit is een tussenvonnis (bewijsopdracht), het is een ander tussenvonnis art. 337
lid 2 Rv. Tegen een dergelijk vonnis staat alleen hoger beroep open tegelijk met het
nog te wijzen eindvonnis of met toestemming van de rechter. Mara moet
toestemming vragen om tussentijds hoger beroep in te stellen.
(4) Mara wil conservatoir beslag leggen op Sticht’s goederen om zeker te zijn van
betaling van €100.000. Ze vraagt zich af welke risico’s hieraan verbonden zijn als
haar vordering wordt afgewezen.
Ant: Op grond van het HR Ontvanger/Bos is de beslaglegger, wiens vordering
geheel wordt afgewezen, in beginsel aansprakelijk uit onrechtmatige daad.
‘risicoaansprakelijkheid’. Behoudens bijzondere omstandigheden is de beslaglegger
gehouden tot schadevergoeding jegens de beslagene als de eis in hoofdzaak niet
tijdig door hem is ingesteld of als deze wordt afgewezen.