INLEIDING TOT ONDERZOEK
BELANG VAN ONDERZOEK
Een probleem te ontdekken
Informatie te vergaren
Opzoekwerk
(participeren), nieuwe dingen uitproberen
Wetenschappelijk onderzoek = bepaalde methodieken om gedrag van bepaalde cliënten te
beperken
Bepaalde handelingen doen op stage vragen stellen over methodiek (wetenschappelijke
info halen)
Belangrijk: open houding, kritisch zijn, vragen stellen, geen schrik hebben
o Complexe beroepspraktijk die voortdurend in beweging is
o Het optimaal functioneren van de cliënt = het doel
Dit vereist een onderzoekende beroepshouding = aannemen om te observeren, een bepaald
gedrag plaatsen, interesse tonen vragen stellen op stage, tussen de doelgroep lopen (participeren),
nieuwe dingen uitproberen
Een onderzoekende beroepshouding houdt een open, kritische & creatieve houding in:
Tijdens de corona-pandemie is je opgevallen dat Effectiviteit van hulpverlening bij hoog-
ouders van de cliënten uit jouw leefgroep zich in conflictueuze scheidingen
de steek gelaten voelden. Je wil de noden van
de ouders in kaart brengen & in team bespreken
om hier ook in de huidige werking zo goed
mogelijk rekening mee te kunnen houden
Een collega-opvoeder stelt op de De ouderrol in de residentiële jeugdhulp
teamvergadering voor om cliënt X vaker te
fixeren omwille van agressief gedrag. Je vraagt
naar de observaties van je collega &
theoretische inzichten hieromtrent
Je wordt de individuele begeleider van een cliënt Problematische ouder-kindrelaties
uit jouw leefgroep. Je vraagt aan de cliënt, de
ouders & je team hoe zij jouw rol ingevuld zien
SOORTEN ONDERZOEK & HUN DOELEN
Fundamenteel onderzoek Toegepast onderzoek Praktijkonderzoek
Theorievorming & theorietoetsing Toepassing van kennis om Begrijpen & verbeteren van de
generieke problemen op te lossen eigen praktijk
Kennis = generaliseerbaar Kennis = probleemgebonden Kennis = probleemgebonden in een
Veralgemenen (resultaten Info die men heeft om een specifieke context
van de doelgroep kan je algemeen onderzoek Dat zou beter kunnen,
vergelijken met een gemeente of welbevinden opkrikken
1
, onderzoek van het internet vriendengroep te baseren Graduaatsproef =
(specifiek doel) praktijkonderzoek
Voorbeeld: een onderzoek met de
vraag: wat is de invloed van Voorbeeld: een Voorbeeld: een jongerenwerker doet
vriendschapsrelaties op de onderzoeksinstelling doet binnen haar organisatie onderzoek
ontwikkeling van delinquent gedrag onderzoek naar de wijze waarop naar de wijze waarop de meisjes die
bij jongeren? buurtcoaches in een gemeente de ze begeleidt zich laten beïnvloeden
vriendengroep van risicojongeren door de vriendengroep bij het
in kaart kunnen brengen nemen van beslissingen
OEFENING: WELK SOORT ONDERZOEK?
Onderzoeksvoorbeeld Soort onderzoek
Er wordt onderzoek gedaan naar de invloed van Fundamenteel onderzoek (algemeen op de
doof zijn op het zelfvertrouwen van jongeren) sleutelwoord: jongeren
adolescenten
Een student evalueert het effect van Praktijkonderzoek (op zijn stageplaats)
muziektherapie als behandeling voor een patiënt sleutelwoord: stageplaats
met shizofrenie op zijn stageplaats
Er wordt onderzoek gedaan naar de wijze Toegepast onderzoek (probleem helpen)
waarop psychotherapie mensen met een sleutelwoord: helpen
verstandelijke beperking kan helpen
DEFINITIE PRAKTIJKONDERZOEK
Praktijkonderzoek in zorg & welzijn is onderzoek dat wordt uitgevoerd door zorg- & dienstverleners,
waarbij op systematische wijze in interactie met de omgeving antwoorden verkregen worden op
vragen die ontstaan in de eigen beroepspraktijk & gericht zijn op verbetering van deze praktijk
Defintie niet van buiten kennen: enkel de vetgedrukte woorden begrijpen
o Systematische wijze = bepaalde stappen in gestructureerde manier vormen (bepaalde
volgorde)
o Interactie met de omgeving = doelgroep, collega’s, directie, ouders
o Ontstaan in de eigen beroepspraktijk = doelgroep, uw stageplaats
o Verbetering van deze praktijk
Student zag op stageplaats dat de activiteiten soms te moeilijk/gemakkelijk
waren voor de cliënten (zowel cognitief als emotioneel). Hierbij ging ze
zichzelf vragen stellen (wat is de ontwikkelingsleeftijd? Zijn de activiteiten
aangepast aan hun niveau?) ze ging op zoek naar andere activiteiten die
uitdagend waren, ze maakte 1taakdozen waarbij in iedere doos materialen in
zaten: hoe kan ik dit doen? Kunnen ze zelfstandig mee, hebben de mensen
hieruit geleerd?
2 VORMEN VAN PRAKTIJKONDERZOEK
Kennisgericht praktijkonderzoek Ontwerponderzoek
Praktijkonderzoek waarbij je indirevt werkt aan Praktijkonderzoek waarbij je direct werkt aan
verbetering van je eigen beroepspraktijk door je verbetering van je eigen beroepspraktijk door je
grondig te verdiepen in een praktijkprobleem te verdiepen in een praktijkprobleem & de
nieuwe kennis & inzichten verwerven oplossing om op basis daarvan doelbewust een
Ging het uitzoeken in dossier welke ontwerp in te voeren & te testen
leeftijd heeft hij & wat kan hij doen verbetering in beroepspraktijk realiseren
(kennis verwerven) 1taakdozen ontworpen
Nieuwe inzichten verwerven Met de kennis die ze had
2
, Verdiepen om in de prakrijk daar ook
mee kunnen om te gaan
ONDERZOEKSCYCLUS
1. KERNACTIVITEIT:
ORIËNTEREN
AANLEIDING PRAKTIJKONDERZOEK
Praktijkonderzoek kan starten:
Door aanleidingen op eigen initiatief = welke praktijksproblemn hebben jullie al ervaren?
In het kader van een opleiding (vb. graduaatsproef)
Aanleidingen op organisatieniveau of externe aanleidingen
o Voorbeeld: de coördinator van je leefgroep voor personen met een ernstig
verstandelijke beperking vraagt je om variatie te brengen in het activiteitenaanbod
aanwezig in de leefgroep. Je merkt op dat er een aanbod is maar dat de huidige
activiteiten niet volledig afgestemd zijn op de interesses van de cliënten & wenst de
activiteiten hierop aan te passen
SOORTEN PRAKTIJKPROBLEMEN
1. Fase waarbij je in contact met de cliënt komt Voorbeeld: Ik heb moeite
Handelingsverlegenheid maar je blokkeert om contact te maken met
zwerfjongeren.
2. Dilemma of kwestie We hebben een hele groep, anders moeten wij Voorbeeld: Moeten we nu
hulp inschakelen van het wit-gele kruis wel of niet inspelen op
langer zelfstandig thuis
wonen?
3. Verbeterbehoefte Dat je het volgende keer beter doet, zit in een Voorbeeld: Er is te weinig
proces (vallen/opstaan) leren, iets ruimer die aandacht voor de nazorg
activiteit moeten we aanpassen, iets verbeteren, van jongeren met een
welbevinden heel laag, we gaan daar iets alcoholintoxicatie.
aandoen
4. Leer- of Aanpak onderzoeken Voorbeeld: Hoe kunnen
ontwikkelbehoefte we in ons verpleeghuis
meer inspelen op de
interesses van onze
bewoners?
5. De behoefte om te Iets checken, iets ruimer Voorbeeld: Hoe geven de
toetsen of te valideren wijkverpleegkundigen in
3
, onze regio invulling aan
dialooggericht werken?
PRAKTIJKPROBLEEM SIGNALEREN
Cyclus wordt een onderwerp aan gekoppeld gaat in diepte richten
Op welke manier zou je op je werkplek een praktijkprobleem kunnen ontdekken?
Observeren
Gesprek met cliënt
Onderzoeken hoe ze het op een andere plaats gaan doen
Familieleden, coördinator, collega’s aanspreken
Technieken van de probleemsignalering:
Brainstormen
o Kernwoorden, nadenken, praktijkprobleem in deelstukjes kappen)
Een logboek bijhouden
o Alle bijeenkomsten in een boekje volgen, wat kom je tegen, feedback gekregen,
overzicht hoe de dagen eruit ziet, verzameling van alle ervaringen
Reflecteren
o Over uzelf denken, samen met anderen die u bezig zien, wat kan ik aanpassen & wat
kan ik opnieuw doen
Observatie door anderen
o Hangt eraan vast, gaan u feedback geven
In gesprek gaan met collega’s, cliënten & andere betrokkenen
o Wit-gele kruis (externen), ouders
Interne bronnen, screenen (bv. verslagen van vergaderingen, beleidsteksen
o In ontdekken wat hier aan de hand is, planningsgesprek (missie & visie)
Doel van deze technieken = patronen/verbanden ontdekken om praktijkprobleem te signaleren
CONTEXTANALYSE
Context = omgeving
Kenmerken van de beroepspraktijk:
Missie, visie, kernwaarden & beleid van de organisatie
Externe omgeving
o Economisch probleem = ontspanningsruimte, kan ik budget krijgen/moet ik sponsors
hebben
Organisatiestructuur & -cultuur
o Schema = organogram (hiërarchie van de organisatie)
Kwaliteitszorg
o Kwaliteitshandboek = bieden aan de cliënten
o PXL noemt ons junior-collega’s, geen studenten
Belangen
o Belangen klanten, organisatie rekening mee houden, moeten cijfers, waar streeft men
naar
Dagelijkse dynamiek
o Dagelijkse hulppraktijk, hoe zou je die omschrijven, gang van zaken
Taalgebruik
4