EVALUATIE
Geldt voor 40%
INLEIDING
Grieks: pedagogia = “kinderleiding”
Kind in het Grieks = paidos
Leiding geven, opvoeden = agogein
o Bij de Grieken had men slaven, aan wie men het opzicht over de jongens
toevertrouwde. Deze slaven moesten de knapen naar het gymnasium (z. d. w.)
brengen & er vandaan halen en hen tot op zekere leeftijd overal vergezellen. Deze
slaven nu heetten pedagogen. Onder hen had men vele ontwikkelde lieden, die
inderdaad in plaats van oppassers leermeesters, opvoeders der jeugd waren. Zo
kreeg het woord pedagoog zijn tegenwoordige betekenis van opvoedkundige.
Opvoeding:
De begeleiding & stimulering van de ontwikkeling kind – volwassene
Het bereiken van een redelijke mate van autonomie (zelfstandigheid) & eigen controle
(onafhankelijkheid)
De opvoeding gebeurt steeds in een context, een beperkte context (gezin, school, buurt) &
een zeer ruime context (maatschappij)
MENS & MAATSCHAPPIJBEELD (PEOPLE & SOCIETY)
Hoe beïnvloedt deze maatschappij de opvoeding?
Kenmerk Voorbeelden
1. Wetenschap & techniek Technologie helpt ouders om de ontwikkeling van kinderen te volgen
& te ondersteunen, bv. via educatieve apps
2. Gespecialiseerde samenleving Ouders kiezen voor gespecialiseerde hulp zoals een AUTI-coach om
de opvoeding op maat van het kind te maken, menopauze
3. Toenemend onderwijs- & Meer online bronnen stellen ouders in staat om extra kennis &
informatieaanbod vaardigheden aan hun kinderen aan te bieden, waarom opleiding
‘Graduaat in de orthopedagogische begeleiding’ gekozen (veel
keuzes) + internet
4. Materiële welstand Ouders kunnen meer investeren in ontwikkelingsmateriaal &
therapieën voor hun kinderen, meerheid: hoge materiële welstand
(woont in een goed huis & kan opleiding betalen), spullen beroveren
5. Maximalisering van productie Ouders stimuleren kinderen vaak vroeg om vaardigheden te
ontwikkeling die bijdragen aan succes in school & werk, kunnen veel
producten laten produceren, maatschappij biedt ons heel veel
spullen, risico = minder waarde eraan legt
1
,6. Toename aan vrije tijd Meer vrije tijd zorgt voor meer gezamenlijke activiteiten tussen
ouders & kinderen wat de band versterkt, zondag = vrije dag, alle
winkels zijn open
7. Multiculturele samenleving Ouders leren hun kinderen respect voor diverse culturen door
verschillende tradities & talen te intergreren in de opvoeding,
racisme, hoofddoek dragen
8. Milieubewustzijn Ouders bevorderen duurzaamheid, bv. door kinderen door kinderen
te leren over afval sorteren of tuinieren, klimaat, risico duur
9. Onzekerheden & crisissen Ouders reageren op crissis door kinderen te leren omgaan met
veranderingen en veerkracht te ontwikkelen, hongersnood, migratie,
corona-crisis
antwoord = JA
De opvoeding kan de maatschappij beïnvloeden maar de maatschappij kan ook de opvoeding
beïnvloeden
o = wisselwerking tussen beiden
OMSCHRIJVING VAN HET BEGRIP OPVOEDING – KOK
KOK = Opvoeden is in relatie staan van opvoeder en opvoedeling waarin de opvoeder zich als
persoon, als zijn wijze van mens-zijn presenteert, een klimaat creëert dat persoonlijkheidsgroei
bevordert en een leefsituatie zo hanteert dat deze optimale kansen kan bieden tot zelfontplooiing.
Dit dynamisch proces heeft een functioneel karakter (om mensen tot volwassenheid te brengen)
Klimaat creëren – situaties vormgeven – relaties presenteren orthopedagogisch handelen
MODEL VAN HELLINCKX
De kern van het model
= gebaseerd op
interactie en context.
Het legt de nadruk op
hoe het gedrag van
een kind wordt
beïnvloed door de
interactie met zijn
omgeving & hoe deze
omgeving op haar
beurt weer door het
kind wordt beïnvloed.
Dit model is sterk
gebaseerd op een
systeembenadering en
kijkt naar zowel de
risicofactoren als de
beschermende factoren.
2
, DEFINITIE
In een geheel van dagdagelijkse interacties toont het kind zich met zijn orthopedagogische vraag
(vraag naar een bepaalde pedagogische aanpak) , die afhankelijk is van zijn temperament, genetische
bagage en persoonlijkheid, geven opvoeders/ ouders een orthopedagogisch antwoord, gestuurd door
eigen geschiedenis, persoonlijkheid en erfelijke aanleg Dit gebeurt in een bepaalde context
DOMEINEN BINNEN HET MODEL
Het model analyseert 3 belangrijke niveaus:
1. Opvoeder & opvoedeling
2. Gezin
3. Buurt & maatschappij
1. Opvoeder & opvoedeling
Pedagogische vraag Dagdagelijkse interacties in een pedagogisch aanbod
bepaalde context
Samengevat: De pedagogische vraag en het pedagogisch aanbod vormen een dynamische
wisselwerking. Het doel is dat de opvoeder inspeelt op de unieke behoeften van het kind, zodat het
zich veilig, competent en gewaardeerd voelt
2. Gezin
Dit is een opsomming van belangrijke factoren en processen die worden onderzocht bij de analyse
van een gezin binnen een systeemtheoretische benadering, zoals het model van Hellinckx of andere
gezinsdiagnostische modellen. Hier volgt een uitleg van elk aspect:
Partnerrelatie: dit verwijst naar de relatie tussen de ouders of verzorgers in een gezin
o Hoe verloopt de communicatie?
o Is er sprake van steun, gelijkwaardigheid, conflict of harmonie?
o De kwaliteit van de partnerrelatie heeft invloed op de opvoeding & het emotioneel
welzijn van de kinderen
Interactie siblings: dit gaat over de interactie tussen broers & zussen in een gezin
o Hoe gaan ze met elkaar om? Is er rivaliteit, samenwerking of bescherming?
o De dynamiek tussen siblings kan invloed hebben op de ontwikkeling van sociale
vaardigheden & zelfbeeld van elk kind
Gezinsorganisatie: dit kijkt naar hoe een gezin functioneert als geheel. Dit wordt verder
opgedeeld in interactieprocessen
o Interactieprocessen:
Ruimtelijke territorium: hoe wordt de fysieke ruimte in huis verdeeld? Bv. heeft
iedereen een eigen kamer of wordt ruimte gedeeld? Dit kan invloed
hebben op het gevoel van privacy en autonomie
Psychisch territorium: dit verwijst naar emotionele grenzen & persoonlijke
ruimte binnen het gezin. Is er respect voor ieders emoties, gedachten &
behoeften?
Handelingsterrein: wie heeft welke rollen & verantwoordelijkheden binnen het
gezin? Denk aan huishoudelijke taken, beslissingen nemen & zorg voor
elkaar
o Kluwen of loszand:
3